Galaten 6 vers 14
“Maar ik wil volstrekt niet roemen dan alleen in het kruis van onze Heer Jezus Christus, door Wie voor mij [de] wereld gekruisigd is, en ik voor [de] wereld.” In het begin van Galaten stelde de apostel Paulus vast, dat het evangelie dat hij verkondigde niet naar de mens was, maar door de openbaring van Jezus Christus, die Zichzelf voor onze zonden heeft overgegeven, opdat Hij ons uit deze tegenwoordige boze wereld zou verlossen. Het is door dit evangelie, dat...
Galaten 6 vers 2
Draagt elkaars lasten, en zo zult u de wet van Christus vervullen. Op het kerkhof staan veel statige sparrenbomen. Hoewel zo mooi en sterk ze er ook uitzien, haar hout is toch niet geschikt voor bouwdoeleinden. Bij het onderzoek van gevelde bomen die aan houtzagerijen verkocht moeten worden, is het oordeel meestal: ‘geen draagvermogen’. En wat is de oorzaak dat zij het niet zijn? De grond van de bomen is voor de spar te weelderig. Helaas lijken verscheidene christenen op...
Galaten 6 vers 7
“Want wat een mens zaait, dat zal hij ook oogsten”. “Voortaan, al de dagen van de aarde, zullen zaaitijd en oogsttijd, … niet ophouden” (Gen. 8:22). Deze wet door God gegeven is in figuurlijke zin ook van toepassing op het leven van ieder mens; het is geldig voor onze tijd op aarde. In ons leven na dit leven zullen we niet zaaien. De oogst staat in nauw verband met de zaaitijd. Zo zie toe wat je zaait! Er is...
Galaten 6 vers 9
“Maar laten wij niet moedeloos worden in goeddoen; want te gelegener tijd zullen wij oogsten, als wij niet verslappen.” 17 juni 2025 Elke dag biedt eenvoudige maar belangrijke momenten om zaadjes van geloof te planten. Een vriendelijk woord, een biddend gesprek, een stille daad van dienstbaarheid in Jezus’ naam – dit zijn geen kleine dingen. Het zijn eeuwige investeringen. Geloof werkt op ongeziene realiteiten en vertrouwt op de Heer voor het resultaat. Wij zien de vruchten misschien niet meteen, maar...
Galaten 6:1
Hoeveel schade is er al niet aangericht door ons gebrek aan geduld en zachtmoedigheid? Wat wij nodig hebben, is genade om onze geest nooit verbitterd te laten worden, ons niet te ergeren. Een dienstknecht van de Heer kwam eens bij een zuster die erg verbitterd was over haar man. Zij vroeg deze broeder om voor haar man te bidden, want er werd niet meer in de Bijbel gelezen en samen gebeden. Kortom, alles ging verkeerd.De broeder zei haar dat het...
GAP-theorie
De vraag of er tussen Genesis 1 vers 1 en 2 een tijds-tussenruimte is geweest, wordt onder Christenen sinds lange tijd als twistpunt gediscussieerd. We geven op deze plaats de (ingekorte) brief van een broeder door, die deze tussenruimte afwijst. Ook het antwoord voegen wij toe. Beste Manuel, Lang heb ik over de opvatting nagedacht of Genesis 1 vers 2 de gedachte mogelijk maakt, dat een bepaalde tijdsduur tussen de verzen 1 en 2 ligt. Broeder Kelly laat zelfs ruimte...
Gastvrijheid (1)
“Wat de broederliefde betreft, weest hartelijk voor elkaar; gaat elkaar voor in eerbetoon; weest niet traag in de ijver; weest vurig van geest; dient de Heer1. Verblijd u in de hoop; weest geduldig in de verdrukking; volhardt in het gebed. Deelt mee voor de behoeften van de heiligen; legt u toe op de gastvrijheid” (Rom. 12:10-13) De gewoonte van gastvrijheid (deel 1) In deze verzen somt Paulus een reeks verantwoordelijkheden op die elke gelovige tegenover de andere zou moeten tonen....
Gastvrijheid (10)
“De vreemdeling overnachtte niet op de straat; ik opende mijn deuren voor de reiziger” (Job 31:32). De gewoonte van gastvrijheid (10) In het vorige artikel spraken we over Gajus en Stéfanas die hun huis openstellen als een daad van gastvrijheid. Ook van Job is bekend, dat hij zijn huis openstelde om in de behoeften van anderen te voorzien. Van Job werd gezegd: “Wie werd er níet verzadigd van zijn vlees” (Job 31:31)? Job vergat niet gastvrijheid te tonen (Hebr....
Gastvrijheid (11)
Nu gebeurde het op een dag dat Elisa langs Sunem kwam, waar een vrouw van aanzien was, en zij haalde hem over om wat te eten. Zo was het, zo dikwijls als hij voorbij kwam, ging hij daar binnen om wat te eten. En zij zei tegen haar man: “En zij zei tegen haar man: Zie toch, ik heb gemerkt dat deze man Gods, die steeds bij ons langskomt, heilig is. Laten wij toch een klein bovenvertrek van steen maken...
Gastvrijheid (12)
“Wandelt in wijsheid tegenover hen die buiten zijn, terwijl u de geschikte gelegenheid ten volle uitbuit” (Kol. 4:5). “… terwijl u de geschikte gelegenheid ten volle uitbuit, want de dagen zijn boos” (Ef. 5:16). De gewoonte van gastvrijheid (deel twaalf) Als we gastvrijheid willen nastreven en er een gewoonte van willen maken, moeten we oppassen voor sommige dingen die gastvrijheid in de weg staan. Het leven kan voor ieder van ons druk worden en wij moeten de tijd inlossen of...




