11 jaar geleden

Lukas 22:33,34

Arme Petrus, roepen we direct, wat zeg je daar! Je kent jezelf helemaal niet! Maar we moeten niet zo snel het oordeel over een man als Petrus uitspreken. Het zou ons heel gemakkelijk zelf kunnen overkomen.

Natuurlijk twijfelt niemand eraan dat Petrus meende wat hij zei. Men ziet dat goede wil alleen niet bewaart voor een verkeerde inschatting van onszelf. Ook de voorspelling van de Heere dat hij
Hem zelfs zou verloochenen, maakte totaal geen indruk op Petrus.

Ook wij hebben duidelijke Schriftwoorden die ons tonen hoe het met ons gesteld is. Het is treurig te moeten zeggen dat Gods Woord ook bij ons in dit opzicht vaak geen uitwerking heeft. Het was voor ons eigen ‘ik’ is te dicht. Trots en hoogmoed zijn zo diep in ons geworteld dat de Heer scherpere middelen moet aangrijpen om ons tot zelfkennis te brengen. Zonder overdrijving, met dit euvel hebben we toch allemaal min of meer te kampen.

Kunnen we nu ook deze bladzijde beëindigen, omdat schijnbaar het schrijven, spreken en lezen niets uitwerken? Jakobus heeft echter nog een beeld voor ons dat ons hoop geeft, hoewel hij het negatief uitdrukt: men kan in de spiegel van het Woord kijken en erkennen hoe het met ons gesteld is (vergelijk Jakobus 1:23,24). De Heer doet de rest en brengt ons in veelvuldige moeilijkheden. Verootmoediging is Gods opvoedingsmiddel. We moeten toegeven dat we dit vaak zo nodig hebben.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW