14 jaar geleden

Tabitha: Een unieke vrouw?

“Ik zou graag meer voor de Heer Jezus willen doen. Maar God heeft mij nu eenmaal geen gave gegeven als broeder X of zuster Y, zodat ik misschien niets kan beginnen”. Al eens gehoord, of zelfs zelf wel eens gezegd?

Slechts een arme naaister?

Op een gegeven ogenblik vraagt (hopelijk!) ieder Christen zichzelf eens af, hoe hij de Heer dienen en hoe hij de tijd daarbij zinvol inzetten kan. Goede en nuttige tips en aansporingen betreffende deze vragen zijn er genoeg.

Ondanks dat hebben sommigen de indruk, dat hij [en natuurlijk is ook zij daarbij ingesloten – vertaler] niet zo veel voor de Heer doen kan, zoals hij graag zou willen. Hoe komt dat?

Deze indruk kan bijvoorbeeld ontstaan, wanneer wij verkeerde voorstellingen van de “dienst voor de Heer” hebben en daaronder alleeen zendelingen of Christenen in fulltime-dienst verstaan. Maar ieder van ons mag op zijn werkplek of zijn dienstomgeving in de dienst voor de Heer zijn, want in Kolosse 3:23 staat: “Wat u ook doet, doet het van harte, als voor de Heer en niet voor mensen”.

Het gaat er dus niet alleen om geestelijke gaven uit te oefenen. Een schoolvriend helpen die met de Engelse grammatica problemen heeft; een moeder met kleine kinderen met het strijkgoed of in de keuken helpen; voor de oude buurvrouw naar de winkel gaan; in het beroep je arbeid ordelijk verrichten … De lijst kan men nog veel langer maken maar alles is arbeid voor de Heer.

Een aanmoedigend voorbeeld daarvoor is Tabitha, van wie we in Handelingen 9:36-42 lezen. Laten we deze vrouw, die van beroep naaister was, toch eens wat dichterbij bekijken.

Een unieke vrouw

Tabitha was een discipelin van de Heer. De Bijbel bericht vaker van mannen die discipelen waren. Zo zijn er de discipelen van Johannes de Doper en de discipelen die Jezus volgden. Maar een discipelin? Dat is inderdaad iets bijzonders, want Tabitha is de enige vrouw in de Bijbel die zo genoemd wordt.

Discipelen zijn mensen die alles van hun heer willen leren. Zij willen gehoorzaam dat doen, wat hun meester hen zegt. En zo stond Tabitha tegenover Jezus, haar Meester.

Een vrouw, wier naam eer geeft

Tabitha is een Aramese naam. De Griekse naam die daar mee overeenkomt is Dorkas. Vertaald betekent dat “Gazelle”.

Gazellen zijn flinke, taai dieren, die heel goed de rotsen kunnen beklimmen. Misschien is haar naam een heenwijzing naar hoe Tabitha gearbeid heeft. Want zo’n 2000 jaar geleden waren er niet alleen in Joppe veel mensen, die hulp nodig hadden. Toen moest Tabitha snel en bekwaam met de naainaald om kunnen gaan, om de vele onderklederen en gewaden op tijd klaar te hebben. Wanneer zij als een babbelaarster door de straten geslenterd zou hebben om stoffen en naaigaren in te kopen, zou zij het allemaal niet gered hebben.

Dat het Woord van God ons deze naam nadrukkelijk vermeld, is zeker van betekenis. Ieder die Jezus Christus in geloof aangenomen heeft, wordt vandaag naar de naam van de Heer Jezus “Christen” genoemd (vergelijk Handelingen 11:26). Hoe verheerlijken wij deze naam?

Een daderes van het Woord

“Deze was overvloedig in goede werken en weldaden die zij deed” (Handelingen 9:36b). Tabitha verwerkelijkte wat ons de eerste Johannesbrief zegt: “Kinderen laten wij niet liefhebben met [het] woord of met de tong, maar met [de] daad en in waarheid” (1 Joh. 3:18). Een opdracht die ook voor ons vandaag nog geldt!

Aan ieder van ons heeft God iets geschonken, waarmee wij anderen blij kunnen maken. Om het even, of wij goed koken of bakken kunnen, mooi kunnen zingen, geduldig kunnen luisteren of goed met gereedschap om kunnen gaan: er zijn altijd mensen die juist onze hulp nodig hebben. Willen wij niet deze opgaven, die vlak voor onze voeten liggen, eenvoudigweg aanpakken?

Helaas is het bij ons vak anders dan bij Tabitha. Een mooie uitvlucht te bedenken, valt ons niet zo zwaar. Maar wanneer anderen hulp nodig hebben, zijn wij vaak langzaam en traag van begrip.

Anderen te helpen, kan zwaar zijn maar het geeft blijdschap. Wanneer we het gevoel hebben, het niet meer te kunnen maken, laten we eraan denken wat de Heer Jezus ook tegen de discipelen in de laatste nacht voor Zijn overlevering zei: “Zonder Mij kunt u helemaal niets doen” (Johannes 15:5). Hij zal ons de nodige kracht voor de arbeid schenken tot Zijn eer schenken, wanneer we het in afhankelijkheid van Hem doen – dicht bij Hem blijven.

Een vrouw die rijkelijk zaaide

De mensen die niets van Jezus wisten, vonden haar inzet nauwelijks iets waard. En wanneer het om geld en om mooie kleding ging, waren zij bij haar zeker ook aan het verkeerde adres. Maar Tabitha bezat een rijkdom die niemand van haar kon stelen. Tabitha was rijk aan goede werken en aalmoezen.

Wij zijn vaak al tevreden, wanneer we een een keer bereid waren om te helpen. Iedere dag een zogenoemde “goede daad” is al helemaal teveel gevraagd – menen wij. En vaak genoeg lukt het ons niet eens, tenminste elke week de een of ander een vreugde te bereiden en te helpen.

Waarom was dat bij Tabitha anders? Zij was vervuld van de liefde van de Heer Jezus. Omdat haar Heer en Heiland haar zo lief had, dat Hij voor haar zonden op het kruis van Golgotha gestorven was, kon zij van deze liefde uitdelen en voor Hem arbeiden. Omdat de Heer Tabitha zoveel geschonken had, kon zij ook anderen iets geven.

“God heeft een blijmoedige gever lief” (2 Korinthe 9:7b).

Een vrouw die rijkelijk oogste

De dienst van Tabitha voor de Heer was onbetekenend in de ogen van de mensen, die God niet kenden. Zij naaide toch alleen maar onderklederen en gewaden! Niets bijzonders, meende men.

Maar toen Tabitha stierf, waren vele mensen treurig. Wie zou de ontstane leegte vullen? In hun nood wenden zij zich tot Petrus, die juist in de naburige stad was. Alle weduwen, die Tabitha’s daadwerkelijke liefde ervaren hadden, toonde de apostel de onderklederen en gewaden, die zij van Tabitha gekregen hadden. Dit getuigenis over de gestorvene drong Petrus tot gebed. De Heer in Zijn genade schonk daarop, dat Tabitha weer aan de gelovigen teruggegeven werd.

En juist dit wonder van haar opwekking werd de aanleiding voor veel mensen in de stad Joppe om in de Heer Jezus te geloven. Zo waardevol was de dienst van deze vrouw in de ogen van God!

Hoeveel kunnen wij uit deze geschiedenis van deze eenvoudige naaister leren! Willen wij niet vandaag (opnieuw) beginnen, deze lessen in een leven van echt discipelschap te praktiseren?!

Stefan Busch, © Folge mir nach

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, RM