1 jaar geleden

Na de Babylonische ballingschap (21-22)

Esther 10:2-3*:

2. Al zijn machtige en geweldige daden en de verklaring van de grootheid van Mordechai, die door de koning grootgemaakt is, zijn die niet geschreven in het boek van de kronieken van de koningen van Medië en Perzië?
3. De Jood Mordechai immers kwam op de tweede plaats, na koning Ahasveros. Hij stond in hoog aanzien bij de Joden en de menigte van zijn broeders was hem goedgezind, want hij zocht het beste voor zijn volk en sprak tot welzijn van heel zijn nageslacht.

XXI

De grootheid van Mordechai

Deze afsluitende verzen van het boek Esther wijzen vooruit naar de Ene, Die centraal staat in de hele Bijbel en, inderdaad, het Middelpunt is van al Gods raadsbesluiten. In dit kleine boek van tien korte hoofdstukken werd Mordechai het eerst getoond in zijn liefdevolle relatie met zijn geadopteerde dochter, Esther. Zijn trouw aan de koning, die God de macht gaf over het uitgestrekte Medo-Perzische Rijk werd aan de dag gelegd toen hij het leven van de koning redde. Toen de koninklijke orders in strijd met Gods wil bleken, gehoorzaamde Mordechai God in plaats van de mens. En toen het volk van God werd bedreigd met vernietiging vanwege zijn trouw, was zijn hart diep bedroefd en streefde hij ernaar om zijn volk te redden. Om dit alles trachtte de vijand hem te doden.

Gods almacht verwierp de snode plannen van Haman, en gaf de man in wie Hij zich samen met de koning verheugde, de plaats van macht en regering die Haman tot dan toe had bezet. De slechte Haman werd opgehangen.

Mordechai wordt vaak aangeduid als de Jood Mordechai. Net als Jozef, werd hij over het koninkrijk gesteld door de koning. Dit herinnert ons eraan, hoe alle dingen binnenkort onderworpen zullen worden aan de Heer Jezus voor het 1000-jarige rijk. We kunnen nu al het verslag van de grootheid van onze gezegende Heer op de pagina’s van Gods Woord lezen, dat, in tegenstelling tot de aardse kronieken, voor eeuwig stand houdt in de hemelen. Hij zal groot zijn en goed ontvangen worden niet alleen onder Zijn Joodse broeders, maar zal regeren over de gehele aarde als Koning der koningen en Heer der heren. Moge deze glorieuze dag hier spoedig aanbreken!

XXII

Ezra 7 vers 6,8,10:

6. Deze Ezra trok op uit Babel. Hij was een vaardig schriftgeleerde, bedreven in de wet van Mozes, die de HEERE, de God van Israël, gegeven had. En de koning gaf hem alles wat hij had verzocht, omdat de hand van de HEERE, zijn God, over hem was.
8. Ezra kwam in Jeruzalem in de vijfde maand, dat was het zevende jaar van de koning.
10. Ezra had immers zijn hart erop gericht om de wet van de HEERE te onderzoeken, om die te doen en om in Israël de verordeningen en bepalingen te onderwijzen.

Frisse oefening

We zijn nu hier in een nieuw deel van het boek Ezra aangekomen. Er zit een nieuwe koning op de troon: Arthahsasta, de zoon van de echtgenoot van Esther. Zo’n 60 jaar zijn verstreken sinds de terugkeer van de eerste gevangenen uit de gevangenschap in Babylon en ongeveer 40 jaar sinds de voltooiing van herbouw van de tempel. Een nieuwe dienaar van de Heer komt in zicht met frisse oefeningen van het hart, Ezra, een priester en schrijver, een man wiens voorouders in de dagen van Cyrus in Babylon verbleven. Dank God, dat wij christenen vandaag de dag niet gebonden hoeven te zijn aan de onwetendheid van de wil van God of het falen van onze voorouders.

Wat een voorbeeld is Ezra voor ons! Hij heeft zijn hart erop gericht om de wet van God te onderzoeken. Het behagen van de Heer is in de eerste plaats een zaak van het hart. “Mijn zoon, geef mij je hart, en laten je ogen behagen scheppen in mijn wegen” (Spr. 23:26). Het vinden van Gods wil moet met het doel zijn om het te doen. Alleen wanneer we zelf de wil van God gezocht hebben en doen, zijn we geschikte werktuigen om anderen het te onderwijzen.

Als priester en vaardig schriftgeleerde had Ezra toegang tot de wet van Mozes en was in staat om het te lezen. Mozes had de wet ingezet voor de priesters, en gebood hen en de oudsten het volk om de zeven jaar bijeen te roepen en het hen voor te lezen (Deut. 31:9-13). Wat een voorrecht is het voor ons om onze eigen bijbels te hebben en in staat zijn om het zelf te lezen! Veel mensen zijn veel minder fortuinlijk.

Ezra maakte zich nu klaar om naar Jeruzalem te gaan en moedigde anderen aan om met hem mee te gaan. De Heer gaf hem gunst in de ogen van de koning.

* Leest u het hele hoofdstuk.

 

© The Lord is near, Eugene P. Vedder, Jr.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol