57 minuten geleden

Onze grote Hogepriester …

“Laten wij dus met vrijmoedigheid naderen tot de troon van de genade, opdat wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden tot hulp op de juiste tijd” (Hebr. 4:16).

Vervolg van: “Kom met vrijmoedigheid.”

Als we Hebreeën 4 vers 16 nog eens lezen, leren we dat er Iemand is die ons aan de troon van genade staat op te wachten. Hij is de Heer Jezus Christus, die stierf om ons te verlossen van de schuld en de straf voor onze zonden. Vier keer in deze brief aan de Hebreeën wordt vermeld, dat Hij aan de rechterhand van de troon van God zit (1:3; 8:1; 10:12; 12:2). De enige Persoon die in al onze behoeften kan voorzien, zit nu aan de rechterhand van de troon van God. Laten we tot Christus komen. De Bijbel vertelt ons over drie manieren waarop Hij voor ons werkt.

Hij voorziet in onze behoeften door Zijn gebeden.

In zijn brief aan de Romeinen vroeg de apostel Paulus: “Wie is het die veroordeelt? Christus <Jezus> is het die gestorven is, ja nog meer, die opgewekt is, die ook aan Gods rechterhand is, die ook voor ons bidt” [1] (Rom. 8:34). Christus veroordeelt ons niet; Hij pleit voor ons. De auteur van de Hebreeënbrief schreef: “… daar Hij altijd leeft om voor hen tussenbeide te treden” (Hebr. 7:25). Laten we daarom komen.

Hij voorziet in onze behoeften door Zijn macht

De troon van de genade is de plaats van macht, en onze Heer Jezus Christus is de Persoon van macht. We zien “… wat de uitnemende grootte van Zijn kracht is jegens ons die geloven, naar de werking van de macht van Zijn sterkte, die Hij heeft gewerkt in Christus door Hem uit [de] doden op te wekken en Hem aan Zijn rechterhand te zetten in de hemelse [gewesten]” (Ef. 1:19-20).

Christus heeft een vermogen, dat geen onvermogen kent. Ja, Hij is in staat! Hij is in staat om volledig te behouden (Hebr. 7:25). Hij is in staat om ons te behoeden om te struikelen (Jud. 24). Hij is in staat om mensen die verzocht worden te hulp te komen (Hebr. 2:18). Hij is in staat om alle dingen aan Zich te onderwerpen (Fil. 3:21).

Hij voorziet in onze behoeften door Zijn priesterschap

In de tijd van het Oude Testament was het de taak van de priester om namens de kinderen van Israël voor God te verschijnen. Deze Goddelijke voorziening was een uiting van de genadige barmhartigheid en zorg van een heilig God voor Zijn kinderen. De priester was de gewijde schakel van de Vader tussen Hemzelf en de Zijnen. Niemand anders dan de Zoon van God Zelf zou gekwalificeerd zijn om de grote Hogepriester over het huis van God te zijn.

“Daar wij nu een grote hogepriester hebben, die de hemelen is doorgegaan, Jezus, de Zoon van God, laten wij de belijdenis vasthouden. Want wij hebben niet een hogepriester die niet met onze zwakheden kan mee lijden, maar [Eén] die in alle dingen verzocht is als wij, met uitzondering van [de] zonde” (Hebr. 4:14-15).

We weten waar Hij is: “Hij is naar de hemel gegaan.” We weten wie Hij is: “Jezus, de Zoon van God.” We weten wat Hij is: zondeloos. Hij is een meelevende Hogepriester. Hij heeft geen medelijden met onze zonden, maar met onze “zwakheden.” Deze zwakheden zijn het verdriet, het lijden en de ziekten van dit leven. We weten, dat onze grote Hogepriester meevoelt met onze zwakheden.

Anker voor vandaag

Als u in nood bent, kom dan nu naar Hem toe. Geen probleem is te groot, geen verzoek te onbeduidend en geen macht te groot voor Hem. Laat er geen gebrek aan vertrouwen zijn tussen u en uw grote Hogepriester. Hij kent u. Hij heeft u lief. Hij wacht nu op u, zodat u in uw tijd van nood tot Hem kunt komen.

 

NOOT:
1. Letterlijk ‘tussenbeide treedt.’

 

© Anchors For Life

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW