4 jaar geleden

Hosea 14 vers 5

Gods onvoorwaardelijke liefde

“Vanwege hun slechte daden zal Ik hen uit Mijn huis verdrijven. Ik zal hen voortaan niet meer liefhebben: al hun vorsten zijn opstandig” (Hosea 9:15b).

“Ik zal hun afkerigheid genezen, Ik zal hen vrijwillig liefhebben, want Mijn toorn heeft zich van hem afgewend” (Hosea 14:5).

God duldt niet simpelweg afkerigheid, dat wil zeggen het zich bewust afkeren van Hem en Zijn Woord. Zoals hij aan Zijn volk Israël in Zijn profetische boodschap had aangekondigd, Zijn reactie daarop was hen uit Zijn huis te drijven, uit de sfeer van Zijn zegen. Dit betekent dat God hen ‘thuisloos’ maakte door hen te brengen onder de slavernij van vreemde machten.

Echter, wat hen het hardst trof was Gods bedreiging “Ik zal hen voortaan niet meer liefhebben”. Dat betekende het eind van elke hoop van terugkeer of een toekomst. Maar geprezen zij Zijn Naam!, het was niet Zijn laatste woord. Hij bood hen genezing aan. Uit Zijn eigen wil zal Hij Zijn liefde jegens hen vernieuwen, hen terug leiden naar hun vaderland en hen frisse zegeningen, nieuwe groei, bloesem en vruchten dragen (verg. Hosea 14:5-9).

Wat God in laatste instantie van Zijn deed terugkeren van Zijn toorn was dat Zijn boosheid over de afkerigheid van de verlorenen werd uitgegoten op Zijn Zoon, Jezus Christus. Als de enige zondeloze Persoon kwam het lam van God die de zonde van de wereld wegnam (Joh. 1:29) door Zijn vrijwillige offerdood op Golgotha. In Hem toont God Zijn liefde aan ons, want Christus is zelf “de weg en de waarheid en het leven” en Hij belooft ons een huis met de “vele woningen” in het huis van de Vader (Joh. 14:2,6).

Dit geldt onvoorwaardelijk voor allen die Zijn stem horen, tot Hem terugkeren en Hem aannemen als hun Redder en Heer – maar alleen deze.

The Good Seed

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol