2 jaar geleden

Leven en sterven … in retraite?

“Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart, beproef mij en ken mijn gedachten. Zie of er bij mij een schadelijke weg is en leid mij op de eeuwige weg” (Ps. 139:23-24).

Leven en sterven is misschien niet een onderwerp waar u graag mee bezig bent. En zeker niet nu mogelijk uw vakantie voor de deur staat. Maar toch wil ik u vragen om dit juist wel te doen tijdens uw vakantie. U hebt dan toch zeker de tijd hiervoor? Een soort retraite … Stel uw hart open voor Hem die onze harten kent … {Frisse Wateren}

“Want te leven is voor mij Christus en te sterven is winst” (Fil. 1:21).

Leven en sterven zijn hier slechts gescheiden door het woordje en, en dit is een aanwijzing voor het kortst mogelijke tijdsverloop. Leven en dood, systole1 en diastole2, de polsslag, het slingeren van de pendel. Ieder van ons bevindt zich elke dag daar, waar het woordje ‘en’ staat.

Hamlet woog het kwaad van het leven en het kwaad van de dood tegen elkaar af. Hij woog het lijden van het leven, waaruit de dood hem verlossen kon, tegen de verschrikkingen van de dood, waarvoor het leven hem tot nu toe nog bewaarde, af. “Zijn of niet te zijn”, dat is de vraag. Als hij alle kwaad – de ziekten, de onderdrukking, de pijn, de teleurstellingen van het leven – in aanmerking neemt, dan denkt hij, dat het beter zou zijn hen te ontvluchten. Maar als hij naar het onbekende kijkt, dat de dood kan veroorzaken, geeft hij liever de voorkeur aan het leven. Hij weet niet hoe hij tussen het miserabele van het aardse leven, dat zeker is, en de misschien nog veel ergere onzekerheid van het hiernamaals kiezen moet.

Paulus bevond zich ook in een dilemma, maar niet om dezelfde reden. Hij wist wat hem te wachten stond, en het was veruit te verkiezen boven het heden. De dood was geen onbekende grootheid voor hem. Oneindige genade had voor hem (zoals ook voor ons) de deur geopend naar de heerlijkheid, en hem daarin laten kijken.

Als het alleen maar over hem was gegaan, hoefde hij niet lang na te denken. Met Christus was veel beter, maar hij dacht niet aan zichzelf, maar aan het volk van de Heer. Ze hadden hem, zo voelde hij, nog nodig en daarom keerde hij met een bezwaard hart het wenkende uitzicht van het afscheid om met Christus te zijn de rug toe, en besloot nog een poosje hier te blijven, in dit tranendal.

Het was niet Rome – welks gevangene hij was – die over zijn vrijlating uit de gevangenis besliste, nee, de gevangene zelf besliste over zijn lot. Omdat gelovigen hem nog een tijdje nodig hadden, zou hij verder leven en naar hen terugkeren, zoals hij in vers 26 zegt.

Paulus had een probleem: het leven was Christus, het sterven betekende met Christus te zijn. Alles was Christus. Van Darby wordt gezegd dat hij op de vraag hoe hij over het sterven dacht, opgemerkt heeft: “Er is weinig voor mij te kiezen tussen leven en dood. Hier is Christus met mij, daar ben ik met Christus”. Zo dacht Paulus ook.

Paulus weegt, en de dood wint. Het is veel beter, zegt hij, om te sterven dan in deze wereld van de zonde en de afwezigheid van Christus te leven. “Ja”, zegt Paulus, “de dood is veel beter”, maar … hij kiest het leven. Hij kiest niet de gemakkelijke weg, maar de zware. Liefde, liefde voor anderen is de doorslaggevende factor ten gunste van het leven hier beneden.

Hoe wordt hij hierin aan de Heer gelijk, Die precies dezelfde keuze maakte. Kijk maar eens naar Lukas 9 en zie de Heer op de berg van de verheerlijking, bekleed met oogverblindende schoonheid en majesteit, die Hem Eigen zijn, op grond van wat Hij in Zichzelf is. Hoe uitnodigend was voor Hem het vooruitzicht om naar de hemel terug te gaan, toen Hij zag hoe Mozes en Elia daarheen terugkeerden.

Hij zou het volste recht gehad hebben om dat te doen, maar hij wendde Zich daarvan af (en alleen Hij weet wat het Hem kostte) en ging terug naar Jeruzalem, naar de vreselijke verschrikkingen van het kruis. Lukas 9 vers 51 vertelt ons dat Hij Zijn gezicht vastbesloten wendde om naar Jeruzalem te gaan, wetende wat Hem binnenkort daar wachten zou.

Ook Paulus gaf de voorkeur aan het lijden van het leven op aarde en de marteldood boven de eindeloze vreugde van de hemel. Hoe anders is dit bij ons! Zo vaak wensen wij te ontslapen en aan de beproevingen hier te ontvluchten, en dat niet zozeer omdat we verlangen Hem te zien.

Ik kende een lieve oude christen die de Heer werkelijk liefhad. Hij was maandenlang ziek, en toen hij zich werkelijk slecht voelde, zei hij: “Ach, dat de Heer toch eindelijk komen zal om mij thuis te halen”. Maar altijd, wanneer het tijdelijk veel beter met hem ging, was het eerste wat hij vroeg, zijn pijp. Hij klampte zich vast aan de aarde, zoals de meesten van ons, denk daarom niet dat u beter zou zijn. Velen van ons zijn niet veel beter – er zijn niet veel Paulussen.

Maar zo was het bij Paulus niet. Hij keerde het verlangen om met Christus te zijn, de rug toe en bleef op aarde, met zijn smarten, zijn eenzaamheid en zijn lijden. Hij besloot te blijven en door te gaan met de Zijnen. God zij lof en eer dat gelovigen zich niet behoeven te haasten om naar huis te gaan om met Christus te zijn. Het is een wonderbaar voorrecht om hier beneden voor Hem te leven en te lijden.

Tijdens de laatste wereldoorlog was het vaak moeilijk in de trein een zitplaats te krijgen, omdat de treinen vol met soldaten waren en ook velen die anders de auto namen, nu, vanwege het gebrek aan brandstof, met de trein reisden. Ik heb daarom altijd geprobeerd een trein te boeken om een gereserveerde ruimte te krijgen. Anders moest men soms uren eerder op het station in een lange rij wachten om aan boord te komen, om maar geheel te zwijgen over het bemachtigen van een zitplaats. Met een gereserveerde zitplaats hoefde je niet te rennen of te duwen; de zitplaats wachtte immers op je.

Zo hebben wij, gelovigen, God zij dank een gereserveerde plaats in de hemel. Het is niet nodig om haast te hebben om er te komen. Het is een zeer kostbaar voorrecht om hier te blijven en de Heer nog een beetje te dienen. Wij hebben de eervolle taak om Hem hier te dienen, waar Hij verworpen is. Deze mogelijkheid zullen we nooit meer hebben als we ontslapen zijn om met Christus te zijn.

“Te leven is voor mij Christus” is het motto van Paulus. Kunt u en ik dat zeggen? Ik kan inderdaad zeggen, dat “het sterven winst is”, maar “te leven is voor mij Christus”, hoe is het daarmee? Voor sommige gelovigen betekent het leven het nastreven van gezondheid, voor sommigen betekent het iemand te willen zijn, voor sommigen betekent het om te prediken, te zingen, of te schrijven. Maar voor Paulus was het leven Christus.

Een geliefde dienaar van Christus werd ziek en zijn arts vertelde hem dat de dagen van zijn actieve dienst voor Christus voorbij waren. Zijn hart zou hem nooit meer in staat stellen lichamelijk te arbeiden. Hij was aan huis en vaak ook aan bed gebonden. In de eerste plaats wilde hij dat de Heer hem thuis zou halen, want waarvoor was hij nog te gebruiken wanneer hij niet meer in de dienst van de Heer kon zijn, waarvan hij zo genoten had? Maar op een dag lag Filippi 1 vers 21 hem bijzonder sterk op het hart. Het vers heeft niet gezegd: “het leven is voor mij prediken”, of “het leven is voor mij om de gelovigen te troosten en hen in hun verdrukking te bezoeken”, nee, “te leven is voor mij Christus”. Hij mocht nog steeds leven, en in zijn leven moest Christus gezien, gehoord, gevoeld, ervaren en genoten worden – niet hijzelf. Laat Christus alles zijn, en alles zal goed zijn!

August van Ryn

NOTEN VERTALER:
1. Systole is de fase waarin de kamers van het hart contraheren (samentrekken). {Wikipedia}
2. Diastole (uitspraak diAAstolé) is de medische naam voor de fase waarin het hart zich ontspant en weer volzuigt met bloed. Deze fase duurt, in rust, 0,4 seconden. {Wikipedia}

Geplaatst in: ,
© Frisse Wateren, R. Mol