11 jaar geleden

Waartoe zijn er sterren?

Met het blote oog kan men ongeveer 3000 sterren zien. Neemt men dan het zuidelijke hemelhalfrond erbij, dan komt men totaal op ongeveer 6000 sterren. De eerste die met een zelf in elkaar geknutselde verrekijker naar de hemel schouwde, was Galileo Galilei … In het jaar 1862 beëindigden de beide astronomen Årgelander en Schönfeld het zogenaamde Bonner onderzoek. Zij onderzochten met behulp van telescopie de nachtelijke hemel en kwamen op 324.198 sterren tot aan de grootteklasse 9-10 … Wat wij pas in 20 eeuwen ontdekt hebben, dat wist de Bijbel in de oudheid al. Maar God heeft de sterren geteld: “Hij telt het getal van de sterren; Hij noemt ze allen bij name …”. God heeft al deze sterren geschapen. Hij heeft aan alle een naam gegeven. God gebruikt daarvoor noch computer noch verrekijker noch tijd … En … zij die de Heer Jezus Christus hebben leren kennen en uit de duisternis in Zijn wonderbare licht zijn getrokken, zijn sindsdien in staat om in deze wereld als lichten te schijnen (zie Filippi 2:13-15: “… waaronder u schijnt als lichten in de wereld …”). Efeze 5:8 zegt dan ook: “Vroeger was u duisternis, maar nu bent u licht in de Heer; wandelt als kinderen van het licht …”.

Psalm 19:2-7: 2: “De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt van Zijn handen werk. 3. De dag aan de dag stort overvloedig spraak uit, en de nacht aan de nacht toont wetenschap. 4. Geen spraak, en geen woorden zijn er, waar hun stem niet wordt gehoord. 5. Hun richtsnoer gaat uit over de ganse aarde, en hun redenen aan het einde van de wereld; Hij heeft er een tent in gesteld voor de zon. 6. En die is als een bruidegom, uitgaande uit zijn slaapkamer; zij is vrolijk als een held, om het pad te lopen. 7. Haar uitgang is van het einde van de hemel, en haar omloop tot aan de einden ervan; en niets is verborgen voor haar hitte”.

De “hemel” komt in de Bijbel in drie betekenissen voor:

  1. het uitspansel (verblijfplaats van de vogels en vliegtuigen);
  2. de sterrenhemel (het universum, heelal);
  3. de woonplaats van God.

In Psalm 19 gaat het om de sterrenhemel, het heelal.

Hoeveel sterren zijn er?

“Toen leidde Hij hem uit naar buiten, en zei: Zie nu op naar de hemel, en tel de sterren, indien gij ze tellen kunt; en Hij zei tot hem: Zo zal uw zaad zijn!” (Genesis 15:5). Met het blote oog kan men ongeveer 3000 sterren zien. Neemt men dan het zuidelijke hemelhalfrond erbij, dan komt men totaal op ongeveer 6000 sterren. De eerste die met een zelf in elkaar geknutselde verrekijker naar de hemel schouwde, was Galileo Galilei (1564-1642). Wat hij gezien heeft, beschrijft hij in zijn werk Nuncius Sidereus1: “Het is werkelijks iets groots, aan de talrijke menigten van enorme sterren die met onze natuurlijke ogen tot op de huidige dag waargenomen kon worden, ontelbare andere toe te voegen en voor ogen te stellen, die voorheen nooit gezien werden en die de oude bekende met meer dan het tienvoudige aantal overstijgen”. dat maakt dus ongeveer 30.000 sterren.

In het jaar 1862 beëindigden de beide astronomen Årgelander en Schönfeld het zogenaamde Bonner onderzoek. Zij onderzochten met behulp van telescopie de nachtelijke hemel en kwamen op 324.198 sterren tot aan de grootteklasse 9-10. Dus nogmaals het tienvoudige.

Melkstraten

Onderzoekingen met moderne telescopen hebben aangetoond, dat onze melkweg (Galaxie) minstens honderd miljard sterren heeft. Als iemand deze sterren wil tellen en zou hij per seconde drie sterren tellen, dan zou hij bij de leeftijd van 100 jaar – zonder te slapen – slechts op 10% van onze melkstraat komen.

Op het noordelijk hemelhalfrond is er nog een melkstraatstelsel, dat met het blote oog zichtbaar is. Het is de Andromedanevel2, die ons de verste blik met ‘ongewapende’ ogen geeft. Hij heeft een afstand van ongeveer 2,26 miljoen lichtjaar. Op het zuidelijke hemelhalfrond zijn er verder twee al zonder verrekijker zichtbare sterrenstelsels, namelijk de grote en de kleine Grote Magellaanse Wolk, waarvan de grote ook ongeveer 100 miljard sterren heeft.

Totaal zijn er enkele biljoenen van zulke melkwegstelsels in ons heelal. Wanneer men het heelal verder onderzoekt, stelt men vast, dat deze melkwegstelsels niet alleen voorkomen, maar in de zogenaamde Galaxiemassa. De bekendste massa is “Virgo”3 die zegge en schrijve uit 2500 afzonderlijke galaxieën bestaat.

Volgens de huidige kennis van de astronomie is men ervan overtuigd, dat er misntens 1025 sterren zijn. Waarschijnlijk is deze schatting nog veel te gering. Om het aanschouwelijk te maken (ter verduidelijking): De snelste computer die er vandaag4 is, maken per seconde 10 miljard berekeningen. Zou men op deze manier de sterren tellen, dan heeft deze computer 30 miljoen jaren nodig.

In Jeremía 33:22 staat: “Gelijk het heer van de hemel niet geteld, en het zand van de zee niet gemeten kan worden …”. Wat wij pas in 20 eeuwen ontdekt hebben, dat wist de Bijbel in de oudheid al. Maar God heeft de sterren geteld: “Hij telt het getal van de sterren; Hij noemt ze allen bij name. Onze Heere is groot en van veel kracht; aan Zijn verstand is geen getal” (Psalm 147:4-5). In Jesaja 40:26 staat: “Heft uw ogen op omhoog, en ziet, Wie deze dingen geschapen heeft; Die in getal hun heer voortbrengt; Die ze alle bij name roept, vanwege de grootheid [van Zijn] krachten, en [omdat] Hij sterk van vermogen is; er wordt er niet een gemist”.

God heeft al deze sterren geschapen. Hij heeft aan alle een naam gegeven. God gebruikt daarvoor noch computer noch verrekijker noch tijd. En het verbazingwekkende is, dat dat deze God Zich toch om ieder afzonderlijke mens bekommert: “Als ik Uw hemel aanzie, het werk van Uw vingers, de maan en de sterren, die Gij bereid hebt; Wat is de mens, dat Gij aan hem gedenkt, en de zoon des mensen, dat Gij hem bezoekt? En hebt hem een weinig minder gemaakt dan de engelen, en hebt hem met eer en heerlijkheid gekroond?” (Psalm 8:4-6). Voor God speelt het geen rol, of Hij er 1000 of 1025 sterren schept: “Want Hij spreekt, en het is er; Hij gebiedt, en het staat er” (Psalm 33:9).

Het verschil van de sterren

Daarbij zijn al deze sterren volledig verschillend. Geen sneeuwvlok die ooit op aarde gevallen is, zal ooit weer aan een ander gelijk zijn. Dat geldt ook voor de sterren. “[Er is] een andere heerlijkheid van [de] zon, en een andere heerlijkheid van [de] maan, en een andere heerlijkheid van [de] sterren; want [de ene] ster verschilt van [de andere] ster in heerlijkheid” (1 Korinthe 15:41).

Men kan de sterren in meerdere kriteria onderscheiden: naar massa, naar lichtkracht, radius, temperatuur, spectraalklasse5, gemiddelde dichtheid, valversnelling6 aan de oppervlakte, rotatiesnelheid, chemische samenstelling en naar vele andere criteriums.

Daartoe enkele voorbeelden: De ster die (behalve de zon) het dichtst bij de aarde is, is de Proxima Centauri7. Hij is 4,3 lichtjaren verwijderd. Gedurende het leven zouden wij nooit met een ruimteschip daarheen kunnen komen. Het verste object, dat wij op het ogenblik kennen, is de Quasar8 PKS2000/330. Deze heeft een afstand van 13 miljard lichtjaren, dat zijn 9,46 biljoen kilometers x 13 miljard.
De ster, die van de aarde uit het helderste schijnt, is de Sirius9. De ster met de absoluut grootste helderheid is de Eta Carinae10. Hij is 4 miljoen keer helderder dan onze zon. De grootst bekende ster is a-Herkules. Zijn doorsnee is 250 miljard kilometer. Ons zonnestelsel zou 21 maal in deze ster passen.

Waartoe al deze sterren

Op deze vraag, denk ik, vinden wij het antwoord in Genesis 1:14-19: “14. En God zei: Dat er lichten zijn in het uitspansel van de hemel, om scheiding te maken tussen de dag en tussen de nacht; en dat zij zijn tot tekenen en tot gezette tijden, en tot dagen en jaren! 15. En dat zij zijn tot lichten in het uitspansel van de hemel, om licht te geven op de aarde! En het was alzo. 16. God dan maakte die twee grote lichten; dat grote licht tot heerschappij des daags, en dat kleine licht tot heerschappij ‘s nachts; ook de sterren. 17. En God stelde ze in het uitspansel van de hemel, om licht te geven op de aarde. 18. En om te heersen op de dag, en in de nacht, en om scheiding te maken tussen het licht en tussen de duisternis. En God zag, dat het goed was. 19. Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de vierde dag”.

De sterren zullen hun licht geven en op de aarde schijnen. Daarmee is duidelijk, dat zij doelgericht geschapen zijn. Zij zijn voor de mensen geschapen.

a. Het licht hier heeft hier in eerste instantie betrekking op de zon. Zij is voor ons van levensbelang. Door de fotosynthese11 wordt lichtenergie in chemische energie omgezet. Zonder dit geniale proces zou er geen voedselketen in de schepping zijn. Dit proces, dat in elk blad en grashalmpje plaatsvindt, kan tot op vandaag niemand na bouwen. We weten niet, hoe dit proces functioneert. De zon is de grootste energie-leverancier. Op de zon wordt elke seconde 4,3 miljoen zonnemassa in energie omgezet. Ditzelfde proces vindt op alle andere sterren/zonnen plaats.

b. Bovendien dienen de sterren tot tijdmeting. Hier worden niet alleen de eenheden genoemd, maar ook hoe men die meten kan (dagen, maanden, jaren).

In het begin zijn de sterren gaan branden
in het begin kwam de zon en de maan.
Boven het land en de zee en de stranden
wijzen zij wegen en tijden aan.

c. Daar bovenuit hebben de sterren de taak, een boodschap te verkondigen. De wijze van verkondiging geschiedt volkomen geluidloos: “Geen spraak, en geen woorden zijn er, waar hun stem niet wordt gehoord [eigenlijk hun stemmen onhoorbaar zijn]” (Psalm 19:4). Overal op de hele aarde wordt de taal van de hemel verstaan. Deze boodschap kan ieder mens (of geleerde of analfabeet) op elke plaats (noordpool of zuidpool) verstaan: “Hun richtsnoer gaat uit over de ganse aarde, en hun redenen aan het einde der wereld” (Psalm 19:5). Deze code kan niet verdelgd worden. Op aarde kan men informatie vernietigen. Zelfs in het atheïstische land Albanië was deze boodschap te horen. Er waren ook in Albanië mensen die in God geloofden.

d. Wat verkondigen de sterren? “Omdat wat van God gekend kan worden, onder hen openbaar is; want God heeft het hun geopenbaard – want van [de] schepping van [de] wereld af worden wat van Hem niet gezien kan worden Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid12, uit Zijn werken met inzicht13 doorzien – opdat zij niet te verontschuldigen zijn, omdat zij, hoewel zij God kennen, [Hem] als God niet verheerlijkt of gedankt hebben, maar in hun overleggingen zijn zij tot dwaasheid vervallen en hun onverstandig hart is verduisterd geworden” (Romeinen 1:19-21).

Zij verkondigen dus de eeuwige kracht en Goddelijkheid van God. Daartoe zijn de scheppingswerken van God toereikend.

De mensen trekken hun conclusies daaruit. Zij hebben de grootheid van de Schepper onderscheiden. Paulus knoopte aan het altaar van de onbekende God aan en zei tegen de Atheners: “De God die de wereld heeft gemaakt en alles wat daarin is, Hij die Heer is van hemel en aarde, woont niet in met handen gemaaakte tempels” (Handelingen 17:24). Deze God heeft Zich heel persoonlijk in Zijn Zoon tot ons gewend.

Het nieuwe testament openbaart ons, dat de Zoon van God de Schepper van alle dingen is (Johannes 1:1-3,10; Kolosse 1:15; Hebreeën 1:3) en daarmee ook het ruesachtige heelal met zijn vele verschillende sterren. Hoe groot en oneindig verheven is deze Heer. En het is dezelfde Heer, die op aarde gekomen is, om uit liefde tot verloren mensen Zijn leven op het kruis van Golgotha te geven.

(naar een lezing die sterk ingekort is)
Professor Werner Gitt

Zie ik sterren aan de hemel staan,
aan de donkerblauwe lucht de maan,
is het of de nacht mij noemt de naam
van een machtig God.
Zie ik ‘s morgens weer de zon opgaan,
op het veld de bloemen open gaan,
is het of de dag mij noemt de naam
van een machtig God.
Deze God, die aard’ en hemel schiep,
is dezelfde God, die mij eens riep
uit het duister tot Zijn heerlijk licht,
zodat ik elke dag Hem Vader noemen mag
en die Zijn liefde aan mij openbaart,
mij rechtvaardig in Zijn Zoon verklaart,
dag en nacht mij in Zijn hand bewaart.
Hoe groot is God voor mij!
Hoe groot is God voor mij!
Orig. ‘He’s everything to me’
t/m R. Carmichael
NOTEN VERTALER:
1. Sidereus Nuncius of sterrenbode is de titel van een baanbrekend boek dat (in het Latijn) geschreven werd door Galileo Galilei en dat in maart 1610 verscheen in Venetië. Het boek markeert voor velen het begin van de moderne sterrenkunde (encyclopedie sterrenkunde in Nederland).
2. Andromedanevel. Het sterrenbeeld Andromeda kun je op een heldere herfstnacht onder gunstige omstandigheden met het blote oog als een wazig vlekje zien. Je moet dan natuurlijk geen last hebben van storend maan- of stadslicht. Het beste kun je bovendien een verrekijker gebruiken. De Andromedanevel is reeds in de 10de eeuw beschreven door de Arabische sterrenkundige al-Soefi en in 1612, na de uitvinding van de kijker, opnieuw ontdekt door Simon Marius. Pas sinds 1924 weten we dat de Andromedanevel ver buiten ons eigen Melkwegstelsel ligt. Dat werd ontdekt door de Amerikaanse sterrenkundige Edwin Hubble toen deze met de 2« meter telescoop van de Mount Wilson sterrenwacht in de nevel afzonderlijke cepheïden waarnam aan de hand waarvan hij de afstand kon bepalen. De Andromedanevel is dus een sterrenstelsel zoals ons eigen Melkwegstelsel. Het heeft ook de vorm van ons eigen Melkwegstelsel maar is wat groter en heeft bovendien een wat grotere massa dan ons eigen melkwegstelsel. De afstand bedraagt 2,2 miljoen lichtjaar (dat is 675.000 parsec, want één parsec komt overeen met 3,26 lichtjaar). De middellijn bedraagt ongeveer 200.000 lichtjaar. De massa komt overeen met bijna 350 miljard zonsmassa’s! De Andromedanevel is het verst verwijderde object dat we zonder kijker aan de hemel kunnen zien. De Andromedanevel maakt evenals ons eigen Melkwegstelsel deel uit van de Lokale Groep. Dat is een groep van zo’n dertig sterrenstelsels die allemaal erg dichtbij staan. Astronomisch gezien tenminste. De Andromedanevel is het grootste lid van deze groep, gevolgd door ons eigen Melkwegstelsel. De Andromedanevel wordt ook wel aangeduid als M 31 of NGC 224. Dat betekent dat de nevel als nummer 31 voorkomt in de beroemde Messiercatalogus of als nummer 224 in de New General Catalogue. In het centrum van de Andromedanevel bevindt zich een kleine rode kern. Die is vermoedelijk niet meer dan zo’n 20 licht jaar groot. Deze kern zendt sterke continue radiostraling uit. Mogelijk wordt deze radiostraling veroorzaakt door supernova-explosies. In 1885 vlamde in dit gebied een supernova op die bijna met het blote oog te zien was (S And) en maandenlang met kleine kijkers werd waargenomen. De Andromedanevel bezit twee satellietsystemen: NGC 221 (M 32) en NGC 205 (M 110). Het soort sterren van NGC 205 is hetzelfde als dat in de bolvormige sterrenhopen in ons Melkwegstelsel. In de buitenste spiraalarmen van de Andromeda nevel komt de sterwolk NGC 206 voor. Deze bevat honderden bijzonder heldere sterren. Met een radiotelescoop in de 21 cm-straling van neutraal waterstof gezien, blijkt de Andromedanevel een ongeveer tweemaal zo grote diameter te hebben als in zichtbaar licht. Dat wijst erop dat net als bij ons Melkwegstelsel de Andromedanevel zich veel verder uitstrekt dan alleen de sterren. Evenals ons eigen Melkwegstelsel is de Andromedanevel om geven door een schil van bolvormige sterrenhopen. Er zijn er reeds meer dan 300 gevonden (encyclopedie sterrenkunde in Nederland).
3. Virgo, de Maagd, is één van de grootste sterrenbeelden wat oppervlakte betreft. Het is ook één van de twaalf sterrenbeelden van de dierenriem. De helderste ster in het sterrenbeeld is Alpha Virginis, ook gekend als Spica, een heldere blauwwitte dubbelster. Er zijn nog meer dubbelsterren aanwezig in Virgo: Gamma, Theta en Phi Virginis. Gamma Virginis staat ook bekend als Porrima, een Romeinse godin (encyclopedie sterrenkunde in Nederland).
4. Dit artikel is in 1993 gepubliceerd. We zijn nu in 2007, de computers van nu zijn ongetwijfeld tot meer in staat, maar zullen zeker ook vele miljoenen jaren nodig hebben.
5. De spectraalklasse is een indeling van sterren op de kleur en het spectrum van het uitgestraalde licht (WikipediA).
6. De valversnelling is de versnelling waarmee voorwerpen naar de Aarde toe bewegen door toedoen van de zwaartekracht (WikipediA).
7. Proxima Centauri is een zwakke rode dwerg die niet met het blote oog te zien is en werd pas in 1915 ontdekt. De ster bevindt zich in het sterrenbeeld Centaur (WikipediA).
8. Een Quasar (Engelse afkorting voor quasi-stellar radio source), is een astronomisch object, dat in optische telescopen op een ster lijkt (dat wil zeggen een puntbron is), maar een zeer hoge roodverschuiving heeft en zich dus op zeer grote afstand van miljarden lichtjaren bevindt (WikipediA).
9. Tijdens de Hondsdagen van 23 juli tot 24 augustus is Sirius voor zonsopgang zichtbaar (WikipediA).
10. Eta Carinae is een momenteel niet met het blote oog zichtbare ster in het sterrenbeeld Kiel (Carina). De ster is een van de meest lichtsterke in ons melkwegstelsel en heeft een nova-achtig karakter. In 1677 schatte Edmond Halley de helderheid op 4, rond 1843 was de ster met magnitude -1 bijna even helder als Sirius, ondanks de grote afstand van 8000 lichtjaar. Sinds 1900 schommelt de helderheid tussen 6 en 8. Het meeste licht van de ster wordt geabsorbeerd in een stofnevel die waarschijnlijk gevormd is tijdens de uitbarsting in 1843. De nevel wordt de “Homunculusnevel” genoemd omdat hij wat op een mannetje lijkt en dijt nog steeds uit met een snelheid van ongeveer 500 km/s. Eta Carinae en de Homunculusnevel maken zelf weer deel uit van de “Eta Carinae-nevel” (NGC 3372), met een magnitude van ongeveer 1 en een diameter van 2o (vier keer zo groot als de volle maan) één van de grootste en helderste nevels en gemakkelijk met het blote oog te zien. Vanaf de breedte van de Benelux is deze nevel echter niet te zien (WikipediA).
11. Fotosynthese is een biochemisch proces waarbij de hogere planten, de meeste algen en sommige bacteriën een deel van het licht als energiebron gebruiken om koolstofdioxide en water om te zetten in glucose. Uiteindelijk is bijna alle leven op aarde afhankelijk van fotosynthese. Fotosynthese kan onder verdeeld worden in oxygene fotosynthese (de versie in landecosystemen en in de toplaag van wateren) waarbij zuurstof wordt geproduceerd die een groot deel uitmaakt van de atmosfeer, daarnaast is er voornamelijk op grote diepten in oceaan een vorm van fotosynthese waarbij geen zuurstof geproduceerd of gebruikt wordt. Dit heet anoxygene fotosynthese. Organismen die energie vastleggen door middel van fotosynthese worden fototroof genoemd (WikipediA).
12. Dit is in de zin van Goddelijk karakter, niet zoals in Kolosse 2:9, Godheid in absolute zin.
13. Letterlijk ‘begrepen wordend’; vergelijk Mattheüs 24:15, waar staat: “… laat hij die het leest, erop letten!” Dit is het met inzicht overwegen; elders ‘begrijpen’.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol