14 jaar geleden

Israel en tijd van aartsvaders (2)

Les 2

Beste cursist(e),

De vorige les zijn we geƫindigd met de terugkeer van Abram naar Bethel.Deze les beginnen we met het lezen van Genesis 13 vanaf vers 5.
Er komen weer moeilijkheden in het leven van Abram. Die ontstaan omdat hij, zoals al gezegd in les 1, geen afscheid had kunnen nemen van zijn neef.

 

Vraag 1. Wat is er aan de hand?

……………………………………………………………………………………………………………………….

En hoe lost Abram dit op?

……………………………………………………………………………………………………………………….

Dan blijkt wat er diep in het hart van Lot zit. Hij had Abram als eerste de keus moeten laten, maar hij denkt alleen aan zichzelf. Tot nu toe is hij Abram steeds gevolgd. We mogen wel zeggen: in uiterlijke dingen is hij het geloof van Abram nagevolgd. Maar nu hij een keuze moet maken, vergeet hij naar “boven” te kijken en beslist zelf. Nu blijkt wat er werkelijk in zijn hart zit.
Hoe is dat bij mij, bij u/jou? We kunnen niet altijd blijven doen, alsof we Christenen, oprechte gelovigen zijn. In uiterlijke dingen misschien nog wel, maar hoe ziet het er in het hart uit? Kinderen kunnen niet zeggen, mijn ouders zijn gelovig, dus zal het wel goed komen met mij. Een man kan niet zeggen! dat hij door het geloof van zijn vrouw wel in de hemel zal komen. Ook al leef je nog zo vroom, in uiterlijk opzicht, HET GAAT OM HET HART! Geloven is strikt persoonlijk! Er komt een moment in je leven dat je moet kiezen. Wat doe je dan? Kijk je dan, net als Lot, naar “wat voor ogen” is? Kijk je naar dat wat prachtig lijkt hier op aarde en wil je daar van genieten? Of wil je met de Heere je weg gaan?

Lees eens 1 Johannes 2 vers 16 en 17.

Vraag 2. Welke belofte staat er in die tekst voor hem (of haar), die de wil van God wil doen?

……………………………………………………………………………………………………………………….

Het is heel ernstig wat er verder van Lot geschreven staat. Hij woont weliswaar nog in tenten. Zoals een vreemdeling in het land, zoals we zagen in les 1. Maar … heel dicht bij Sodom. En van deze stad zegt de Heere in Genesis 13 vers 13: “En de mannen van Sodom waren boos, en grote zondaars tegen de Heere”. Wat een verschrikkeiijke omgeving om in te wonen. Zo dicht bij het kwaad! Dat dit voor hem nog heel ernstige gevolgen zal hebben, zullen we, zo de Heere wil, nog zien in les 5.

Nadat Lot is weggegaan, spreekt de Heere met Abram.

Vraag 3. Welke twee beloften geeft God aan hem?

……………………………………………………………………………………………………………………….

……………………………………………………………………………………………………………………….

……………………………………………………………………………………………………………………….

De Heere God zegt ook tegen Abram dat hij het hele land door moet wandelen. Abram mag de zegeningen die God hem zal geven, bekijken en er over nadenken. Ook wij, die de Heere Jezus kennen als onze Heiland, mogen onze zegeningen bekijken en er over nadenken. In Efeze 1 vers 3 t/m 7 zien we hoeveel dat er zijn.

Vraag 4. Wanneer heeft God ons uitgekozen?

……………………………………………………………………………………………………………………….

……………………………………………………………………………………………………………………….

Dit is voor ons onbegrijpelijk! Wat een genade! Wat een reden om dankbaar te zijn.
Ook Abram is de Heere dankbaar, want aan het eind van Genesis 13 lezen we, dat hij weer een altaar bouwt. En dan staat er bij: “… aan de eikenbossen van Mamre, die bij Hebron zijn”. Dit staat er zo eenvoudig vermeld, maar heeft een diepe betekenis. Mamre betekent namelijk: “vettigheid”, en Hebron betekent: “gemeenschap”.
Dus Abram heeft gemeenschap met God en geniet van de beloften (vettigheid), die hij zal ontvangen.

Vraag 5. De Heere wil graag, dat wij ook in gemeenschap met Hem leven. Hierover lezen we in 1 Johannes 1 vers 6 en 7. Wat is nodig om in gemeenschap met God te leven?

……………………………………………………………………………………………………………………….

……………………………………………………………………………………………………………………….

We zijn nu toegekomen aan Genesis 14.

We zien hier, dat Abram zich niet bemoeit met de oorlog om hem heen. Hij is immers vreemdeling in dat land, hij woont in tenten.
Dat zelfde geldt voor ons. Ook nu is er veel strijd gaande in de wereld. Maar God wil dat wij ons geheel op Hem richten en ons niet met de wereld inlaten.
Wij zijn ………………………. der heiligen, en huisgenoten Gods”, volgens Efeze 2 vers 19. En dus ook vreemdelingen op aarde.
Lot voelt zich geen vreemdeling in het land. Met hem gaat het dan ook bergafwaarts. Doordat hij zo dichtbij Sodom is gaan wonen, heeft hij zichzelf met zijn gezin in gevaar gebracht. Hij wil niet volledig afstand nemen van “de wereld”, van de ongelovigen. Hij wil ervan genieten.

Vraag 6. Waaruit blijkt heel duidelijk dat het in geestelijk opzicht slechter met Lot gaat? Dus, dat hij zich steeds meer met de wereld in laat?

……………………………………………………………………………………………………………………….

Vraag 7. Wat lezen wij over Lot in 2 Petrus 2 vers 7 en 8? Hoe noemt de Bijbel hem daar?

……………………………………………………………………………………………………………………….

In zijn hart heeft Lot dus een afkeer gehad van alles wat zich in Sodom afspeelde. Maar … uiterlijk heeft hij daar geen afstand van genomenl Met alle gevolgen van dien. Dit heeft ook ons iets te zeggen. Het helpt niet als wij in ons hart ons niet met de wereld, alles wat niet van God is, willen inlaten. Wij moeten daar radicaal niet mee omgaan. Dus niet stiekem doen alsof we er bij horen! Dat is heel gevaarlijk! Als wij satan een vinger geven, dan neemt hij op den duur onze hele hand! Dan probeert hij ons steeds verder van de Heere af te trekken.
Hoewel Abram zich niet met de oorlog bemoeit, probeert hij wel zijn broeder (zo wordt Lot genoemd in vers 14) te bevrijden, als hij hoort dat hij gevangen genomen is. Hij zegt niet dat het zijn eigen schuld is; hij heeft zelf besloten om daar te gaan wonen. Nee, hij laat zijn broeder niet in de steek. Hoe is dat bij ons? Helpen wij onze broeders en zusters in nood?
En Lot en zijn gezin worden bevrijd.

Vraag 8. Er komen dan twee koningen bij Abram. De eerste is de koning van Sodom. Wie is de tweede?

……………………………………………………………………………………………………………………….

Allereerst iets over de eerstgenoemde koning. Dus die koning van een goddeloze stad. Aan het eind van Genesis 14 lezen we dat hij Abram van alles wil geven maar Abram weigert dat. Hij wil niet, dat die koning kan zeggen dat hij Abram rijk gemaakt heeft (vers 23).

Vraag 9. Wie behoort, volgens Abram, alles toe?

……………………………………………………………………………………………………………………….

De andere koning die Abram brood en wijn brengt wordt ook in het Nieuwe Testament genoemd. Lees maar eens Hebreeen 7 vers 1 tot en met 4. En vergelijk dat gedeelte met Genesis 14 vers 18 tot en met 20.

Vraag 10. Dus eerst bovengenoemde gedeelten lezen dan zijn de volgende vragen niet moeilijk.

a) Wat betekent Melchizedek?

……………………………………………………………………………………………………………………….

b) Wat betekent Salem?

……………………………………………………………………………………………………………………….

c) Van Wie is Melchizedek?

……………………………………………………………………………………………………………………….

Zo de Heere wil (D.V.) tot de volgende keer!

Als je per email mee wilt doen, mail dan naar het volgende emailadres:frissewateren@ctmax.nl

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW