14 jaar geleden

Is afdrijving moord?

Een professor vroeg aan zijn studenten die voor medicijnen studeerden, wat men in het volgende geval doen moest: “Vader heeft syfilis1, moeder TBC. Ze hebben al vier kinderen gehad. Het eerste is blind, het tweede stierf, het derde is doof, het vierde heeft tuberculose. De moeder is van het vijfde kind zwanger. De ouders zijn al zover om de zwangerschap af te breken. Wat vinden jullie?” De meeste studenten kiezen ervoor dat de moeder de afdrijving moest laten plaatsvinden. “Gefeliciteerd! Jullie hebben zojuist Beethoven vermoord”, antwoordde de professor.

“Voordat Ik u in de moederschoot vormde, heb Ik u gekend …” (Jeremia 1:5).

Is je deze vraag al eens gesteld, of afdrijving* moord is? Andere vragen in dit verband zijn: Vanaf wanneer begint eigenlijk het leven van een mens? Met de geboorte? Of vanaf een bepaalde maand na de verwekking? Zo ja, vanaf welke maand? Of moeten we al vanaf het ogenblik van de verwekking van een mens spreken?

Op het ogenblik van de verwekking – wanneer zich het mannelijk zaad met de vrouwelijke eicel verbindt – bevindt zich een groot aantal informaties op de kleinst denkbare ruimte, die veel kleiner is dan de kop van een speld. Iemand heeft eens geschreven, dat de hoeveelheid van deze samengebalde informatie vergeleken kan worden met de inhoud van 500 boeken à 1000 bladzijden, die zeer klein beschreven zijn. Waaraan heeft dan toch de psalmdichter, koning David, gedacht toen hij neerschreef: “Uw ogen hebben mijn ongevormde klomp gezien; en al deze dingen waren in Uw boek geschreven …” (Psalm 139:16). Dat boek staat hier voor “informatiedrager”.

Alle informatie die voor de vorming van een mens nodig zijn, zijn op het ogenblik van verwekking voorhanden, of het nu om de informatie van de lichaamsbouw, of om de haarkleur, of om het geslacht gaat; alle erfelijke aanleg is voorhanden, helaas ook de erfelijke aanleg die tot latere ziekten kunnen leiden. We kunnen ons slechts verwonderen, wanneer we hier een klein kijkje in de werkplaats van God en bijgevolg in Zijn wijsheid en almacht mogen nemen.

Weet je dat twintig dagen na de verwekking het hart van dit “kleine mens” al een halve millimeter groot is en begint te kloppen? Er is dan al een eigen afgesloten bloedsomloop voorhanden. In deze tijd vormen zich overigens ook al de wervelkolom en het zenuwenstelsel. Bovendien vormen zich al de nieren, de lever en het spijsverteringstraject. Op de 26e dag ontstaan de armen als knoppen; de eerste bewegingen vinden plaats. Op de 28e dag beginnen de benen zich te vormen. Op de 30e dag vormen zich de hersenen (men heeft al op de 40e dag hersenstromen gemeten). Op de 30e dag vormen zich de gelaatstrekken; oren, neus en lippen worden herkenbaar. Op de 40e dag beginnen de spierbundels met het zenuwsysteem samen te werken. Op de 50e dag zijn de tandkiemen voor alle twintig melktanden aanwezig. De vingerafdrukken, éénmalig in hun soort, zijn ontwikkeld. Bovendien is het smaak- en reuksysteem aangelegd. Nu bevinden zich eveneens de bloedvaten op de bestemde plek. Na 60 dagen is de mens met al zijn ledematen, organen enzovoorts goed gevormd. Wat zich in de nu volgende maanden slechts nog verandert, is de grootte van de mens. Hij groeit meer en meer.

Wanneer men daarover nadenkt, kan men aanvoelen wat David gevoeld moet hebben, toen hij schreef: “Want Gij bezit mijn nieren; Gij hebt mij in de buik van mijn moeder buik bedekt. Ik loof U, omdat ik op een heel ontzagwekkende wijze wonderbaar gemaakt ben; wonderlijk zijn Uw werken, ook weet het mijn ziel zeer wel. Mijn gebeente was voor U niet verborgen, toen ik in het verborgene gemaakt ben, [en] als een borduursel gewrocht ben, in de nederste delen der aarde. Uw ogen hebben mijn ongevormde klomp gezien; en al deze dingen waren in Uw boek geschreven, de dagen als zij geformeerd zouden worden, toen nog geen van die was” (Psalm 139:13-16).

Ook ons betaamt het stil te staan voor zulk een grote Schepper, die ons in het leven geroepen heeft. De gelovige mens moet ogenblikken kennen, waarin hij God van harte dankt, dat Hij hem het natuurlijke leven gegeven heeft. Daarmee hebben we helemaal nog niet nagedacht over de geheimen van de menselijke ziel en de menselijke geest. De mens is de kroon van de zichtbare schepping van God.

Toch hebben vele mensen geen achting voor het ongeboren leven. Ze werpen het achteloos weg. Er zijn schattingen volgens welke in de bondsrepubliek Duitsland jaarlijks 500.000 afdrijvingen doorgevoerd worden, wereldwijd moeten het zelfs 50 miljoen2 zijn, ongeveer net zoveel als er mensen in de 2e wereldoorlog omgekomen zijn. Dat is een verschrikkelijke balans.

God heeft met de mogelijkheid van voortplanting aan de mens een geweldige gave geschonken. Hij heeft de mens bij de schepping gezegend en hem de opdracht gegeven zich te vermeerderen (Genesis 1:28). De hele Bijbel is absoluut een welsprekend getuigenis daarvoor, dat deze opdracht alleen binnen de door God voorgeschreven grenzen gebeuren mag. Een verachting daarvan kan niet zonder gevolgen blijven. Wanneer huwelijk en gezin in een volk niet meer geacht worden, is het onontkoombare gevolg de uitholling en de ondergang van een maatschappij. God zal de mens eenmaal voor zijn daden ter verantwoording roepen. Velen dragen nu al de gevolgen van van hun verkeerd handelen.

Wanneer we erover nadenken, dat ieder jaar zoveel ongeboren mensen afgedreven worden, dan vragen we ons af hoe lang God nog het gewetenloze handelen van mensen aanziet. Daarbij bedroeft het ons, in welke nood al die mensen komen die niet naar God vragen en daarom onder de verschrikkelijke gevolgen van de zonde te lijden hebben, vaak al in deze tijd, maar pas helemaal in de eeuwigheid.

Anderzijds troost de gedachte, dat “alle afgedrevenen” voor God niet verloren zijn. Wij kunnen het ons – met alle voorzichtigheid waarmee wij deze gedachten uiten – niet anders voorstellen, dan dat niet-geboren leven voor God behouden blijft.

Daarmee komen we op de vraag terug, of afdrijving moord is. Zonder enig bezwaar moeten we op deze vraag met een duidelijk “ja” beantwoorden. Zeker is dit harde oordeel voor menigeen onaangenaam, te meer omdat in de media voortdurend het tegendeel beweerd wordt. Maar ook een duizendvoudig voorgedragen leugen wordt door het aantal herhalingen niet een waarheid. Wij willen het in deze zaak net zo als Johannes de Doper doen. Met het oog op de immorele houding van koning Herodes, brengt hij de zaak op het punt: “Het is u niet geoorloofd haar te hebben” (Mattheüs 14:4). Geen grote polemiek, geen rondzendbrieven -, maar dat wat gezegd moest worden, werd gezegd. “Het is u niet geoorloofd haar te hebben” – deze weinige woorden hebben de koning tenslotte zo gehinderd en geprikkeld, dat hij de lastige vermaner ombracht. – We hoeven helemaal geen demonstraties tegen afdrijving te organiseren. Komt echter het thema in ons bijzijn op tafel, dan willen we ook steeds weer de hele waarheid vertellen: “Afdrijving is moord”.

Willen we hiermee dan de grote wijsvinger op mensen richten, die afgedreven hebben? Nee, helemaal niet maar wij willen, als het ergens nog mogelijk is, helpen.

Het is bekend, dat vrouwen die afgedreven hebben, nog jaren daarna aan schuldgevoelens lijden en zich verwijten maken. Laten we deze vrouwen (respectievelijk de mannen die vaak een groot deel van de schuld dragen) de weg wijzen waarlangs deze schuld werkelijk opgeruimd kan worden – de weg naar het kruis. Misschien brengt de Heer Jezus ook mensen op onze weg die voor de beslissing staan om af te drijven. Laten wij hen dan indringend daarvoor waarschuwen. In ieder geval moeten we proberen om hen het unieke van een klein mens voor te stellen. Tenslotte is er ook de mogelijkheid het kind “uit te dragen” en ter adoptie vrij te geven, een echt alternatief voor kinderdoding in het moederlijf, wanneer men meent het kind op sociale gronden niet te kunnen opvoeden. De hele problematiek toont wel duidelijk aan, waar de moderne en verlichte mens van onze tijd terecht gekomen is. Door de voortdurende leugen die we dagelijks horen – “baas in eigen buik” -, willen we ons oordeel niet laten ombuigen, maar het steeds weer aan de Schrift zelf toetsen.

Klaus Güntzschel/Werner Mücher, © Folge mir nach

* Abortus
NOTEN:
1. Syfilis = besmettelijke geslachtsziekte;
2. (Frankfurter Allgemeine Zeitung, 11-12-1996. Dat is iets minder dan de helft van de mensen die elk jaar een natuurlijke dood sterven, in zoverre men bij de berekening van 5,8 miljard aardbewoners en een gemiddelde leeftijd van 50 jaar uitgaat) [Dit zijn cijfers uit Duitsland en dit is dus al meer dan 10 jaar geleden. Het zal er nu ongetwijfeld niet beter uitzien. Wat Nederland betreft kunnen we zeker niet veel beters verwachten. Kwam de abortusboot niet uit Nederland? – vertaler].

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW