1 jaar geleden

Numeri 9 vers 22

“Of als de wolk twee dagen of een maand, of vele dagen lang op de tabernakel bleef rusten, bleven de Israëlieten in hun kamp en braken zij niet op; maar als hij opgeheven werd, braken zij op”.

Wachten en gehoorzamen

God heeft Zijn volk met “sterke hand en uitgestrekte arm” uit Egypte uitgeleid. Naar menselijke maatstaven scheen het onmogelijk een miljoenenvolk door een zo grote en verschrikkelijke woestijn te leiden. Maar God leidde, verzorgde en beschermde Zijn volk. Hij was bij hen en werd voor hen zichtbaar door de wolkkolom bij dag en door de vuurkolom bij nacht.

Wat het volk betreffende hun wandel te doen overbleef, was steeds te letten op de wolkkolom. Sommige lange verblijven zullen veel Israëlieten niet goed hebben geleken. Toch betekende het te wachten tot God het vertrek aangaf. Dat wachten moest geleerd worden. Echter ook een al te snel opbreken zal velen dwaas geleken hebben. Bij het opheffen van de wolkkolom was het direct opbreken, ook als het in de nacht geweest zou zijn, net zo belangrijk als dat door God bevolen wachten. Een weinig wachten zou ongehoorzaamheid geweest zijn.

God alleen weet de juiste tijd van wachten en van handelen. Alleen door een volledige afhankelijkheid van God kon het volk zonder moeilijkheden het doel bereiken. Toen het van de wolkkolom afzag en sprak: “Laten wij mannen voor ons uit sturen, die het land voor ons verkennen en ons verslag uitbrengen langs welke weg wij het moeten intrekken en bij welke steden wij zullen komen” (Deut. 1:22), werd dat hen noodlottig. Hoe belangrijk is het voor de gelovigen om te letten op de aanwijzingen van God. Alleen Hij kent de gevaren van de woestijn en de lengte van de wegen.

Het volk Israel heeft de zichtbare wolkkolom voor zich. Wij hebben Zijn kostbaar Woord en Zijn Heilige Geest (verg. Haggaï 2:5). Maar laten wij bedenken, dat Zijn aanwijzingen alleen erkend kunnen worden door een leven in gemeenschap met Hem.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol