5 jaar geleden

Aanbidding: les 10 – David (II)

Voordat we nu verder gaan, willen we eerst iets herhalen, zodat we niet de draad kwijtraken. Kort samengevat ziet het er zo uit:

Les 1: God is onze Vader, en wij zijn Zijn kinderen.

Les 2: Om de gedachten van onze hemelse Vader te begrijpen en om Zijn wensen kennen, moeten we het Oude Testament verkennen.

Les 3: Het Oude Testament geeft ons in beeldspraak vele verwijzingen naar onze Heer en Heiland Jezus Christus.

Les 4: De geschiedenis van Kaïn en Abel laat ons zien dat God alleen die gave kan aanvaarden, wat iets over de Heer Jezus en Zijn leven en Zijn werk aan het kruis en de resultaten ervan zegt.

Les 5: Lot, een onstandvastige gelovige, kan God niet aanbidden; hij denkt er niet eens aan!

Les 6: Abraham krijgt een belofte. Zijn geloof wordt beproefd. Deze beproeving leidt hem naar het land Moria.

Les 7: Abraham aanbidt in het land Moria. De plaats waar God hem heen leidde, speelt een belangrijke rol in het Oude Testament.

Les 8: Het volk Israël krijgt de opdracht om naar de plaats te zoeken, die God als Zijn woonplaats gekozen heeft. Maar het volk ontbreekt het aan ijver om deze plaats op te zoeken.

Les 9: David, de man naar Gods hart, is de eerste die de plaats waar God wonen wilde, zoekt en vindt. Hoewel hij fouten maakt, net als wij allemaal, heeft hij echter een hart voor de Heer, en dat is heel belangrijk. God ziet dat hij het oprecht meent.

1. Hoe lang was David koning over geheel Israël en Juda (2 Sam. 5:5)?

……………………………………………………………………………………………………………………

2. David deed veel goeds. Wat zegt God in 1 Koningen 9 vers 4 tegen Salomo over David?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

Maar deed David altijd goede dingen? Helemaal niet! Denk maar aan het verhaal van David en Bathseba! Het wordt gevonden in 2 Samuel 11 vers 2-5. Dat was een slechte zaak. God maakt het David echter niet gemakkelijk. Wat zegt David hierover in Psalm 32?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

David was dus geen “superman”. Hij maakte fouten in het leven zoals we allemaal doen! Er is nog een gebeurtenis waar David God niet gehoorzaamde. Dit is zeer belangrijk voor ons standpunt. We vinden het in 2 Samuël 24.

3. David begaat een nieuwe fout: Hij houdt een volkstelling. Men kan zich afvragen in hoeverre de telling van het volk tegen de wil van God was, want sinds de uittocht uit Egypte werden er meerdere tellingen voorgeschreven. Maar de telling in 2 Samuël 24 kon geen van deze eigenschappen hebben. Het eerste vers van hoofdstuk 24 lijkt David te verontschuldigen, want hij wordt door God daartoe aangespoord. Maar  uit 1 Kronieken 21 vers 1 blijkt, dat satan het boosaardige werktuig daartoe is en David alleen heeft laten begaan. God wil David en het volk Israël tuchtigen, maar daarna Zijn genade bewijzen. De vijand komt pas tot zijn doel vanwege de hoogmoed van de koning, die trots is dat hij de  heerschappij heeft over een talrijk volk en over een sterk leger  beschikt. De hoogmoed leidt ertoe zichzelf belangrijk te voelen en daarbij te vergeten dat alleen de genade van God ons tot dat gemaakt heeft, wat wij zijn en ons dat heeft gegeven, wat we bezitten. De eer van Israël lag noch in de kracht, noch in het aantal strijders, zoals dat bij de Verenigde Naties het geval is.

Welk vers in 2 Samuël 24 laat zien, dat David weet, dat hij te maken heeft met een genadige God?

Vers ………………………………………………………………………………………………………….

4. Als je het hierboven genoemde hoofdstuk oppervlakkig leest, zou men het idee krijgen, dat de profeet Gad David de opdracht gaf om een altaar te bouwen. Maar dit is niet het geval. Wie had dit werkelijk geboden?

……………………………………………………………………………………………………………………

5. Waar moet het altaar gebouwd worden (2 Sam. 24:16b en 18)?

……………………………………………………………………………………………………………………

6. In vers 24 lezen wij iets heel moois. Wat zegt David daar?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

7. In 1 Kronieken 21 wordt ons deze geschiedenis nog eens verteld. Hieruit kunnen we nog meer leren. Gelieve opnieuw te lezen vanaf vers 26 tot hoofdstuk 22 vers 1. We moeten er rekening mee houden dat ‘Arauna’ in de Kronieken als ‘Ornan’ wordt vermeld.

Het idee van mensen tellen hier is het resultaat van de directe werking van de satan tegen het volk. Daartoe verleidt satan het hart van David tot zonde, de geboden van God te vernietigen tegen Zijn volk. Maar God gebruikt juist deze geheime aanvallen van de vijand om Zijn eigen plannen te vervullen, doordat Hij David en het volk van Israël introduceert in Zijn tegenwoordigheid, op een ​​volledig nieuwe grondslag, die van de genade, die in plaats van de verordeningen van de wet gekomen is.

8. Waar stond de tabernakel toen (vs. 29)?

……………………………………………………………………………………………………………………

9. Men kan zich afvragen waarom David wilde niet tot het altaar naderen mocht, zo lang deze in Gibeon stond. Het antwoord wordt gegeven door 1 Kronieken 21 vers 30b:

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

De woonplaats van de God van Israël, die Mozes in de woestijn gebouwd had, en het brandofferaltaar, waren op dat moment nog op de offerhoogte van Gibeon. “Maar David kon niet op weg gaan om vóór dat altaar God te raadplegen, want hij was overvallen door angst voor het zwaard van de engel van de HEERE” (1 Kron. 21:30). In plaats van dat het koperen altaar te Gibeon een plaats van veiligheid was voor David, was het een plaats van verschrikking, en David gaat er niet meer heen. Dit altaar was onder de wet opgericht. Daarom kon het de ziel van David geen rust geven, omdat de wet een bediening van de veroordeling was. God had een andere plaats getoond, waar men Hem naderen kon, de dorsvloer van Arauna of Ornan, de door genade gekozen plaats waar het oordeel van God opgeheven was. Dat was de enige plaats, die voor David in de toekomst passend zou zijn.

10. Welke conclusie trekt David uit dit hele verhaal? (1 Kron. 22:1)?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

11. David moet een altaar te bouwen, en God maakt hem duidelijk waar Zijn huis, Zijn woning, de tempel met zijn altaar eens staan moet. David zelf echter kan de tempel niet bouwen. Waarom niet?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

12. Wie roept David direct en wat zegt hij tegen hem?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

13. We hebben nu gezien hoeveel waarde God aan die plaats hecht, die Hij op aarde heeft gekozen als Zijn woonplaats! Hoe streeft Hij ernaar, dit aan David en aan ons allemaal duidelijk te maken! Vandaag de dag gaat het er voor ons niet om een met menselijke handen opgericht gebouw of om een altaar van metaal of om op elkaar gestapelde stenen. Zoals we in een eerdere les al vaststelden, hebben we vandaag met een “geestelijk altaar” te doen. Daar, waar “twee of drie” in de naam van de Heer Jezus vergaderd zijn, bevindt zich onze plaats van naderen tot God; daar mogen we God “geestelijke offers” en “offers van lof” brengen. We zouden graag  willen dat u regelmatig op de eerste dag van de week (zondag) deze plaats bezoekt.

Hebt u er nooit over gedacht om naar deze plaats te zoeken?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

Wist u niet dat er ook vandaag nog zo’n plaats bestaat?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

Bent u bang voor de gevolgen als u deze plaats gaat zoeken?

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………

© Bibelkurs.com

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol