11 maanden geleden

Na de Babylonische ballingschap (35,36)

Nehemia 12 vers 27 en 43:

27. Bij de inwijding van de muur van Jeruzalem zochten zij de Levieten uit al hun woonplaatsen om hen naar Jeruzalem te brengen, om met blijdschap de inwijding te verrichten, met dankzegging en met gezang, met cimbalen, luiten en harpen.
43. Zij brachten op die dag grote offers en waren verblijd, want God had hen in grote mate verblijd, en ook de vrouwen en de kinderen waren verblijd, zodat de blijdschap van Jeruzalem van ver gehoord werd.

XXXV

De inwijding van de muur

Toen de muur eenmaal klaar was, werden er voorbereidingen gemaakt om met alle Levieten in Jeruzalem te komen, “de heilige stad”, want daar stond de tempel van God, met de muren ter bescherming. Het volk zegende de mensen die daar vrijwillig woonden. Velen waren verantwoordelijk voor de aanbidding in de tempel. Het is heel mooi om vlakbij een plaats te wonen waar de Heer aanbeden wordt.

Er werd een speciale viering gehouden voor de inwijding van de muur van Jeruzalem. De zegen van de Heer is elke morgen nieuw. Groot is Zijn trouw!! Maar er zijn bijzondere dingen die Hij voor ons doet, bijzondere barmhartigheden geeft Hij ons om van te genieten. Wat een vreugde is het om Zijn goedheid te mogen erkennen samen met anderen die Zijn eigendom zijn! Laten we zoeken naar zulke gelegenheden om Hem dank lof en aanbidding te geven!

Bij deze inwijding van de muur had Nehemia twee koren geregeld om dank lof en aanbidding te brengen. De priesters en Levieten reinigden zichzelf en reinigden het volk en de poorten en de muren. De koren marcheerden in tegengestelde richtingen op de muur, en zongen en speelden op de muziekinstrumenten van David, de man Gods. Ezra leidde een koor; Nehemia liep achter de andere. Ze ontmoetten elkaar in het huis van God. De zangers zongen luid. De blijdschap in Jeruzalem kon men van ver horen. Die dag offerden ze grote offers. God had hen verheugd met grote blijdschap. En God merkt hier op dat op dit moment de mensen gaven, wat ze zouden moeten geven, zodat aan de behoeften van Zijn dienaren werd voldaan.

XXXVI

Nehemia 13:23-26,31:
23. Ook zag ik in die dagen Joden die Asdoditische, Ammonitische en Moabitische vrouwen bij zich hadden doen wonen.
24. Hun kinderen spraken voor de helft Asdoditisch, en ze konden geen Judees spreken, maar spraken overeenkomstig de taal van elk volk.
25. Ik had onenigheid met hen en ik vervloekte hen. En ik sloeg sommige mannen van hen en trok hun de haren uit. Ik liet hen zweren bij God: U zult uw dochters niet aan hun zonen geven en van hun dochters niemand voor uw zonen of voor uzelf nemen!
26. Is het niet met betrekking tot deze dingen dat Salomo, de koning van Israël, gezondigd heeft? Terwijl er onder veel heidenvolken geen koning was zoals hij, en hij zijn God lief was en God hem tot koning gesteld had over heel Israël? Ook hem deden de uitheemse vrouwen zondigen.
31. en ook voor het offer van het hout op de vastgestelde tijden en voor de eerstelingen. Denk aan mij, mijn God, ten goede.

Enkele jaren later

Na twaalf jaar gouverneur te zijn geweest, keerde Nehemia terug naar de koning. Later werd hem toegestaan om terug te keren naar Jeruzalem. Hij vond daar droevige dingen. Eliasib, de hogepriester, had een kamer in de tempelgebouwen gemaakt voor Tobia, de Ammoniet. Zeer bedroefd wierp Nehemia Tobia’s goederen uit de kamer, reinigde het en bracht de voorwerpen en de offeranden van het huis van God daar terug.

De delen voor de Levieten en zangers waren niet gegeven, en zo waren zij teruggaan naar hun velden. Nehemia riep de machthebbers ter verantwoording over het verlaten van het huis van God. Hij stelde trouwe schatmeesters aan over de voorraadkamers om de tienden te beheren en het was aan hen om alles onder hun broeders te verdelen. Hoe nodig is dit ook vandaag!

Mensen werkten in plaats van de sabbat te houden. Mannen van Tirus voerden vis en allerlei goederen aan om te verkopen. Nehemia gebruikte krachtige maatregelen om dit probleem binnen enkele weken te corrigeren. Hij was ook streng voor de Joden die met vrouwen uit de heidense naties uit de omgeving gehuwd waren, en wees hen op het voorbeeld van de grote koning Salomo hoe deze daardoor gezondigd had. De helft van de kinderen uit dergelijke huwelijken konden de Joodse taal niet spreken maar enkel dat van hun moeders. Dit is ook vandaag een groot gevaar, want de kinderen van gelovigen die met ongelovigen getrouwd zijn, hebben de natuurlijke neiging om de ongehoorzame ouders te volgen, want God zegt dat het hart vol bedrog is boven alle dingen en hopeloos slecht.

Telkens droeg Nehemia zijn handelingen op aan zijn God!

SLOT!

Eugene P. Vedder, Jr., © The Lord is near

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol