3 maanden geleden

Overdenking Psalm 119 (5)

Psalm 119 vers 9 tot 16

Het gebed van een oudste

Beth

Deze strofe legt de nadruk op zuivering door het Woord.

Vers 9: “Waarmee houdt een jongeman zijn pad zuiver? Als hij dat bewaart overeenkomstig Uw woord”.

De verzen 10, 11, 13 en 14 staan in de voltooid tegenwoordige tijd. Wanneer je het Woord van God bestudeert, is het soms nuttig om naar de tijdsvormen te kijken, die door onze vertaler wordt gebruikt. De exacte toepassing van de voltooid tegenwoordige tijd verbindt de vroegere ervaringen van de psalmist met zijn huidige ervaringen. Laten we het proberen om het even uit te leggen: de Franse taal1 heeft twee ‘verteltijden’ om de verleden tijd uit te drukken, namelijk de verleden tijd en de voltooid tegenwoordige tijd. Het verschil tussen deze twee tijden bestaat niet alleen uit het scheiden van het handelen van het huidige moment, maar ook uit de verhouding die altijd tussen het handelen in het verleden en de actuele realiteit bestaat: een handeling in de verleden tijd staat in geen verband meer met het heden, terwijl een handeling in het verleden, waarvan de resultaten of consequenties voortduren, onvermijdelijk in de voltooid tegenwoordige tijd zullen worden uitgedrukt. Dit is een subtiel verschil, dat gemakkelijk vergeten wordt, maar wel zijn betekenis heeft. De psalmist zegt: “Ik zoek u met heel mijn hart” (vs. 10), “Ik heb Uw belofte in mijn hart opgeborgen” (vs. 11), “Ik heb met mijn lippen verteld al de bepalingen van Uw mond” (vs. 13), “In de weg van Uw getuigenissen verblijd ik mij meer dan in alle bezit” (vs. 14). In deze vier herinneringen zal de verleden tijd nauwelijks passen, want het gaat om vier geestelijke ervaringen, waarvan de gevolgen in het leven van de psalmist blijven bestaan. Zo verbindt de toepassing van de voltooid tegenwoordige tijd in de verzen die ons bezighouden, de trouw van gisteren met de tegenwoordige wandel.

Vers 9 leidt het gebed van de gelovige in, die zich zijn jeugd herinnert, waardoor de titel is ontstaan, die we strofe Beth hebben gegeven. De psalmist is voortdurend in gemeenschap met God die hij met heel zijn hart heeft gezocht; hij heeft een getuigenis dat hij kreeg, omdat hij sinds zijn jeugd op een zuivere weg gaat, en omdat hij zich verheugt in de weg van de goddelijke getuigenissen.

In een artikel van onze broeder P. Fuzier staat: <<“Sommige schrijvers denken dat het door Ezra is geschreven, wat ons niet hoeft te verbazen wanneer we rekening houden met de belangrijke positie die Gods Woord in het leven en het hart van deze man heeft ingenomen (Ezra 7:6,10). De in vers 10 aangegeven vooruitgang moet opgemerkt worden. In de eerste plaats was er bij Ezra een arbeid van het hart, die in hem het heilige verlangen verwekte om de wet van de Heer te zoeken; een wet waarvan je nooit uitgeleerd raakte, maar die hij ook in de praktijk bracht: hij had zo gelijktijdig de kennis én het morele gezag, die nodig zijn om het volk van God te onderwijzen, en hij had een hart om dit te doen” (Le Messager Evangélique 1975, pagina 158).>>

We staan stil bij de vraag die in vers 9 gesteld wordt, omdat het dient om alle harten aan te raken, vooral die van jullie, jonge mensen: “Denk aan uw Schepper in de dagen van uw jeugd” (Pred. 12:1). Deze vermaning is ernstig; hij die oren heeft, hore! Men moet horen wanneer God spreekt; Zijn woorden zijn besloten in Zijn boek: de Bijbel.

Het Woord is de gedragsregel op de weg van de gelovigen. In deze wereld is er zonde overal, de vervuiling omringt ons als de lucht die we inademen. Hoe kunnen we worden beschermd tegen de valstrikken van de vijand? Dat gebeurt door aandacht te schenken aan het Woord met heilige waakzaamheid en niet volgens menselijke wijsheid. Het is een groot voordeel om op jonge leeftijd de weg van God te betreden.

“De oudste” van de trouwe mensen, kan zich ook tot jonge mensen wenden en hem zeggen: “Ga uw weg in reinheid doordat u in overeenstemming met de Bijbel daarop acht geeft”. Maar deze oudere in geloof is er niet alleen tevreden mee om met anderen te spreken. Zie de verzen waar hij tot zijn Heer spreekt: “Geloofd zij U, HEERE, leer mij Uw verordeningen“ (vs. 12). “Ik overdenk Uw bevelen en heb oog voor Uw paden” (vs. 15), “Ik verblijd mij in Uw verordeningen” (vs. 16). Hoe drukt het in de tegenwoordige tijd staande werkwoord van het laatste citaat het geestelijk leven van de psalmist toch goed uit! Is dat ook waar voor een ieder van ons? Een geestelijk leven met kwaliteit is al generaties lang de juiste plaats. Maar als de verwereldlijking in het hart binnenkomt (het verlangen om in de politieke en academische wereld te schitteren en compromissen te maken met atheïsme, enz.), probeert men de Bijbel met het verstrijken van de tijd overeenkomstig de vleselijke verlangens aan te passen.

NOOT:
1. In het Nederlands kennen we ook de verleden tijd en de voltooid tegenwoordige tijd. Vrij ingewikkeld om uit te leggen!

 

M. Roy en Filipczak; © www.bibelstudium.de

Online in het Duits sinds 09.09.2012.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, RM