4 maanden geleden

Woorden van belofte en kracht voor de ‘kwetsbaren’ (22)

“Hij ging daar een grot in en overnachtte er. En zie, het woord van de HEERE kwam tot hem, en Hij zei tegen hem: Wat doet u hier, Elia? Hij zei: Ik heb mij zeer voor de HEERE, de God van de legermachten, ingezet. De Israëlieten hebben immers Uw verbond verlaten, Uw altaren omvergehaald en Uw profeten met het zwaard gedood. Ik alleen ben overgebleven, en zij staan mij naar het leven om het mij te benemen” (1 Kon.19:9-10).

Na zijn tweede boodschap van de engel van de Heer te hebben ontvangen, staat Elia op om te reizen tot aan de berg Horeb. Daar ging hij een grot binnen om daar de nacht door te brengen. Het moet een donkere eenzame nacht zijn geweest en de grot koud en troosteloos. De Heer had voorzien in wat hij nodig had, maar er waren nog lessen voor hem om te leren. Het was op dit punt dat de Heer tot Elia sprak en hem vroeg: “Wat doet u hier, Elia?” Uit zijn antwoord kunnen we opmaken dat Elia nog niet uit zijn depressie was.

Merk op hoe vaak Elia naar zichzelf verwijst en naar wat hij had bereikt: Ik heb mij zeer voor de HEERE, de God van de legermachten, ingezet … ik alleen ben overgebleven, en zij staan mij naar het leven om het mij te benemen.” Ontmoediging en depressie leiden er vaak toe dat we ons op onszelf en onze eigen situatie richten. Elia had de stadia doorlopen van uitputting (18:46-19:2), angst (19:3), wanhoop (19:4), een laag gevoel van eigenwaarde (19:4), zorgen/angst (19:9), en nu boosheid (19:10). Elia ontwikkelde een “ik” probleem, wat bij hem een ‘oogprobleem’ veroorzaakte door met de vinger naar anderen te wijzen.

Zelfingenomenheid leidt er vaak toe, dat wij kritisch zijn en bezig zijn met wat anderen niet doen. Tegenover deze dienstknecht van God staat de volmaakte Dienstknecht van God “die, in [de] gestalte van God zijnde het geen roof geacht heeft God gelijk te zijn, maar Zichzelf ontledigd heeft, [de] gestalte van een slaaf aannemend, de mensen gelijk wordend. En uiterlijk als een mens bevonden heeft Hij Zichzelf vernederd, gehoorzaam wordend tot [de] dood, ja, [tot de] kruisdood” (Fil. 2:5-8).

Hoe voorkomen jij en ik dat we kritisch worden? Door onze ogen gericht te houden op de Heer Jezus als we verder gaan op onze reis. Hoe blijven we uit de grot van duisternis en depressie? Door te denken aan “Hem die zo’n tegenspraak door zondaars tegen Zich heeft verdragen, opdat u niet moe wordt en in uw zielen bezwijkt” (Hebr. 12:3).

 

Tim Hadley Sr.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW