Leestijd: 5 minuten
De brief aan de Efeziërs benadrukt de heerlijke waarheid, dat God alle gelovigen die in de Heer Jezus geloven, ziet als ‘in Christus.’ De brief aan de Kolossers voegt daar nog een prachtige waarheid aan toe: “Christus in u, de hoop van de heerlijkheid” (Kol. 1:27). ‘In Christus’ zijn is geen kwestie van ervaring, aangezien God dit voorrecht onafhankelijk van onze ervaringen heeft ingesteld. ‘Christus in u’ daarentegen is een kwestie van onze dagelijkse ervaring en beïnvloedt elk aspect van ons praktische leven. Omdat Christus in ons is, zullen we meer op Hem gaan lijken naarmate we met Zijn werk in ons hart overeenkomen.
God heeft ons in het Oude Testament onder andere door Jozua en David twee prachtige voorbeelden gegeven, om ons aan te moedigen op deze wonderlijke waarheid te antwoorden. Hun levens tonen Christus in Zijn unieke glorie, niet alleen objectief, maar ook vanuit dit subjectieve perspectief: “Christus in u.”
Jozua
Hoewel de Hebreeuwse naam “Jozua” in het Grieks “Jezus” betekent – wat “de Heer is redding” inhoudt – had Jozua een aanmoediging nodig die de Heer nooit nodig had: “Wees sterk en moedig … wees sterk en zeer moedig … Wees sterk en moedig, schrik niet en wees niet ontsteld, want de HEERE, uw God, is met u, overal waar u heen gaat” (Joz. 1:6-7,9). Ook al is Christus in ons, wij hebben dezelfde aansporende aanmoediging nodig als Jozua. Omdat wij de natuur van de Heer in ons hebben, zullen wij op zulke aanmoediging reageren in ons leven. Want hoewel Christus in ons is, bezitten wij nog steeds de oude, zondige natuur, het vlees. Wij moeten dit op de proef stellen, zodat de nieuwe natuur zich op de juiste wijze kan uiten.
Jozua had de ontmoeting met de Goddelijke Bevelhebber, beschreven in Jozua 5 vers 13-15, nodig voordat hij werkelijk kon beginnen met de verovering van het land Kanaän. Toen er een man met een getrokken zwaard voor hem verscheen, vroeg Jozua hem: “Hoort U bij ons of bij onze tegenstanders?” De Man antwoordde: “Nee, maar Ik ben de Bevelhebber van het leger van de HEERE. Nu ben Ik gekomen.” Jozua moest zijn schoenen uittrekken, want een soldaat zonder schoenen is zwak, en Jozua moest zijn eigen zwakheid leren kennen in de aanwezigheid van deze Goddelijke Bevelhebber, de Heer Zelf.
Wat een les is dit voor ons allemaal, inclusief Jozua! Als we de overwinning willen behalen op de machten van Satan, dan moet Christus, “gezeten aan Gods rechterhand” (Kol. 3:1), voor ogen staan. “Christus in ons” is altijd onderworpen aan het gezag van Christus. We vinden Zijn gezag volkomen geopenbaard in het Woord van God, en we moeten vertrouwd zijn met dit Woord, wanneer we op de juiste weg geleid willen worden. “Christus in ons” zal zich altijd dankbaar onderwerpen aan de waarheid van het Woord van God.
Hoewel Christus niet langer fysiek op aarde aanwezig is, maar een plaats van het hoogste gezag in de hemel inneemt, is Hij nog steeds in ons en leidt Hij ons naar de overwinning op de meest gevreesde vijanden. De vijanden van Jozua in Kanaän symboliseren de “geestelijke machten van de boosheid in de hemelse gewesten” (Ef. 6:12). Als we reageren op het feit, dat “Christus in ons is,” zullen we deze satanische vijanden afweren en diepe vreugde vinden in de zuivere waarheid van het Woord van God. Jozua is dus in de eerste plaats een boek van overwinning, ook al verbergt het niet de pijnlijke tegenslagen die voortkwamen uit het niet volledig op God vertrouwen. Omdat Christus in ons is, zal God ervoor zorgen, dat we de overwinning behalen door strijd en oefening.
David
De naam David betekent “geliefde.” Hoe toepasselijk is deze naam om de waarheid “Christus in u” te illustreren. Zoals de Vader Zijn Zoon liefheeft, zo heeft de Vader gelovigen lief (Joh. 17:23), want Hij ziet hen als “in Christus” en Hij ziet Christus in hen. David werd gezalfd lang voordat hij begon te regeren – net zoals de Heer Jezus moest lijden, voordat Hij op Zijn troon kon zitten, en net zoals gelovigen vandaag lijden om later met Christus te kunnen regeren.
De geschiedenis van David benadrukt niet zozeer de overwinning op de vijand, zoals we het bij Jozua vinden, maar eerder dat lijden en afwijzing in geloof verdragen kunnen worden wanneer we onze eigen neigingen overwinnen. Davids leven kende veel hoogte- en dieptepunten. Daarin was hij geen voorbeeld van de Heer Jezus, want in Christus is er altijd een volmaakt evenwicht, een onveranderlijke overgave aan God.
Niettemin werd David door God bemind, zoals alle gelovigen kunnen ervaren, want Christus is in hen. In Davids strijd tegen Goliath komt zijn geloof op wonderbare wijze naar voren, en hier vertegenwoordigt hij ongetwijfeld iemand in wie Christus werkzaam is, iemand die de vijand niet met angst tegemoet treedt, maar met onvoorwaardelijk vertrouwen in God. Hij had Gods verzekering, dat hij in de toekomst over Israël zou regeren, net zoals gelovigen er zeker van zijn, dat zij met Christus zullen heersen. Toen hij echter door Saul werd achtervolgd en God hem meer dan eens uit Sauls handen had gered, zei hij in zijn hart: “Ik zal op een dag nog eens door Sauls hand weggevaagd worden” (1 Sam. 27:1). Dit laat ons zien, dat we niet in harmonie leven met de aanwezigheid van de Heer in ons, wanneer we vrezen wat we niet hoeven te vrezen op grond van Gods beloften.
Aan de andere, mooie kant, zien we dat toen Saul David wilde vermoorden, David het advies van zijn metgezellen om Saul te doden niet opvolgde toen hij de kans kreeg. Saul ging een grot in om te slapen, niet wetende dat David en zijn mannen zich in een nis van die grot bevonden. Davids mannen spoorden hem aan om Saul te doden, maar dat deed hij niet, omdat Saul Gods gezalfde was (1 Sam. 24:3-6). In plaats daarvan sneed David een punt van Sauls mantel af om hem later te laten zien, dat hij hem gespaard had. Maar ook toen bonsde zijn hart.
Op dezelfde wijze zorgt Christus in ons ervoor, dat we weigeren wraak te nemen op onze vijanden; sterker nog, we zullen het zelfs onaangenaam vinden om hen te ontmaskeren. Daarom wordt de uitdrukking “Christus in u” onmiddellijk gevolgd door “de hoop van de heerlijkheid.” Wanneer we weten, dat Christus in ons woont, wordt de verwachting van de komende heerlijkheid in ons opgewekt, waardoor we in staat zijn om al het lijden van deze tijd geduldig te verdragen.
Samenvattend: Jozua benadrukt met name dat “Christus in u” alle bedoelingen van Satan overwint, die ons wil beletten de waarheid van God te genieten. David laat ons daarentegen zien, dat “Christus in u” ook betekent, dat je allerlei lijden moet verdragen zonder wraak te nemen, in de wetenschap, dat God op Zijn tijd zal ingrijpen.
© www.bibelpraxis.de; Leslie M. Grant
Laatste verandering: 26.07.2022 15:54
Geplaatst in: Christendom
© Frisse Wateren, FW