2 maanden geleden

Wanneer de zeepbel uiteen spat

Psalm 42 en 43

 

Naar aanleiding van: Psalm 42 vers 6 en 12; 43 vers 5

Wat doen we wanneer de grote crisis plotseling in ons leven binnendringt? …

 

Psalm 43 vers 5: “Wat buigt u zich neer, mijn ziel, en bent u onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem weer loven voor de volkomen verlossing van Zijn aangezicht.”

Inhoud

  • Inleiding
  • Achtergrond informatie
  • 1. Gelovigen die verlangen naar God als ze dorst hebben, zullen niet teleurgesteld worden
  • 2. Gelovigen die op God vertrouwen, zullen niet door Hem teleurgesteld worden
  • Praktische toepassing

Inleiding

Wat doen we wanneer de grote crisis plotseling in ons leven binnendringt? Als we na jaren onze baan verliezen en een nieuwe moeilijk te vinden is; wanneer de tiener de ouders de rug toekeert; als een familielid of goede vriend sterft; wanneer een leider in onze gemeente zwakheid vertoont; als een langverwachte zwangerschap niet tot stand komt; wanneer een dienst die na aan het hart lag, jammerlijk faalt en moet worden opgegeven?

Er zijn veel redenen waarom gelovigen tegenwoordig met het verdriet van de teleurstelling, ontmoediging en ontgoocheling geconfronteerd worden. De Bijbel leert geenszins, dat gelovigen nooit teleurstelling zullen ervaren. In feite staat de Bijbel vol met voorbeelden van gelovigen die teleurstelling ervaren hebben – teleurstelling door tegenstand, teleurstelling door gebrek, teleurstelling door afwijzing, teleurstelling door verlies en eenzaamheid. De Bijbel behandelt het probleem van teleurstelling dan, wanneer je teleurstelling ervaart, niet voor het geval wanneer je het ervaren zult!

Hoewel de Bijbel geen vrijheid van ontmoediging en teleurstelling garandeert, garandeert het echter wel een ‘heelmiddel’ voor elke vorm van teleurstelling. De schrijver van Psalm 42 en 43 ervoer extreme teleurstelling, maar dit leidde nooit tot wanhoop omdat hij zich tot het heelmiddel wendde: de Heer Zelf. Ook wij kunnen ontmoediging en teleurstelling verdragen als we ophouden te proberen daarmee uit eigen kracht mee klaar te komen en … wanneer we ons tot de Heer wenden. Laten we deze waarheid onderzoeken door Psalm 42 en 43 te bestuderen.

Achtergrond informatie

Psalm 42 en 43 behoren van nature bij elkaar. Sommige oude Hebreeuwse manuscripten vatten deze twee psalmen zelfs samen. De psalmist, die blijkbaar in ballingschap was, verlangde ernaar terug te zijn in Jeruzalem, waar hij de Heer in Zijn heilige tempel kon aanbidden, vrij van de tegenstand van de vijand. In deze psalmen vinden we drie coupletten met elk vier verzen (Ps. 42:2-6; 42:7-12; 43:1-5) met hetzelfde refrein, dat wordt herhaald na elke strofe: “Wat buigt u zich neer, mijn ziel, en bent u onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem weer loven voor de volkomen verlossing van Zijn aangezicht.”

De titel “een onderwijzing van de zonen van Korach” laat ons zien, dat dit een lied van wijsheid en kennis is. Wijsheid was het resultaat van lijden en verlies, en de kennis was om te leren de Heer volledig te vertrouwen. Het is waarschijnlijk, dat een afstammeling van Korach deze psalm heeft geschreven. De stoet naar het huis van God leiden (Ps. 42:5) en naar het altaar van God komen (Ps 43:4), zijn activiteiten van een priester of leviet, niet die van een gewone Jood.

Korach was een Leviet die een grote opstand tegen Mozes had geleid (Num. 16). Hoewel Korach en zijn gevolg op spectaculaire wijze werden gestraft, namen de zonen van Korach blijkbaar niet deel aan de opstand van hun vader en stierven zij niet (Ex. 26:11). De afstammelingen van de geslachtslijn van de zonen van Korach werd door David aangewezen om de Heer te loven met de muzikale dienst in de tempel (1 Kron. 6:16,17). Ze dienden trouw in het leiden tot lof van de Heer.

Vele jaren later, tijdens het bewind van de goede koning Josafat van Juda, was de situatie als volgt: “Toen boog Josafat zich met het gezicht ter aarde, en heel Juda en de inwoners van Jeruzalem vielen voor het aangezicht van de HEERE neer en bogen zich neer voor de HEERE. En de Levieten van de nakomelingen van de Kahathieten, en van de nakomelingen van de Korachieten, stonden op om de HEERE, de God van Israël, met luide stem ten hoogste te prijzen” (2 Kron. 20:18,19). Psalm 42 vers 7 laat zien, dat de schrijver zich ergens in het uiterste noorden van Israël in verbanning of ballingschap bevond, misschien vlakbij de bron van de Jordaan aan de voet van de berg Hermon. Misschien was hij door de Syriërs gevangengenomen toen de Syriërs het noorden van Israël controleerden, ergens tijdens het bewind van Achab of Josafat. Het is ook mogelijk, dat hij als gevangene van de Assyriërs, tijdens de invasie van Sanherib in Judea in 701 v. Chr., werd ontvoerd. We weten, dat God Jeruzalem toen wonderbaarlijk gered had, maar veel Joden uit andere steden in Judea werden gevangengenomen en gedeporteerd.

Op de Assyrische reliëfs van het paleis van Sanherib in Ninevé bevinden zich onder de gevangenen ook drie muzikanten, die een lier of snaarinstrument in de handen houden. Misschien zijn deze figuren “zonen van Korach”. De reliëfs zijn nu te zien in het Britse Museum.

1. Gelovigen die verlangen naar God als ze dorst hebben, zullen niet teleurgesteld worden

In de eerste strofe (Ps. 42:2-6) hebben we een aanschouwelijk beeld van een gelovige, die geestelijk dorst heeft. Zoals een hert, dat in tijden van droogte naar fris water verlangt, voelen ook overtuigde gelovigen zich vaak geestelijk uitgedroogd, als ze moeilijke en stressvolle ervaringen meemaken. Ze verlangen naar het stillen van hun dorst. De ziel van de psalmist was hevig ontroerd en kreunde in deze tijd van zware beproeving. Hij voelde zich door God verlaten en vergeten en onderdrukt door zijn vijanden (Ps. 42:10; 43:2). Misschien vroeg hij zich af, waarom God deze ramp, die hem overkwam, toeliet. Waarom zou een liefhebbende God toestaan, ​​dat dit mij overkomt, mij Zijn trouwe dienstknecht? Blijkbaar was de psalmist wanhopig om nooit meer naar Jeruzalem terug te kunnen keren, en zijn ontvoerders versterkten het gevoel van verlies en desillusie met betrekking tot God, door hem te bespotten: “Waar is uw God?” (Ps. 42:4). In deze toestand van ontmoediging weende hij dag en nacht.

Ook vandaag de dag kunnen veel gelovigen zich identificeren met de gevoelens van de psalmist. We zijn niet immuun voor rampen in het leven. Sommigen van ons hebben soortgelijke gevoelens van teleurstelling, depressie en twijfel ervaren, overweldigd door verlies en ernstige ziekte. We wenen dan dag en nacht, het leven schijnt ons hopeloos en we verlangen naar het verdwijnen van onze geestelijke droogte. Maar het herhalen van het zesde vers laat zien, dat de psalmist de hoop niet had opgegeven! Hij was niet in een toestand van totale wanhoop en bitterheid verzonken. Zijn enige bron van bemoediging was de zekerheid, dat de Heer hem werkelijk in zijn tijd van nood zou antwoorden.

In het tweede vers geeft Psalm 42 vers 8 ons inzicht daarin, waarom de psalmist hoop had, hoewel de situatie niet eens was veranderd. Hij dacht aan de Heer! Zich aan Gods goedheid en trouw te herinneren is als een diepe slok geestelijk water voor de gelovige, dat voorzien is voor de dorstige gelovige. Als we in tijden van lijden en teleurstelling verkeren, kunnen we bemoedigd worden door de trouw van de Heer in het verleden. Wanneer we de bijbelse verslagen lezen, die getuigen van Gods trouw, kan dat onze dorstige zielen troost en hoop geven.

Vers 10 contrasteert met vers 5. In het eerste vers rouwt de psalmist dag en nacht, maar in vers 10 geeft het ons een dieper inzicht in het goddelijke antwoord op de teleurstelling. Hij had zijn hart geopend voor de liefde van God en ’s nachts was er een lied en een gebed op zijn lippen (vs. 9). Tranen van wanhoop maakten plaats voor lofliederen!

Als gelovigen weten we, dat niets ons kan scheiden van de liefde van God (Rom. 8:38,39). Zelfs in tijden van lijden is Zijn liefdevolle aanwezigheid er, om ons aan te bemoedigen. Als we ons Gods goedheid herinneren, kan Gods liefde ons hart vervullen. Het helpt onze onrustige en angstige zielen te kalmeren en brengt hoop voor de toekomst. Te weten dat God ons liefheeft en bij ons is, ons Zijn goedheid met een dankbaar hart te herinneren dat tot een lofzang afstemt, zal over een lange weg de geestelijke dorst lessen. Gelovigen die naar God verlangen als ze dorstig zijn, zullen niet teleurgesteld worden.

2. Gelovigen die op God vertrouwen, zullen niet door Hem teleurgesteld worden

Het “volk zonder goedertierenheid” en de “man van bedrog” (Ps 43:1) zijn de ontvoerders die de psalmist gevangen hebben genomen en hem in gevangenschap hebben bespot. Merk op dat hij niet graag persoonlijke wraak wilde nemen – hij verlangt alleen naar overwinning en bevrijding van de vijandelijke onderdrukking. Het is belangrijk zich hieraan te herinneren, wanneer andere mensen ons in een moeilijke situatie lijden toevoegen. Lees Romeinen 12 vers 17-19.

Soms laat God toe, dat al die aardse dingen waarop we steunen en die ons zekerheid geven, verloren gaan, opdat we leren om op Hem te steunen. Veel van de uitspraken van de psalmist herinneren ons aan Job, toen hij groot verlies leed en groot lijden meemaakte. Job kon niet begrijpen, waarom God toegelaten had, dat hem zoveel rampen overkwamen. Zijn geest was depressief en terneergeslagen.

Job moest leren, dat God Degene is Die de controle heeft over alle dingen – en Job kon Hem volkomen vertrouwen, zowel in goede tijden als in tijden van ongelooflijk verlies en verdrukking. Hij moest leren loslaten en erkennen, dat hij met God te doen had. “Geef het op en weet dat Ik God ben” (Ps. 46:11). Aan het eind van het boek zei Job: “Ik weet dat U alles vermag, en geen plan is onmogelijk voor U” (Job 42:2). Hij leerde volkomen om alleen op God te vertrouwen en hij werd niet teleurgesteld!

Lijden en teleurstelling kunnen ons tot wanhoop brengen en ons verbitterd maken, óf het kunnen mogelijkheden voor ons zijn om te groeien en volwassen te worden. Jakobus 1 vertelt ons, dat God allerlei beproevingen en moeilijkheden gebruikt om ons geloof tot wasdom te brengen: “Acht het enkel vreugde, mijn broeders, wanneer u in allerlei verzoekingen valt, daar u weet dat de beproefdheid van uw geloof volharding bewerkt. Laat de volharding echter een volmaakt werk hebben, opdat u volmaakt en volkomen bent, terwijl het u aan niets ontbreekt” (Jak. 1:2-4). Volharding betekent “aan de bal te blijven” ondanks tegenstand, ontmoediging, verlies of enige vorm van verdrukking.

Maar waar kunnen ontmoedigde gelovigen de kracht vinden om te volharden? Door op God te vertrouwen! Hoe zwak we ook zijn, Zijn kracht zal  ervoor zorgen dat we op de been blijven.

“Zend Uw licht en Uw waarheid; laten die mij leiden, …” (Ps. 43:3). Hier vraagt ​​de psalmist de Heer om leiding en versterking voor de levensweg. In tijden van nood en onzekerheid voor de toekomst kunnen we op de Heer vertrouwen. Het licht wijst ons de weg en de waarheid ervan stelt ons in staat, om verder op het rechte pad te blijven.

Zoals we kunnen zien in het refrein van Psalm 43, vertrouwde de psalmist op God. Hij was tot de erkenning gekomen, dat hij niets kon doen om hem te bevrijden en terug kon brengen naar zijn vaderland, en dat God alleen zijn hoop op redding was. Alleen God zou zijn Redder zijn. Hij vond bemoediging en zekerheid voor de toekomst in de overtuiging, dat God hem ook daadwerkelijk er doorheen zou brengen. “Hoop op God, want ik zal Hem weer loven; Hij is de volkomen verlossing van mijn aangezicht en mijn God” (Ps. 42:12b). Gelovigen die op God vertrouwen, zullen als ze onderdrukt worden, niet door God teleurgesteld worden.

Praktische toepassing

Is het goed om naar het waarom te vragen?

In Psalm 42 en 43 vraagt ​​de psalmist tien keer naar het waarom. Was het verkeerd voor de psalmist om God deze vraag te stellen? Was dit een teken dat hij het geloof had opgegeven? Nee!

Het is prima om naar het waarom te vragen – als we het met de juiste instelling doen! Als we tot God komen met een houding als: ‘God, U ruïneert echt mijn leven!’, of: ‘God, U weet niet wat U me aandoet!’, dan kunnen we op een ernstige terechtwijzing van God rekenen. Job had Gods kastijding moeten ervaren, toen zijn houding niet juist was. Hij vroeg zelfs in alle ernst, wie de rechter was om te beslissen wie er gelijk had – Job of God! (Zie Job 9:33).

Als we als kinderen van onze hemelse Vader nederig om inzicht en begrip vragen van wat er in ons leven aan de hand is, en we vragen om Zijn kracht om te volharden, dan is het niet verkeerd naar het waarom te vragen. Met de juiste instelling is het in orde om naar het waarom te vragen!

 

David R. Reid; © www.soundwords.de

Online in het Duits sinds: 29.01.2009, geactualiseerd: 22.03.2020
Oorspronkelijke titel: “When the Bubble bursts”
Bron: www.growingchristians.org

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW