11 jaar geleden

Jesaja 66:13

Op deze arme aarde is veel leed en smart. Ook kinderen van God blijven zorgen, ziekten, verdriet en nood niet bespaard. Wij hebben geen belofte van blijvend welzijn. Veelmeer zegt ons Gods Woord “dat wij door vele verdrukkingen moeten ingaan in het Koninkrijk Gods” (Handelingen 14:22).

Doch op welke wegen onze God en Vader ons in Zijn wijsheid ook mag voeren, Hij draagt dag aan dag onze last en heeft beloofd ons niet te begeven noch te verlaten. Het kunnen uren vol leed en aanhoudende beproevingen zijn, waarin wij angstig vragen: Heere, hoe lang nog? Of ook geneigd zijn met Asaf uit te roepen: “Houdt Zijn goedertierenheid in eeuwigheid op? Heeft God vergeten genadig te zijn?” (Psalm 77:9, 10).

In zulke omstandigheden kunnen zelfs de woorden van troost van lieve medemensen het gewonde hart geen balsem geven en we ondervinden evenals Job: “Gij allen zijt moeilijke vertroosters” (Job 16:2).

Slechts Eén kan alle verdriet stillen en gebogen harten oprichten: Hij, “de Vader der barmhartigheden en de God van alle vertroosting” (2 Korinthe 1:3). Hij heeft alle treurenden en bedroefden beloofd: “Als een, dien zijn moeder troost, alzo zal Ik u troosten”. Zoals een door verdriet overmand kind zich aan de borst van de moeder vlijt en door haar met zachte liefde vertroost wordt, zo troost onze God en Vader Zijn kinderen. Hebben we al niet vaak de ervaring van de psalmist mogen opdoen: “Toen mijn gedachten binnen in mij vermenigvuldigd werden, hebben Uw vertroostingen mijn ziel verkwikt” (Psalm 94:19)?

U die door verdriet beproefd bent, laat het Schriftwoord van vandaag voor uzelf spreken! Spoedig is alles voorbij. Dan zijn we bij Hem Die alle tranen van onze ogen zal afwissen.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW