4 jaar geleden

Spreuken 29 vers 16

“Als goddelozen talrijk worden, worden de overtredingen talrijk, maar de rechtvaardigen zullen bij hun val toezien”.

De Engelse filosoof en Nobel-prijswinnaar, Bertrand Russell (1872-1970) vertelt in zijn autobiografie dat hij van zijn oma als geschenk een Bijbel had gekregen. Op de omslag waren haar favoriete verzen opgeschreven. Een ervan was: “U mag de meerderheid niet volgen in het kwaad …” (Ex. 23:2). Dat vers, dat ze had uitgekozen en onderstreept, had hem in zijn verdere leven bewaard voor de angst van “het behoren tot een minderheid”.

Deze aanbeveling uit het Woord van God dat mevrouw Russell had doorgegeven aan haar kleinzoon, is nog steeds de moeite waard om acht op te slaan. We leven in een eeuw waarin velen het motto volgen: “Goed is wat de meerderheid wil”. Wat een fatale vergissing is dat! Hoe vaak heeft een algemene opinie een totaal persoonlijke, emotionele basis, of wordt het ingegeven door puur egoïstische neigingen. Geen wonder dat rechtvaardigheid en zedelijkheid als gevolg daaronder lijden. Als mensen niet meer vragen naar God en Zijn wil, maar hun eigen interesses als maatstaf voor goed en kwaad maken, zal de val waarover het vers uit Spreuken spreekt, zeker plaatsvinden.

Echter het behoren tot een minderheid is eveneens ontoereikend, want minderheden kunnen ook dwalen. Wij hebben nodig te behoren bij hen die daadwerkelijk de wil van God doen. We kunnen Zijn wil vinden in het Woord van God, de Bijbel.

“En de wereld gaat voorbij en haar begeerte, maar wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid” (1 Joh. 2:17).

© The Good Seed

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol