2 jaar geleden

7. Uit het leven van Abraham

Abraham krijgt bezoek

Genesis 18

Abraham woont nog steeds in een tent in de buurt van de eiken van Mamre. Op een dag, op het heetst van de dag, zit hij in de schaduw bij de ingang van zijn tent. Daar ziet hij drie mannen voor zich staan. Hij verlaat zijn schaduwplaats, loopt snel naar hen toe en biedt hen zijn gastvrijheid aan. Ze nemen zijn vriendelijke aanbod aan: “Doe zoals u gesproken hebt” (vs. 5).

Hij gaat ijverig aan de slag: hij haast zich naar de tent, en geeft Sara de opdracht om snel een koeken te maken. Hij loopt snel naar het vee. De knecht haast zich om het ‘gemeste’ kalf te bereiden. Dan zet hij hen het eten voor en staat klaar om hen te bedienen.

Hoeveel tijd neemt de Heer voor dit bezoek! Hij heeft een menselijke gestalte aangenomen, maar Hij heeft geen menselijke behoeften. Niettemin gaat Hij aan de tafel van Abraham zitten, wacht op het eten en eet van de aangedragen spijzen. Dat moet uren geduurd hebben. God komt niet meteen ter zake, want Zijn hart verlangt naar gemeenschap met Abraham.

Na het eten moet Abraham aan de woorden die de Heer tegen hem sprak, geweten hebben wie zijn gast is, want Hij bevestigt nog eens Zijn belofte, dat Sara volgend jaar een zoon zal krijgen (verg. Gen. 17:21). Sara betwijfelt dat, naar menselijk maatstaven, terecht. Maar ze krijgt het antwoord: “Zou er iets voor de HEERE te wonderlijk zijn?” (vs. 14).

Hoe gedraagt Abraham zich nadat hij zich realiseert, dat hij voor God staat? Hij verliest zijn kalmte niet, een aanwijzing dat hij gewend is om in de tegenwoordigheid van God te leven (verg. Gen. 17:1). God vertrouwt hem toe wat Hij met Sodom en Gomorra van plan is te doen (Ps. 25:14). Drie keer lezen we in het Woord van God dat hij Abraham Zijn vriend noemt (2 Kron. 20:7, Jes. 41:8, Jak. 2:23). In het Nieuwe Testament lezen we: “Ik noem u niet meer slaven, want de slaaf weet niet wat zijn heer doet; maar Ik heb u vrienden genoemd, omdat Ik u alles wat Ik van Mijn Vader heb gehoord, bekend gemaakt heb” (Joh. 15:15). Waarderen we dit voorrecht? nemen we de tijd om Zijn boodschappen in Zijn Woord te zoeken?

De bezoekers vertrekken, Abraham vergezelt hen een nog een eindje. De mannen gaan naar Sodom, maar Abraham blijft voor de Heer staan, hij treedt toe om voor Lot voorbede te doen. Hoe mooi is deze dialoog tussen Abraham en de Heer, tussen een mens die stof en as is, en de Rechter van de hele aarde! God luistert naar Abraham. Hij heeft al vijf keer een verzoek gedaan en God heeft hem elke keer verhoord. Ten slotte zegt Abraham: “Laat de Heere toch niet in toorn ontbranden, omdat ik nog eenmaal spreek: Misschien zullen er tien gevonden worden”. En hij krijgt het antwoord opnieuw: “Ik zal haar niet te gronde richten omwille van die tien” (vs. 32).

Wat jammer dat Abraham niet verder is gegaan! We zien dat geloof nooit de volle omvang van goddelijke genade bereiken kan.

Zo ging de Heer weg toen hij met Abraham had gesproken. Geen 10 rechtvaardigen zijn er in Sodom, maar slechts één! Deze ene, die alle waarschuwingen negeerde en zijn les niet heeft geleerd, zal God als het ware “als door vuur heen” redden (1 Kor. 3:15).

* * *

1. Gastvrijheid wordt meerdere malen genoemd in het Nieuwe Testament. De meest passende passage bij de geschiedenis verteld in Genesis 18 is vast Hebreeën 13 vers 2. Schrijf dit vers hier op:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

Verdere tekstplaatsen zijn: Romeinen 12 vers 13 en 1 Petrus 4 vers 9.

2. Opmerkelijk is de ijver die Abraham toont bij het ontvangen van zijn gasten. Vlijt en ijver moeten ook de Christen kenmerken. Lees Kolosse 3 vers 23. Op welk gebied van het leven richt de apostel zich in dit vers?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

3. Vlijt is echter nog belangrijker op geestelijk terrein. Welk verwijt maakt de schrijver de ontvangers van de Hebreeën-brief in Hebreeën 5 vers 11-12?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

Daarom hadden ze geen vooruitgang geboekt in het geloof en daarom was dat verreweg het moeilijkst om aan hen uit te leggen.

4. De Heer vertelt Abraham over het naderende oordeel over Sodom en Gomorra. Wij zitten in dezelfde situatie. God zal binnenkort ook zware oordelen over deze aarde brengen. Wat lees je in Handelingen 17 vers 31?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

5. Wat beveelt God de mens ten aanzien van het naderende oordeel?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

6. Wat kunnen we doen om mensen van dit oordeel te redden?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

7. Voor de voorbede – het gebed voor anderen – is er een breed werkterrein. Gebruik de bijbelpassages om enkele onderwerpen te vinden:

a. Job 42 vers 10: 

……………………………………………………………………………………………………….……………….

b. Jeremia 29 vers 7:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

c. Mattheüs 5 vers 44; Lukas 6 vers 28:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

d. 1 Timotheüs 2 vers 1-2:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

e. Efeze 6 vers 18-19:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

8. Wat heeft de Heer Jezus gedaan?

a. Lukas 22 vers 32:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

b. Lukas 23 vers 34: 

……………………………………………………………………………………………………….……………….

© Bibelkurs.com

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, RM