Het Johannes-evangelie (10a)
Bijbelgedeelte: Johannes 3 vers 11-21 “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wij spreken wat Wij weten en Wij getuigen wat Wij hebben gezien; en u1 neemt ons getuigenis niet aan” (vs. 11) Dat ‘Wij’ in dit vers kan niet verwijzen naar de profeten van het Oude Testament, want zij wisten of begrepen vaak niet wat ze moesten spreken. De Heer Jezus bedoelt met de ‘Wij’ Goddelijke personen; Hij was hier op aarde aan het woord, en ook de Heilige Geest zou...
Het Johannes-evangelie (10b)
Vervolg bijbelgedeelte: Johannes 3 vers 11-21 “En niemand is opgevaren in de hemel, dan Hij die uit de hemel is neergedaald, de Zoon des mensen <die in de hemel is>” (vs. 13) Zijn Henoch en Elia niet ook opgevaren naar de hemel? Wel, zij werden levend opgenomen, maar er zijn nog steeds grote verschillen met wat hier over de Heer Jezus wordt gezegd. Henoch werd opgenomen (Hebr. 11:5), en Elia werd weggenomen van Elisa (2 Kon. 2:10), beiden handelden...
Het Johannes-evangelie (10c)
Vervolg bijbelgedeelte: Johannes 3 vers 11-21 Eeuwig leven Het resultaat voor elke Israëliet die naar de koperen slang keek, was dat hij in leven bleef. Maar het resultaat voor iedereen die in de verhoogde Zoon des mensen gelooft, is echter nog veel meer. Het resultaat is niet alleen, dat hij in leven blijft, maar dat hij eeuwig leven ontvangt. Het is niet alleen een redding voor dit aardse leven, maar de hoogste zegen die een mens ooit kan ontvangen....
Het Johannes-evangelie (10d)
Vervolg bijbelgedeelte: Johannes 3 vers 11-21 “Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden opdat Hij de wereld zou oordelen, maar opdat de wereld door Hem behouden zou worden” (vs. 17). Dit vers toont ons het karakter van de openbaring van God in de Zoon: Hij wil redden en niet oordelen. Wanneer we dit zien tegen de achtergrond van 4000 jaar geschiedenis van de mensheid, waarin God alle wegen met de mens had geprobeerd in de verschillende...
Het Johannes-evangelie (11)
Bijbelgedeelte: Johannes 3 vers 22-36 Het laatste getuigenis van Johannes de Doper De laatste verzen van dit hoofdstuk bevatten het laatste getuigenis van Johannes de doper; het is een getuigenis van een zeer verheven soort. Het toont op een heel bijzondere manier de nederigheid van deze grootste man die uit vrouwen geboren is (Matth. 11:11). “Daarna kwam Jezus met zijn discipelen in het land van Judéa en hield Zich daar met hen op en doopte. En ook Johannes doopte, in...
Het Johannes-evangelie (12a)
Bijbelgedeelte: Johannes 14 vers 1-3 Aantekeningen bij de overdenking van Johannes 4 vers 1-38 Inleidende opmerkingen over Johannes 4 In Johannes 4 komen we tot een hoogtepunt in dit Evangelie. In Johannes 1 zagen we hoe de Heer Jezus zoekende zielen vindt – maar hier in Johannes 4 hebben we geen zoekende ziel, hier wekt de Heer Jezus allereerst een behoefte op die er eerder niet was. In Johannes 2 zagen we hoe de tempel, de plaats waar God...
Het Johannes-evangelie (12b)
Bijbelgedeelte: Johannes 14 vers 4-6 “En Hij moest door Samaria gaan” (vs. 4). De Samaritanen waren een gemengd volk en de Joden hadden geen omgang met hen (vs. 9). De opmerking in dit vers maakt opnieuw duidelijk, dat de Heer Jezus in dit evangelie van Johannes vooral wordt voorgesteld als de Heiland van de hele wereld (Johannes 1:29; 3:16; 4:42), Die verder gaat dan de nauwe grenzen van Israël. Wanneer Hij Zijn discipelen uitzendt in Mattheüs 10 vers 5,...
Het Johannes-evangelie (12c)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 7-14 “Er kwam een vrouw uit Samaria water putten. Jezus zei tot haar: Geef Mij te drinken” (vs. 7). Nu ontmoeten twee verstotenen elkaar. De vrouw was een verstotene vanwege haar grote zonde, en de Heer was ook niet gewild en niet erkend, maar Hij werd verworpen vanwege Zijn heiligheid. We zien hier ook de hele vernedering van de eeuwige Zoon van God, Die daar moe en uitgeput voor deze vrouw zat en om een...
Het Johannes-evangelie (13a)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 15-19 “De vrouw zei tot Hem: Heer, geef mij dat water, opdat ik geen dorst heb en ik niet meer hier kom om te putten” (vs. 15). Hier begint het tweede grote deel van het gesprek van de Heer Jezus met deze vrouw. Haar verzoek maakt duidelijk, dat haar interesse gewekt is, maar het maakt ook duidelijk, dat ze nog niets begrepen had van wat de Heer Jezus had voorgesteld. Ze denkt nog steeds aan...
Het Johannes-evangelie (13b)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 20-22 “Onze vaderen hebben op deze berg aangebeden, en U [1] zegt dat in Jeruzalem de plaats is waar men moet aanbidden” (vs. 20). De vrouw probeert nu weer te ontwijken en het gesprek in een andere richting te sturen. Deze twee ervaringen doen zich vaak voor in gesprekken met verlorenen, dat er aan de ene kant onbegrip is en aan de andere kant een verlangen om te ontwijken. Maar opnieuw laat de Heer Zich...

