11 jaar geleden

Mattheüs 14:22

De Heer moest de discipelen dwingen, want wat Hij zei, was voor hen onbegrijpelijk. Waarom wilde hun Meester alleen blijven? Waarom moesten ze niet op de oever op Hem wachten om Hem mee te nemen? Hoe moest Hij hen volgen, wanneer ze het schip van Hem wegnamen? Zulke en soortgelijke vragen konden wel bij hen opkomen. Misschien hebben ze ook wel tegenwerpingen gemaakt, maar tenslotte moesten ze er genoegen mee nemen dat het bevel tot hen gericht werd voor Hem af te varen. En wanneer ze het nu uitvoerden, was het geen eigen weg, maar de weg naar het woord van de Heer.

Is het ook niet zo met ons gelovigen? We moeten heel wat doen en doormaken op Zijn bevel, zonder het ‘waarom’ te weten. Maar een gehoorzaam discipel vraagt ook niet: “Waarom moet ik dit doen of dat meemaken?”, maar doet evenals de apostel Paulus eenvoudig wat de Heer vraagt (zie Handelingen 9:6).

Waarschijnlijk was voor de discipelen niet alleen de oorzaak en het doel van deze leiding verborgen, maar het zou ook tegen hun wens en hun wil in kunnen gaan. Misschien dachten ze meer gezegend te zijn, als ze met Hem genoten zouden hebben van het enthousiasme van de volksmenigte die Hij met weinig broden verzadigd had. Toch maakte de toestand van hun harten deze weg noodzakelijk.

Ja, de Heer kent ook onze harten! Zijn liefde tot ons noodzaakt Hem vaak om oefeningen op onze weg te brengen die ons niet bevallen. Maar het is Zijn weg. Is ons dat niet genoeg? In ieder geval hebben de discipelen hun Heer tijdens deze moeitevolle overtocht op een heel nieuwe en unieke wijze leren kennen, zoals het anders niet mogelijk geweest zou zijn.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW