1 jaar geleden

Twist … een ernstig woord …

We kennen uit onze Nederlandse geschiedenis de Hoekse en Kabeljauwse twisten. Daar willen we hier nu niet op ingaan, maar opmerken dat we de twisten niet alleen uit de grijze historie kennen. Ook onder de kinderen van God worden deze in onze tijd helaas gevonden en zijn we dikwijls tot onze grote droefheid ook zelf hierbij betrokken.

Nu is twist niet direct iets waarover we graag wat willen horen. Daar worden we niet gelukkig van. Toch spreekt de bijbel hierover en spreekt daarmee ook ons aan. Het kan zijn dat we in de loop der tijd zo gewend geraakt zijn aan twisten, dat we het helemaal niet meer zo erg vinden en het inmiddels als onvermijdbaar hebben aanvaard. Helaas komen twisten in ons persoonlijk en gemeenschappelijk leven voor. Wat een droevige gevolgen hebben deze, en welk een verwijderingen onder gelovigen komen hieruit voort. Verwijderingen die leiden tot scheuringen in de gemeente van God, en die Hem daardoor oneer aandoen. Wat een droevige toestand! Wat een pijn en teleurstelling veroorzaakt dit! Hoe moeten we daarmee omgaan? Laten we dan Gods Woord openen.

Hier volgen enkele tekstplaatsen uit het Woord van God die over ‘twist’ spreken met enkele korte gedachten daarover.

Psalm 18 vers 44:
“U hebt mij bevrijd van de aanklachten {twisten – SV} van het volk”.

Het kan zijn dat u door medegelovigen wordt aangeklaagd. Dit kan heel verdrietig zijn en brengt ons ertoe om hierover tot de Heer te roepen en te smeken. U bent in deze zaak onschuldig maar desalniettemin wordt u aangeklaagd. Hoe gaan we met zulke situaties om? Het is goed om te bedenken dat ook de Heer Jezus als het ware aangeklaagd werd. Verdedigde Hij zichzelf? Ik denk dat we moeten zeggen dat Hij dat niet deed. We mogen hierbij denken aan de volgende verzen uit de 1e Petrusbrief: “Want hiertoe bent u geroepen, omdat ook Christus voor u geleden en u een voorbeeld nagelaten heeft, opdat u Zijn voetstappen navolgt; Hij ‘die geen zonde heeft gedaan en geen bedrog werd in Zijn mond gevonden’, die als Hij uitgescholden werd, niet terugschold, als Hij leed, niet dreigde, maar [Zich] overgaf aan Hem die rechtvaardig oordeelt …” (1 Petr. 2:21-23).

De Heer Zelf zal en wil ons bevrijden van aanklachten. Ook hierin ondersteunt Hij ons. Wat een genade!!!

Maar wat deed de Heer Jezus? Hij getuigde van de waarheid. Hij sprak de waarheid en daar konden zij niet tegen. Dat veroorzaakte “veel gemompel” onder de menigten en zij waren het onder elkaar niet eens. De Heer Jezus werd zelfs van misleiding en het hebben van een demon beschuldigd. Hij vroeg hen of zij verbitterd waren. De Heer riep de Joden vervolgens op om “rechtvaardig” te oordelen en niet naar het aanzien. Iets wat ook vandaag voor ons van toepassing is, wanneer er ‘twisten’ zijn onder het volk van God. Wanneer dit – namelijk rechtvaardigheid – aanwezig is, zal dat ook goede gevolgen hebben.

We zien dus, dat voor hen die onrecht wordt aangedaan, de Heer Jezus het grote Voorbeeld is. Geen bitterheid, geen zelfverdediging, maar in liefde getuigen van de waarheid en deze in liefde ook vasthouden. Dan zal bitterheid ook geen kans hebben; in plaats daarvan echter zal er droefheid en verootmoediging in het hart zijn, ook al zal de tegenstander met de beschuldiging komen dat je wel verbitterd bent en daarom in de verdediging bent gegaan. Bedenk dan, dat dit een poging is van de tegenstander om zijn eigen of haar eigen schuld te verbloemen door jou te beschuldigen van bitterheid. Laten we aan Hem denken die nooit verbitterd was en laten we bedenken dat de liefde niet verbitterd wordt (1 Kor. 13:5).

Het resultaat voor de Heer Jezus was dat de overpriesters en de Farizeeën Hem wilden grijpen. Haat voor Zijn liefde! Hem hebben ze bestreden zonder oorzaak. Hoe is dat bij mij, bij ons? (verg. Joh. 7:25-53; Ps. 109:3-5).

We mogen er op vertrouwen dat ook wij bevrijd worden van (onrechtvaardige) aanklachten, evenals David. Laten we – net als David – tot Hem onze toevlucht nemen, wanneer we aangeklaagd worden. “In mijn nood riep ik de HEERE aan, ik riep tot mijn God; Hij hoorde mijn stem vanuit Zijn paleis, mijn hulpgeroep voor Zijn aangezicht kwam in Zijn oren” (Ps. 18:7). Hij zal ons uitleiden in de ruimte, ons redden, want Hij heeft ons lief. Persoonlijk en gemeenschappelijk!

Wat de bitterheid betreft worden we ook opgeroepen om er op toe te zien dat er geen wortel van bitterheid opschiet die vervolgens onrust veroorzaakt, waardoor velen verontreinigd worden (Hebr. 12:14-15). Zo’n ‘bittere’ wortel schiet namelijk héél snel omhoog. Daarom moeten we deze wortel direct verwijderen, voordat deze opschiet.

Spreuken 10:16-19:
“Deze zes haat de HEERE, ja, zeven zijn een gruwel voor Zijn ziel: hoogmoedige ogen, een valse tong en handen die onschuldig bloed vergieten, een hart dat zondige plannen smeedt, voeten die zich haasten om naar het kwade te rennen, een valse getuige die leugens blaast, en die tussen broeders twisten teweegbrengt”.

Helaas gebeurt het ook onder Gods volk, dat er valse getuigenissen gegeven worden die de waarheid ten onder houden en aan de leugen ruimte geven. De gevolgen zijn “twisten” tussen broeders. Hoe ernstig is het als we hier lezen dat dit voor de HEERE een gruwel is. Dit moeten we ons allereerst realiseren, dat dit voor Zijn heilige ziel een gruwel is. Daarom mogen we ons hieraan niet bloot stellen en moeten we uiterst waakzaam zijn, dat we zelf bij en in Hem blijven, die de Waarheid is (Joh. 14:6). Ook moeten we ons oor niet lenen aan leugens en niet afgaan op louter en alleen waarnemingen en/of veronderstellingen. Dan komen we al snel bij “kwade vermoedens”. De Schrift zegt: “… De liefde rekent het kwade niet toe”, dat wil zeggen ‘denkt geen kwaad [van iemand]’ (1 Kor. 13:5). Als we dat toch doen, zal dit funeste gevolgen hebben, voor zowel ons persoonlijk geloofsleven alsook naar onze medebrusters* toe.

Spreuken 10:12:
“Haat wekt twisten op, maar liefde bedekt alle overtredingen”.

Waar komen de twisten eigenlijk uit voort? Uit haat wordt hier heel duidelijk gezegd. Moeten we daar niet van schrikken, geliefde brusters? We weten dat de liefde van God in onze harten is uitgestort door de Heilige Geest (Rom. 5:5). Echter deze liefde moet ook werkzaam zijn. Dat is ónze verantwoordelijkheid en God heeft ons daartoe de mogelijkheid gegeven door Zijn Geest. Als het vlees in ons werkzaam is, zal de liefde geen kans hebben. Vlees en Geest begeren tegen elkaar, behoren niet bij elkaar (Gal. 5:17). Werken van het vlees zijn onder andere “twist … toorn, partijzucht, tweedracht …”.  Maar de vrucht van de Geest is: “liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid, zelfbeheersing”. Het vlees met de hartstochten en begeerten zijn door hen, die van Christus Jezus zijn, gekruisigd. Onze verantwoordelijkheid is het om door de Geest te leven en door de Geest te wandelen (Gal. 5:17-26). Als we dit doen, zal de liefde werkzaam zijn en ook overtredingen bedekken. Dan komen we in ieder geval niet bij elke gelegenheid terug op de zwakheden en tekortkomingen van de ander. Hoe is het hiermee, geliefden? Laten we ons ook wat dit betreft in het licht van God stellen.

Spreuken 26:21:
“Zoals kolen zijn voor vurige kolen en hout is voor een vuur, zo doet een twistzieke man de onenigheid oplaaien”.

Het hoeft slechts één persoon te zijn, die er een behagen in heeft om te twisten, of het vuur van onenigheid kan gemakkelijk ontstaan. De vonken slaan dan over en de zelfbeheersing is totaal verdwenen. Men ziet slechts alleen het “eigen gelijk”. Dit gelijk zal en moet door anderen erkend worden. Als de anderen daartoe niet zo bereid zijn of dit eerlijkheidshalve ook niet kunnen, laaien de vonken nog hoger op. Het ongelijk hebben tast de eigen eer aan en daartoe is men helemaal niet bereid. Het eigen ‘ik’ – het vlees dus – moet toch wel voorrang hebben. Om dit te bereiken schroomt men zelfs niet om Gods Woord daartoe in te zetten. Wanneer de anderen niet het inzicht delen van de ‘twistzieke’ man, worden deze vervolgens afgeschilderd als ongehoorzaam aan Gods Woord. Geliefden, herkennen we dit ook in onze tijd? Hoe is uw en mijn hart hierin?

Een goede remedie tegen deze dingen is “lankmoedigheid (geduld)” (Gal. 5:22). Dat is wat de Geest wil en kan bewerken, maar dan moeten wij wel door de Geest leven. Twist is een van de werken van het vlees (Gal. 5:20). Lankmoedigheid is een vrucht van de Geest. De liefde is lankmoedig (1 Kor. 13:4) en zij verdraagt (bedekt) alles (1 Kor. 13:7). Alles! Het elkaar in alle nederigheid en zachtmoedigheid met lankmoedigheid in liefde verdragen, dooft de vurigste vlammen (Ef. 4:2). Hebben wij dit “blusapparaat” altijd bij de hand? Alleen als we dicht bij de Heer Jezus leven en ons laten leiden door de Heilige Geest zullen we dit blusapparaat  niet alleen paraat hebben maar het ook kunnen hanteren. Hoe zeer komen we hierin tekort, geliefden? Laten we hiermee ernst maken, temeer daar de dag nadert dat de Heer ons allen komt halen. Ook die twistzieke broeder of zuster.

Dan kan de gedachte opkomen die we ook bij Petrus zien. “Heer, maar wat zal er met [deze] gebeuren? Jezus zei tot hem: Als Ik wil dat hij blijft totdat Ik kom, wat gaat het jou aan? Volg jij mij” (zie Joh. 21:15-23). Dit is iets wat tussen de Heer en de persoon in kwestie is. Daar hebben wij niets mee te maken. Wij – u en ik – moeten Hem volgen, ook in het bewaren van de vrede en het in lankmoedigheid verdragen.

Moeten we dan alles maar over onze kant laten gaan? Deze gedachte kan ons bespringen. Wel, we hebben er al bij stil gestaan dat we moeten getuigen van Hem, ook als dingen niet kloppen of niet in overeenstemming zijn met de gedachten van de Heer. We lezen dit ook al in het Oude Testament. “U mag in uw hart uw broeder niet haten. U moet uw naaste zeker terechtwijzen, zodat u geen zonde op hem laadt” (Lev. 19:17).
“Gij zult uw broeder in uw hart niet haten. Gij zult uw naaste naarstig berispen, en zult de zonde in hem niet verdragen” (Lev. 19:17 – SV).
Het Nieuwe Testament bevestigt dit (zie: Matth. 18:15; Luk. 17:3).

Als er van zonde sprake is dan behoren wij uit liefde tot onze medegelovige hem of haar terecht te wijzen. Het gaat daarbij om het winnen van van hem of haar. Het gaat daarbij niet om die persoonlijke inzichten in Gods Woord, die in de praktijk verschillend beleefd en gepraktiseerd worden. Hiermee moeten we uitermate voorzichtig zijn, want veelal eindigt dit in het opdringen van inzichten of zelfs het daartoe dwingen door middel van intimidaties van verschillende aard. Nee, het moet wel gaan om zonde. Laten we dit goed voor ogen houden, anders komt er enorme verdeeldheid, die scheuringen ten gevolge kunnen hebben, alsmede twisten.

1 Korinthe 1:11,12:
“Want mij is over u bekend gemaakt, mijn broeders, door de [huisgenoten van] Chloë, dat er twisten onder u zijn”.

In de gemeente te Korinthe waren twisten en deze worden daar ook met name genoemd. “… dat ieder van u zegt: Ik ben van Paulus, ik van Apollos, ik van Kefas, en ik van Christus” (1 Kor. 1:12). Blijkbaar staken ze elkaar daarmee de loef af! Waren dan de huisgenoten van Chloë ‘klikspanen’? Nee, zij leden onder deze toestand en daardoor toonden zij dat hun harten goed stonden ten opzichte van de Heer. Zij zaten blijkbaar behoorlijk met dit probleem in de maag, omdat zij wisten dat dit niet naar de gedachten van God was. Reeds in het begin van de gemeente waren er dus helaas al twisten. Moeten deze dan maar blijven bestaan? Nee, de huisgenoten van Chloë wilden ongetwijfeld dat dit opgelost zou worden en allen weer “vast aaneengesloten” (1 Kor. 1:10) zouden zijn. Daarom wendden zij zich tot de apostel Paulus.

Wat doen wij als we dit meemaken? Apostelen zijn er niet meer. Maar we kunnen ons wel wenden tot het Woord van God en kunnen dan ook leren van wat de apostel Paulus de gemeente te Korinthe voorhield. Let wel, de apostel zag deze gemeente ondanks deze twisten nog steeds als de gemeente van God die te Korinthe is. Vervolgens vermaande de apostel Paulus door de Geest hen allen (1 Kor. 1:2,10). Hij negeerde hen niet en liep niet van hen weg! Integendeel! Hij ging in gesprek met hen en onderwees hen. Maar daar waren dan ook aanwijsbare, niet schriftuurlijke misstanden. Heel ernstige zelfs. De apostel onderwees hen daarom ook hoe zij met deze misstanden moesten handelen (1 Kor. 5:1-13).

1 Korinthe 11:16:
“Maar als iemand meent te moeten twisten, wij hebben zo’n gewoonte niet, en evenmin de gemeenten van God”.

Ja, zo zou het moeten zijn. Het zou onze gewoonte niet moeten zijn om te twisten. Hoe staat het daarmee? Of moet van ons ook gezegd worden dat het onze gewoonte is? We hebben het een en ander over twisten overdacht. Waar het vandaan komt, hoe we er mee om moeten gaan en wat wij er mee zouden moeten doen. Het Woord van God is daaromtrent zeker niet onduidelijk. Dat onze gewoonte zal zijn dat wij het kwade uit ons leven weren, dat we onze Heer en Heiland volgen en dat we de gewoonte hebben of krijgen om de liefde van God te laten werken in onze harten en in ons midden.

Hieronder nog enkele Schriftplaatsen die ons nog meer vertellen over twisten.

1 Timotheüs 1:4:
“… zich ook niet bezig te houden met fabels en eindeloze geslachtsregisters, die veeleer twistvragen tot gevolg hebben dan Gods rentmeesterschap dat in [het] geloof is”.

1 Timotheüs 6:4:
“… die is opgeblazen en weet niets, maar lijdt aan twistziekte en woordenstrijd, waaruit afgunst ontstaat en twist, lasteringen, kwade vermoedens, …”.

Jak. 4:1-3:
“Vanwaar oorlogen en vanwaar twisten onder u? Is het niet hiervan: uit uw hartstochten, die in uw leden strijd voeren? U begeert en hebt niet; u moordt en u bent jaloers, en kunt niet verkrijgen; u twist en voert oorlog. U hebt niet omdat u niet bidt. U bidt en ontvangt niet, omdat u verkeerd bidt, om het in uw hartstochten te verkwisten”.

 

Moge deze overdenking ons uitdrijven naar Hem die in Zijn liefde ons verdroeg én … verdraagt, én het kwade in ons veroordeelt. Laten we ons diep buigen voor Hem en onze schuld belijden omtrent de twisten in ons leven en in de gemeente. Zijn genade zal ons dan weer herstellen! Als antwoord daarop mogen wij in liefde en nederigheid en zachtmoedigheid onze weg vervolgen totdat Hij komt om ons te halen. Daar zullen we Hem zien Die Zijn leven voor ons gegeven heeft en Hem voor Zijn liefde eeuwig loven en aanbidden samen met allen die door Zijn kostbaar bloed gekocht zijn.

6 mei

* Medebrusters: Broeders en zusters.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol