15 jaar geleden

Zachtmoedigheid en nederigheid

Gisteren komt nooit weer terug! Toch is het goed om eens terug te kijken en ons af te vragen: Was mijn leven in de afgelopen tijd wel tot eer van mijn Heer?

“En toen Hij in huis was vroeg Hij hun: Wat hebt u onderweg overlegd [anderen vertalen: besproken]?” (Markus 9:33).

Gisteren komt nooit weer terug! Toch is het goed om eens terug te kijken en ons af te vragen: Was mijn leven in de afgelopen tijd wel tot eer van mijn Heer?De Heer Jezus kwam in KapernaĆ¼m en toen Hij thuis was vroeg Hij hun iets. Als Hij iets vraagt, moeten we altijd goed opletten. Hij vraagt niet zomaar iets. Zijn vragen zijn niet bedoeld als loze opvulling van de pauzes die in de gesprekken vallen. Als Hij iets vraagt, gaat het echt ergens over. Zijn we ons dat altijd bewust?

Het huis is een beeld van geborgenheid, maar ook van rust en stilte. Dat kende onze Heiland ook. Hij was bij Zijn geliefde discipelen. Daar, in gemeenschap met Hem kwamen zij tot rust van alles wat de reis met zich mee had gebracht. Schriftgeleerden hadden met hen gestreden. Ze waren niet in staat geweest om een jongen, die een stomme geest had, te genezen. “Waarom konden wij hem niet uitdrijven?”, zo vroegen ze de Heer Jezus. Zij waren niet in de toestand om dit te kunnen doen; hoe bedroevend. Toen had hun Heer en Meester hen duidelijk gezegd wat er met Hem zou gebeuren: Hij zou overgeleverd aan en gedood worden door zondige mensen, en na drie dagen opstaan. Heeft dat dan helemaal geen indruk op hen gemaakt? Zij waren niet in staat Zijn gedachten te begrijpen. Ja, ze hadden er onder elkaar woorden over gehad wie van hen “de meeste” was. Dat was hun onderwerp! Hoe gaat het bij ons?

“Wat hebt u onderweg overlegd?” Het werd stil toen de Heer Jezus deze vraag stelde. Hij was (en is) de kenner van de harten. Hij wist wat Hij vroeg. Nu komt de vraag heel dicht aan hun hart. Hier was niet het rumoer van de schare noch de drukte van de arbeid. De Heer zocht met geduld en liefdevolle wijsheid de juiste ogenblikken uit om met Zijn discipelen te spreken. Daarom werd het ook stil na Zijn vraag.

Geliefde gelovige medepelgrim! Hoe was uw weg in de afgelopen tijd? Hebt u, heb jij misschien ook gestreden, met ongelovigen of zelfs met gelovigen? Waarom was er geen kracht om van de liefde van de Heer Jezus te getuigen en een wegwijzer naar Golgotha te zijn? Hebt u in de avond of in de morgen de tijd genomen om u met het lijden en sterven van uw Heiland bezig te houden, het Woord van God te lezen en te bidden? Verheft u zich boven anderen? Ga in de stilte met uw Heer. Belijd en veroordeel uw hoogmoed en kijk naar Hem van Wie wij zoveel kunnen leren. “Leert van Mij want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart”. Als we ons zo met Hem bezig houden, kijken we vanzelf anders naar de anderen om ons heen en leren we van Hem.

Zachtmoedig

Hij was zachtmoedig. Een eigenschap waarover we best eens mogen nadenken. In ieder geval is het niet iets dat je veel tegen komt in onze dagen. Een zacht gemoed … is niet “softy”, maar is “cool” in de ogen van de Heer. Het is zelfs een vrucht van de Geest (Galaten 5:22). Het is dus ook niet iets uit onszelf. Wanneer we in Zijn nabijheid komen, zien we ook meer de noodzaak om die zachtmoedigheid”aan te doen” (Kolosse 3:12). Dat kunnen kinderen van God ook. Maar zij moeten het ook doen!

Nederig

Hij was nederig van hart. Dat heeft Hij immers op velerlei wijze bewezen. Daar is geen twijfel over mogelijk. Zijn wij dat ook? Hij zocht niet de grote massa om te schitteren maar de individuele persoon. Hij zocht die zondares met haar vijf exmannen (Johannes 4); Zacheus, die geldzuchtige tollenaar (Lukas 19); die blinde man die door de Joden uit de tempel geknikkerd was (Johannes 9). Die waren voor Hem niet te min. Daarvoor kwam Hij juist. Voor hen wilde Hij die weg van vernedering gaan naar Golgotha. Hij die alle macht had om met een woord al Zijn vijanden te vernietigen. Toen ze Hem opzochten in die tuin om Hem gevangen te nemen, ging Hij niet op de vlucht. Hij vroeg hen: “Wie zoekt u?” Zij zeiden: “Jezus de NazoreeĆ«r”. Hij antwoordde toen: “Ik ben [het]”. Zij deinsden terug en vielen op de grond. Stel je dat eens even voor. Zij konden nog niet eens op de benen blijven staan toen Hij zei: Ik ben het. Toch heeft Hij Zichzelf aan hen overgeleverd omdat Hij wilde dat u, jij en ik “heen konden gaan”. Dit kun je lezen in Johannes 18. Hij vernederde Zichzelf tot de dood, ja tot de verschrikkelijke kruisdood.

Het kruis moet ook in ons leven praktisch toegepast worden. Daar gaat het eigenlijk om bij zachtmoedigheid en nederigheid. Zo legde deze vraag van de Heer de harten van de discipelen bloot. Zij staan sprakeloos omdat hun overleggingen gingen over wie van hen de meeste was. Ze zullen ongetwijfeld beschaamd geweest zijn over hun eerzucht. Hoe is het met ons gesteld?

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW