6 maanden geleden

Onze laatste tranen …

“En Hij zal elke traan van hun ogen afwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geschrei, noch pijn zal er meer zijn, <want> de eerste dingen zijn voorbijgegaan”.

Openbaring 21 vers 4

 

 

De omgeving waarin wij leven, wordt terecht “dal van tranen” genoemd. Deze uitdrukking werd al bedacht door de zonen van Korach in de 84ste Psalm1. Het was zeker een gevolg van hun eigen ervaringen.

Hoeveel tranen worden er elke dag op deze aarde geweend! Tranen van ellende en armoede, tranen van verloren liefde, tranen van twijfel en ontmoediging, tranen van pijn, tranen omdat je wordt genegeerd of verlangt naar iets dat je niet kunt hebben. Er zijn ook tranen over gepleegde zonden en hun gevolgen.

Gelukkig kunnen alle verlosten van de Heer – ze kennen misschien veel van deze tranen uit ervaring – een betere dag verwachten. Als de Heer Jezus komt om al de Zijnen voor eeuwig tot Zich te nemen, zal God Zelf elke traan uit onze ogen afwissen en door Zijn eeuwige troost de met tranen bedekte blik helder maken. Hij die ooit onze zonden heeft afgewassen en tijdens ons aardse leven al onze zorgen kende, zal ook de laatste tranen afwissen in Zijn liefde en tedere medegevoel (Openb. 21:4).

Beste vriend(in), ben je depressief? De oefening van je hart lijkt misschien eindeloos, maar het zal niet eeuwig duren. “… overnacht ’s avonds het geween, ’s morgens is er gejuich” (Ps. 30:6). Hoe dichtbij kan deze “morgen zonder wolken” zijn, waarop ook de laatste herinnering aan de problemen van deze aarde zal worden weggewist en voor eeuwig verdwenen zal zijn!

NOOT VERTALER:
1. In vers 7 wordt melding gemaakt van een dal, waar de feestgangers in hun gang naar Sion, door moesten trekken. In het oorspronkelijke staat er “baka-dal”. Het woord baka betekent “geween”. Zo kan dan ook vertaald worden in “dal van tranen”, of zoals Griekse overzetters “het jammerdal”. We kunnen hierbij denkenden een dor en waterloos dal, waarin door de brandende en verschroeiende zonnehitte, de afgematte reiziger tevergeefs naar water uitziet. Zo ziet men gebeuren wat vers 8 zegt: “Zij gaan voort van kracht tot kracht”, de overvloedige regen wekt hun ingezonken kracht op en doet ze in krachten toenemen, zodat zij voor God in Sin kunnen verschijnen. {uit: “De Psalmen” van J.H. Donner}.
Ook de Duitse Elberfelder-vertaling heeft “Tranendal” met de opmerking: “Hebr. Bakatal”. {FW}

 

© www.haltefest.nl

Jaargang: 1995 – bladzijde: 160; uit: “Näher zu dir”.

O, daar te zijn,
waar nimmer tranen vloeien,
waar ’t hart geen angst, geen zorgen kent noch pijn,
waar doorn noch distel groeien.
O, daar te zijn! O, daar te zijn!

O, daar is ’t schoon,
in ’t Vaderhuis der vromen,
daar is geen kruis, dan is de doornenkroon
van ’t buigend hoofd genomen.
O, daar is ’t schoon! O, daar is ’t schoon!

O, daar, daarheen,
waar ziekten zijn noch graven.
Dorst hier het hart naar Gods gerechtigheên,
’t kan daar zich eeuwig laven.
O, daar, daarheen! O, daar, daarheen!

O, daar zijt Gij,
de bron en Heer des levens.
Daar ben ik thuis, daar van de zonde vrij,
en eeuwig zalig tevens.
O, daar zijt Gij! O, daar zijt Gij!

Geplaatst in: ,
© Frisse Wateren, FW