Het Johannes-evangelie (13c)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 23-24 “Maar er komt een uur, en het is er, dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest en waarheid; immers, de Vader zoekt ook zulke [personen] die Hem aanbidden. God is een geest1, en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid” (vs. 23+24). Nu leidt de Heer de vrouw naar een tijd waarin beide opzij gezet zullen worden, zowel de menselijke godsdienst van de Samaritanen als de door God...
Het Johannes-evangelie (13d)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 25-26 “De vrouw zei tot Hem: Ik weet dat [de] Messias komt, die Christus wordt genoemd; wanneer Die is gekomen, zal hij ons alles verkondigen” (vs. 25). De Heer had de vrouw gezegd, dat de Samaritanen niet wisten wat ze aanbaden (vs. 22); De vrouw geeft hier nu gehoor aan en zegt, dat ze iets weet, namelijk dat de Messias komt. Ze had blijkbaar de verwijzingen uit de vijf boeken van Mozes naar de Heer Jezus...
Het Johannes-evangelie (14a)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 27-34 “En hierop kwamen zijn discipelen en verwonderden zich dat Hij met een vrouw sprak; toch zei niemand: Wat zoekt u? of: Wat spreekt u met haar?” (vs. 27). In deze verzen 27-30 doet de Heer Jezus niets en zegt Hij ook niets. Eerst staan de discipelen voor ons, dan de vrouw en dan de mensen in de stad. De discipelen hadden niets gehoord van het gesprek van de Heer met de vrouw, want ze...
Het Johannes-evangelie (14b)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 35-38 Het gesprek van de Heer met Zijn discipelen – de oogst van de discipelen (vs. 35-38). In zekere zin wordt het thema van het werk van God ook voortgezet in vers 35-38 – maar nu niet in wat de Heer Jezus deed, maar in wat Zijn discipelen moesten doen. Het gaat in de eerste plaats over de oogst waartoe de discipelen worden gezonden, maar het gaat ook opnieuw over het zaaien. Bij het overdenken van...
Het Johannes-evangelie (15a)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 39 tot 42 Dillenburg 2018 Terugblik op de verzen 1–38 We hebben in de eerste hoofdstukken van dit evangelie gezien hoe de Zoon van God vanaf het begin volledig door zijn volk werd verworpen (Joh. 1:11). En nu, in hoofdstuk 4, zien we dat de Vader de Zoon vrucht geeft precies daar waar men dat, naar menselijk inzicht, het minst zou verwachten, namelijk in Samaria. De Joden beschouwden zichzelf als ver verheven boven dit Samaria, en...
Het Johannes-evangelie (15b)
Bijbelgedeelte: Johannes 4 vers 43 tot 54 Van Samaria terug naar Galiléa(vs. 43–54) “En na die twee dagen vertrok Hij vandaar <en ging> naar Galiléa” (vs. 43). Voordat de Heer Jezus het tweede teken in Kana in Galiléa verricht, wordt in de verzen 43-45 een zekere tegenstelling zichtbaar. De Galileeërs ontvingen Hem niet vanwege Zijn woord, zoals de Samaritanen, maar omdat ze Zijn wonderen hadden gezien en gehoord. Wanneer we zo’n getuigenis over onszelf zouden horen, zouden we dan niet...
Het Johannes-evangelie (15c)
Bijbelgedeelte: Johannes 5 vers 1-9 Inleidende opmerkingen over hoofdstuk 5 Hoofdstukken 5 tot en met 7 van het Evangelie van Johannes vormen een eenheid. Elk van deze drie hoofdstukken begint met een feest en de beschrijving van een gebeurtenis, die vervolgens steeds verder wordt uitgewerkt en uitgelegd in een toespraak van de Heer. Maar de toespraken van de Heer gaan altijd veel verder dan wat in de inleidende gebeurtenissen van de betreffende hoofdstukken voorgesteld wordt. Het thema van elk van...
Het Johannes-evangelie (15d)
Bijbelgedeelte: Johannes 5 vers 10-18 “De Joden dan zeiden tot de genezene: Het is sabbat, en het is u niet geoorloofd uw rustbed op te nemen” (vs. 10). Nu komen de aanhangers van het Joodse geloof, die zagen dat de wet de man niet kon genezen; en wanneer ze hem genezen zien, zeggen ze hem dat hij zijn bed op sabbat niet mag dragen. Men kan nauwelijks verder van God verwijderd zijn! Gevangen in een systeem, dat het vlees nog...
Het Johannes-evangelie (16a)
Bijbelgedeelte: Johannes 5 vers 19-20 Het gesprek van de Heer Jezus – de eenheid van de Vader met de Zoon De Heer Jezus gebruikt de haat en afwijzing van de Joden niet als reden om een einde te maken aan de bediening waarover Hij in vers 17 sprak. Integendeel, Hij openbaart nu iets van Zijn heerlijkheid, zoals het nog niet zo gedetailleerd in dit evangelie is uitgedrukt. Drie keer in deze passage benadrukt de Heer Jezus iets met dit nadrukkelijke...
Het Johannes-evangelie (16b)
Bijbelgedeelte: Johannes 5 vers 21-23 “Want zoals de Vader de doden opwekt en levend maakt, zo maakt ook de Zoon levend wie Hij wil” (vs. 21). Met deze woorden maakt de Heer Jezus onderscheid tussen het opwekken van de doden en het levend maken ervan. We vinden deze twee uitdrukkingen ook naast elkaar in Kolosse 2 vers 12-13 en Efeze 2 vers 5-6. Het opwekken van de doden brengt ons naar een andere wereld, terwijl het levend maken ons in...
