2 jaar geleden

Numeri 15 vers 37-38

“De HEERE sprak tot Mozes: Spreek tot de Israëlieten en zeg tegen hen dat zij voor zichzelf, al hun generaties door, kwastjes moeten maken aan de hoeken van hun kleren. Aan de kwastjes aan de hoek moeten zij een blauwpurperen draad bevestigen”.

De kinderen van Israël werden opgedragen om een blauwe draad aan de kwastjes te maken aan de hoeken van hun kleren, zodat ze aan de geboden van de Heer herinnerd konden worden en niet hun eigen hart en ogen zouden onderzoeken (vs. Num. 15:39-40). Wat een constante herinnering moeten deze blauwe kwastjes zijn geweest. Het met zich meedragen ervan, waar ze ook gingen, hoe moet dit voortdurend voor hun ogen geweest zijn! Kunnen wij daaruit niet een heilzame les leren?

Wij worden er niet toe opgeroepen om daadwerkelijk een blauw kwastje te dragen, maar wel om onszelf voortdurend te herinneren wie we zijn en Wie wij dienen, zodat we ons ware karakter zullen behouden en nooit twijfelachtige verbindingen zullen toestaan.

Daarvoor bestaat een grote noodzaak. Want wij leven in een tijd van grote onzorgvuldigheid, van wereldgelijkvormigheid, van het zich aanpassen aan deze wereld. Er wordt ons aan alle kanten verteld, dat de tijden zijn veranderd, en de Bijbel en de Christenen moeten zichzelf aan de veranderde tijden aanpassen. We hebben het Woord van God als nooit te voren nodig om ons te leiden. Het blauwe kwastje beschrijft symbolisch de waarheid van de hemelse wandel van de Christen. Blauw symboliseert dat, wat hemels is.

Christenen behoren bij de hemel en behoren een hemelse wandel ten toon te spreiden. Evenals God de kinderen van Israël uit Egypte leidde, zo moeten wij ons herinneren dat wij niet van deze wereld zijn, evenals Christus niet van de wereld was. Tweemaal herinnerde Hij dit Zijn Vader in het gedenkwaardige gebed in Johannes 17 (Joh. 17:14,16). Als wij uitdragen wat het blauwe kwastje symboliseert – dit is onze hemelse roeping en karakter – zouden we zeer voorzichtig zijn met waar we heengaan en welke verbindingen we toestaan. Het is deze geest die tot heiligheid leidt (verg. Num. 15:40; 1 Petr. 1:15-16).

A.J. Pollock, © The Lord is near

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol