4 jaar geleden

Genesis 24 vers 61

“Rebekka en haar dienaressen stonden op, bestegen de kamelen en volgden de man. Zo nam die dienaar Rebekka mee en vertrok”.

Dit vers illustreert de beslissing die door christenen zijn gemaakt door het onderwijs van het Nieuwe Testament die onafscheidelijk met Christus in heerlijkheid verbonden zijn. Zij hebben de woorden van de apostel Paulus aan de Kolossenzen begrepen: “Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods. Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn” (Kol. 3:1-2).

Rebekka verliet het huis van haar vader en ging op reis naar Izak onder de leiding van de knecht van Abraham. De weg van Mesopothamië naar Kanaän was lang en inspannend en ging door grote woestijngebieden. Rebekka’s ervaring op die reis lijkt op dat van de gelovigen nu. Zij behoorde niet langer meer tot het huis van haar vader noch was zij nu in de tent van Izak. Wij hebben eveneens de wereld verlaten en behoren niet langer meer tot deze aarde waardoor we nu reizen. Noch zijn we lichamelijk in de hemel, de plaats van ons ware burgerschap.

Maar terwijl Rebekka op weg was, had zij een heerlijk vooruitzicht en, bovendien een gids en begeleiding die haar over Izak, haar toekomstige echtgenoot, zou kunnen vertellen. Aan het eind van de reis stond die ene, die haar hart veroverde, haar op te wachten om haar te verwelkomen. Hoe waar is dit ook voor ons! De heerlijkheid van de hemel staat elke dag voor ons. De Heilige Geest Die in ons woont, laat ons de Heer Jezus zien. Aan het eind van onze pelgrimsreis zal Christus zelf op ons wachten om ons te ontvangen. Zouden we niet meer aandacht moeten geven aan de Heilige Geest, wanneer Hij ons de heerlijkheid van Christus door middel van het Woord van God beschrijft?

The Good Seed

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol