14 jaar geleden

Systeem van satan of voorwerp van de liefde van God? (2)

Mens van deze wereld tegenover de geest van deze wereld

We richten ons nu weer op de schijnbare tegenspraak, die aan het begin van dit artikel met betrekking tot de verschillende betekenissen van het woord “wereld” in de Bijbel genoemd werden [zie “Systeem van satan of voorwerp van de liefde van God? (1)”, Frisse Wateren nr. 23 – vertaler].We zien dan dat we onderscheiden moeten tussen de mens van deze wereld – aan wie wij op een liefdevolle en zinvolle manier het evangelie brengen moeten – en de geest van de wereld waarvan we ons moeten afzonderen. Juist hier kan men als Christen in verwarring komen en zich afvragen: “Hoe moet ik afgezonderd van de wereld blijven, als ik gelijktijdig in de wereld gezonden ben?”

Misschien helpt het ons, wanneer we bedenken dat de Schrift (morele) afzondering leert, maar geen lichamelijke isolatie. De morele [= zedelijke (vertaler)] afzondering bestaat uit het afwijzen van de doelen en motieven van deze wereld en als consequentie ook de daaruit voortkomende handelingen. Dat kan af en toe ook de uiterlijke afzondering van mensen betekenen, omdat wij ons met hun doen en laten niet één kunnen maken. Zo spreekt Petrus ervan dat “zij (de mensen van de wereld) vinden het daarbij vreemd, dat u zich niet mee stort in dezelfde uitspatting van liederlijkheid” (1 Petrus 4:4). Maar dit betekent natuurlijk niet dat wij geen contacten met mensen van deze wereld moesten hebben (vergelijk in de toepassing 1 Korinthe 5:10). Zonder contacten zouden wij onze medemensen niet met de noodzakelijkheid van bekering en vergeving kunnen confronteren. Juist in de tegenwoordige tijd stellen wij vaak vast, dat mensen alleen dan bereid zijn een nieuwe boodschap aan te nemen, wanneer zij vertrouwen hebben gekregen in de overbrenger van de informatie. De informatievloed (in het bijzonder uit niet-serieuze bronnen) die ons allen overspoelt, is eenvoudig te groot geworden, als dat men iets nieuws zonder onderzoek van de bron zou aannemen. Omdat de Bijbel vaak niet meer als absoluut ware bron wordt aangezien, wil men op zijn minst diegenen kennen, die iemand het nieuws brengt, bijvoorbeeld door het samenleven op het werk of op school.

In de Schrift vinden we meerdere voorbeelden voor zulke contacten. Laten wij ons eens in de plaats stellen in één van de discipelen die de Heer vergezelde, zoals Hij zelf met een groep van tollenaars en zondaars aan tafel aanlag (Mattheüs 9:10-13), of met een in diepe zonden gevallen vrouw aan de bron van Sichar sprak (Johannes 4). Hoe indrukwekkend moet het daarbij voor hem geweest zijn, dat de Heer bij deze contacten steeds van de wereld als het terrein van satan gescheiden bleef en zondig gedrag nooit accepteerde.

Innerlijk en uiterlijk karakter van het systeem van satan

Belangrijk is, dat de wereld als systeem van satan in de Schrift niet in de eerste plaats door uiterlijke, zichtbare dingen omschreven wordt (zonder deze buiten beschouwing te laten), maar door “de begeerte van het vleees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven” (1 Johannes 2:16), dat wil zeggen door een innerlijke houding die weliswaar uiterlijk zichtbaar wordt. Wij neigen vaak ertoe bepaalde voorwerpen, activiteiten of plaatsen/instellingen met de wereld gelijk te stellen. Inderdaad toont zich de geest van de wereld in zulke uiterlijke dingen, maar een beperking daartoe zou op twee gronden te kort schieten:

  1. Sommige dingen zijn ondubbelzinnig als werelds te karakteriseren. Nemen we bijvoorbeeld een speelcasino. Er is geen twijfel over dat daar de lust van het vlees en de hoogmoed van het leven regeren. Bij andere dingen geeft echter soms pas de innerlijke houding en de manier hoe wij er mee omgaan duidelijk daarover, of wij werelds handelen of niet. Laten we het kopen van aandelen nemen. Ik kan daarbij uit pure geldzucht gedreven zijn en met mijn hart daaraan hangen. Dan zou het lust van het vlees zijn. Maar ik kan er ook met verantwoordelijkheidsgevoel mee omgaan, bijvoorbeeld om in het kader van mijn ouderdomsverzekering de staatstegemoetkoming van de rente te vorderen. Wij mogen het ons bij de beoordeling van zulke onderwerpen, activiteiten of plaatsen/instellingen daarom niet te eenvoudig maken, maar moeten altijd rekening houden met de gezindheid erachter.
  2. Bovendien beperkt een wereldse gezindheid zich niet alleen tot wereldse dingen. Het is zelfs mogelijk dat wij uiterlijk zeer vroom actief zijn, maar innerlijk de kenmerken van deze wereld openbaren. Neem de hoogmoed van het leven: Is de farizeeër die in de tempel ging om God te danken, dat hij niet zo was als de overige mensen (Lukas 18:10-14), niet een goed voorbeeld van iemand die bij de uitoefening van een schijnbaar geestelijke zaak door geestelijke hoogmoed wordt gekenmerkt? Of nemen we de lust van het vlees. Hoe ziet het er met iemand uit die een Christelijke lezing bezoekt maar nauwelijks iets daarvan meeneemt, omdat het hem veelmeer bezig houdt om zijn nieuwe garderobe te tonen?

De Schrift beperkt dus wereldgelijkvormigheid niet tot enkele uiterlijke dingen. Niet altijd steekt er namelijk achter deze dingen een wereldse gezindheid. En soms vindt men dit ook achter voorgewende vroomheid.

Hulpmiddel tot overwinning van de wereld

“Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld; en dit is de overwinning die de wereld overwonnen heeft: ons geloof. Wie is het [nu] die de wereld overwint, dan wie gelooft dat Jezus is de Zoon van God” (1 Johannes 5:4-5).God zij dank zijn wij in deze wereld niet alleen gelaten. God zelf heeft ons twee hulpmiddelen in de hand gegeven, waarmee wij de wereld (hier: het systeem van satan) overwinnen zullen:

1. De Heilige Geest

Voor Zijn heengaan uit deze wereld heeft de Heer Zijn discipelen de Heilige Geest beloofd en Hem de Geest van de waarheid genoemd, Die hen “in de hele waarheid leiden” zou (Johannes 16:13). Ook wij bezitten vandaag de Heilige Geest, Die onze nieuwe natuur aanspreekt en haar toont, tussen dat te onderscheiden wat uit God en wat uit de wereld is. Dit onderscheidingsvermogen is zo belangrijk omdat het onderscheid tussen “werelds” en “niet werelds”, zoals we boven gezien hebben, niet altijd door eenvoudige uiterlijke kriteria kan worden bepaald. Veel meer behoeft het een permanent beproeven van de “goede, welgevallige en volkomen wil van God”, waarmee wij nieuwe stromingen, ideeën en trends juist rangschikken. Dit is geen plotseling verworven inzicht maar een voortdurend proces, waaraan we ons doorlopend moeten onderwerpen. We kunnen ons dat als een verzameling van schuifladen voorstellen, waarin onze beoordeling van de meest verschillende ideeën, trends, maar ook concrete onderwerpen en handelingen enzovoorts neergelegd zijn. Wanneer ons plotseling naar een mening gevrragd wordt, moeten wij een van de schuifladen openen. Belangrijk is dat de schuifladen goed ingericht zijn. Het kan ook voorkomen dat de inhoud veranderd wordt, want vooroordelen moeten immers opruimbaar zijn. Bovendien moeten nieuw opkomende dingen toegevoegd worden. De schuifladen moeten daarom voortdurend aan de hand van de Bijbel gecontroleerd en aangevuld worden. Zo zullen wij “veranderd worden door de vernieuwing van ons denken” (Romeinen 12:2). Deze aanwijzing maakt tegelijk duidelijk dat de Heilige geest nooit in tegenspraak met de Bijbel leiden zal. Want ook vandaag blijft het Woord van God de objectieve maatstaf, waarmee de Heilige Geest in overeenstemming is, en waaraan het geloof zich moet oriënteren.

2. Het geloof

Daarnaast heeft God ons het geloof gegeven, die ons de kracht geeft ons ook van dat te distantiëren wat wij als wereld onderkend hebben. We moeten daarbij nooit door natuurlijke inspanningen onzerzijds proberen de wereld te overwinnen. Dit zou in wetticisme en tenslotte in falen eindigen. De sleutel tot overwinning ligt in het geloof die zich de dingen die uit God zijn, bewust maakt en daarvan geniet. In die mate waarin de waardering van de Goddelijke dingen toeneemt, zal de aantrekkingskracht van de dingen uit de wereld afnemen.Dus geeft God ons met de Heilige Geest het onderscheidingsvermogen de dingen van deze wereld te herkennen, en met het geloof ook de kracht het te verloochenen. Laten wij op deze kracht in de toekomst nog meer aanspraak maken en daarbij geheel op het Woord van God steunen!

Olaf Muller, © Folge mir nach

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, RM