1 jaar geleden

De wereld als een georganiseerd systeem onder satan

Enkele van de vele passages die de wereld op deze manier beschrijven, worden hieronder weergegeven:

“… nu zal de overste van deze wereld worden buitengeworpen” (Joh. 12:31).
“… hebt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen” (Joh. 16:33).
“En wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen …” (1 Kor. 2:12).
“… weet u dan niet dat de vriendschap jegens de wereld vijandschap is jegens God? …” (Jak. 4:4).
“Want al wat in de wereld is: … is niet uit de Vader …” (1 Joh. 2:16).
“Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld …” (1 Joh. 5:4).
“… en de hele wereld in het boze ligt” (1 Joh. 5:19).

Wanneer christenen over de wereld spreken, is het meestal in deze zin. En inderdaad beschrijft het Woord van God de wereld duidelijk op deze wijze – als een systeem dat door satan, de aartsvijand van Christus, georganiseerd, aangestuurd en gecontroleerd wordt. Satan heeft een aantal mooie dingen van Gods schepping in bruikleen, misbruikt en bederft deze en voegt haar dan samen tot zijn wereld-systeem.

Als onze ogen geopend zouden worden om deze wereld zo te zien, zoals ze werkelijk is, dan zien we een gigantisch bedrog dat hieruit bestaat om mensen van God af te leiden. In plaats van aanbidding van God is er een religieuze plicht, in plaats van heilige verlangens komen onrechtmatige begeerten, in plaats van vreugde is er een oppervlakkig plezier, stil vertrouwen in God wordt vervangen door trotse zelfgenoegzaamheid, en overeenstemming met Christus wordt door sociale aanpassing vervangen.

Dit is de wereld die Johannes voor zich ziet, wanneer hij aan de kinderen van God schrijft: “Heb de wereld niet lief, noch wat in de wereld is” (1 Joh. 2:15). Dit is de wereld die Jakobus in gedachten had, toen hij verklaarde: “dat de vriendschap jegens de wereld vijandschap is jegens God”. Dr. Jowett uitte de volgende gedachten, toen hij op deze wijze naar de wereld keek:

<<Secularisme is een geest, een aard, een geesteshouding. Haar blik is horizontaal, niet verticaal. Haar motto is naar voren, nooit naar boven. Haar doel is succes, niet heiligheid. Nooit buigt zij zich diep verzonken in gedachten en met stille verwondering in het verborgene. Ze beleeft nooit de eerbied-wekkende waarneming van de verborgen Aanwezige. Ze heeft verlangens, maar geen smekingen. Ze heeft ambitie, maar geen vurig verlangen. God wordt niet ontkend. Hij wordt vergeten en genegeerd>>

In dezelfde mate als de satan er in slaagt om de Christenen te verstrikken in zo’n wereld, vernietigt hij hun waardering voor God en hun vrucht voortbrengen voor Hem. De liefde voor de Vader en de liefde voor de wereld kunnen in de genegenheden van een gelovige niet tegelijkertijd bestaan. Het ene moet het andere verdrijven. Jakobus laat zien dat de genegenheden van de gelovige alleen God toebehoren en hij noemt hen, die een compromis met de wereld aangaan, “overspeligen”. Misschien zullen we zo’n harde taal beter begrijpen als we kijken naar een aantal bijzondere kenmerken in dit wereld-systeem.

Een wijsheid – niet uit God

De wijsheid van de wereld leert mensen die verloren zijn en sterven, dat de boodschap van het kruis dwaasheid is. Geobsedeerd door dergelijke wijsheid wankelt de mens langs de rand van een catastrofe, terwijl hij de Enige die hem daarvan redden kan, afwijst. Ze haalt het geïnspireerde en onveranderlijke Woord van God omlaag en bespot het, terwijl zij de woorden van mensen verhoogt. Geen wonder dat Jakobus een dergelijke wijsheid beschrijft als “aards, ongeestelijk, demonisch” (Jak. 3:15).

Een geest – niet uit God

Paulus stelt deze geest van de wereld tegenover de Geest van God. Is het mogelijk, dat degenen die de Geest van God vrij ontvangen hebben, wensen zouden om terug te vallen in een wandel naar de geest van de wereld? Zou een vlinder willen terugkeren naar een rups of een bevrijde slaaf terug naar slavernij? Helaas dringt de geest van de wereld zich door de massamedia, onder druk van medemensen, door de zo echt schijnende beelden en geluiden van het dagelijks leven, in onze gedachten binnen, terwijl de Geest van God door de Bijbel met een zeer zachte stem tot ons spreekt, die we zo gemakkelijk niet horen.

Een filosofie – niet van Christus

Paulus worstelde in het gebed voor de gelovigen te Kolosse, toen hij hen in groot gevaar zag om door een wereldse filosofie misleid en gevangen genomen te worden. God zegt: “Want in Hem woont de hele volheid van de Godheid lichamelijk, en u bent voleindigd1 in Hem” (Kol. 2:9). De filosofie van deze wereld daarentegen zegt: <<Het is in orde om Christus te hebben, zolang je probeert nuchter te blijven. Alleen wees geen religieuze fanaat. Je leven is van jou. Jij moet beslissen op welke terreinen Hij past>>.

Het eindresultaat van deze filosofie stelt het christelijke leven voor als “Christus plus iets anders”. God zegt in de werkelijkheid: <<Christus plus niets>> Als ik op deze vraag de gedachten van God accepteer, zal ik Christus in mijn familie, mijn beroep en in het leven van de gemeente voorrang geven, zelfs in het gebruik van mijn vrije tijd. Hij is mijn leven! Een wereldse houding zou dit als onderdrukkend voelen, maar hij die Zijn liefde diep ontvangt, zal met vreugde wandelen in Hem, „geworteld en opgebouwd in Hem” (Kol. 2:7).

Een vriendschap – niet van God

Vriendschap wordt gedefinieerd als de verhouding, waarin men iemand of iets kent, mag, hem vertrouwt en helpt. Onze geliefde Heer was een vriend van tollenaars en zondaars, maar Hij was geen vriend van de wereld. Zijn principes waren zo ver van die van het wereld-systeem, waarin Hij zich bewoog, verwijderd, zoals het oosten van het westen. Hij verheerlijkte God – de wereld vereert de mensen. Hij leefde om te geven aan anderen – de wereld leeft om van anderen te ontvangen. Hij zocht de armen, de onderdrukten en de behoeftigen op – de wereld zoekt de rijken, de machtigen en de zelfstandigen op. Hij was zachtmoedig en nederig – de wereld is grof en arrogant. Ben ik een vriend van de wereld of een vriend van God?

Begeerte en hoogmoed zijn niet van de Vader

Let goed op dat Johannes de dingen van de wereld als “de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven

definieert. Ik heb deze definitie nodig, omdat ik de neiging heb om de dingen van de wereld heel anders te duiden. Ik zie naar de dingen, activiteiten en relaties, en zeg: “Deze zijn werelds!

Echter het Woord van God herinnert me eraan, dat de eigenlijke wereldse gezindheid in mijn hart is, wanneer ik naar iets hunker, wat niet tot eer van God is; en wanneer ik de hoogmoed van het leven in een van zijn verschillende vormen aanneem: trots op het uiterlijk, trots op een ras, trots op een baan en zelfs trots op genade. Begeerte en hoogmoed kunnen beide heel plotseling in de vermomming van iets goeds of geestelijks bij ons binnensluipen.

Meer dan 100 jaar geleden schreef J. N. Darby over de wereld:

<<Het is een enorm systeem dat gegroeid is, nadat de mens zich van God afgewend heeft, en hun god en vorst, hoewel niet rechtmatig, in werkelijkheid satan is. De mens werd van de plaats, waar God hem in onschuld en vrede geplaatst had, verdreven. Voor zijn lusten gaf de mens onder invloed van satan, God op. Op deze manier kreeg satan macht over de mens … regeren niet plezier, winst, ijdelheid en eerzucht de mensen? Ik spreek niet van uitzonderingen, maar van wat de wereld kenmerkt … Wat is de wereld in zijn motieven? Een systeem, waarin de mensen op zoek zijn naar eer van elkaar en niet de eer die van God komt … >>.

God zij dank dat Hij ons hulpmiddelen heeft gegeven om de wereld te kunnen overwinnen. Ten eerste hebben we als uit God geboren een nieuwe natuur, die de mogelijkheid bezit door de Heilige Geest onderwezen te worden. Daardoor zijn we in staat om te onderscheiden tussen wat uit God is, en dat, wat uit de wereld is. Ten tweede het geloof in de overwinning, die de wereld overwint. Als wij wandelen door geloof, zullen we de kracht van God ervaren, die in ons werkt, om ons onbesmet van de wereld te bewaren.

Ik wil graag een praktische methode voorstellen om door geloof te wandelen. Daartoe moeten we ons doen en laten altijd weer in afhankelijkheid van God en het Woord van Zijn genade bezien. De volgende vragen kunnen ons helpen om te bepalen wat “werelds” is en wat niet:

  • Is er iets wat duidelijk in contrast staat met het Woord van God? Zo ja, vermijdt het geheel zonder aarzeling.
  • Dient het mijn normale en legitieme functioneren als persoon? God heeft mij zo geschapen, dat ik kan eten, slapen, werken, ontspannen en een heleboel andere dingen kan doen. Maar Hij wil dat ik dit allemaal doe in gemeenschap met Hem.
  • Dient het mijn begeerten en mijn trots? Twee mensen kunnen dezelfde activiteiten uitoefenen, maar de een doet het uit hoogmoed, de ander uit liefde. De eerste handeling is werelds, de tweede niet.
  • Concentreert hierdoor mijn opmerkzaamheid zich buiten verhouding groot op de huidige tijd en wordt mijn hemelse roeping verduisterd? Verlies ik iets van dat verlangen waarmee ik verlang naar de komst van de Heer?
  • Groeit daardoor mijn waardering voor God als Schepper? Een week in een natuurpark kan daartoe heel goed bijdragen, enkele andere vakantie- bestemmingen misschien niet.
  • Kan ik gemeenschap met een God uitoefenen, Die de wereld en de mensheid liefheeft, maar Die echter het wereld-systeem van satan totaal verafschuwt en het in tegenstelling tot Zichzelf oordelen zal?
NOOT:
1. Dit is volledig gemaakt, tot volheid gebracht (verg. vs. 9).

© Bibelkurs.com

Geplaatst in: ,
© Frisse Wateren, R. Mol