1 jaar geleden

God vertrouwen in moeilijke tijden (8)

Psalm 125

1. Een pelgrimslied.
Wie op de HEERE vertrouwen, zijn als de berg Sion, die niet wankelt, maar voor eeuwig blijft.
2. Rondom Jeruzalem zijn bergen, zo is de HEERE rondom Zijn volk, van nu aan tot in eeuwigheid.
3. Want de scepter van de goddeloosheid zal niet voorgoed rusten op wat het lot aan de rechtvaardigen toewees; opdat de rechtvaardigen hun handen niet uitstrekken naar onrecht.
4. Doe goed, HEERE, aan wie goed zijn en aan hen die oprecht zijn in hun hart.
5. Maar wie zich neigen tot kronkelwegen, zal de HEERE doen verdwijnen, met hen die onrecht bedrijven.
Vrede over Israël!

Vaststaan door vertrouwen op God

In Psalm 125 worden de gedachten van de verdrukte joden op de rust gericht, die zij in het duizendjarig rijk verwachten. Dat is het doel van God met hen. Dit uitzicht versterkt hun vertrouwen op God en maakt hen standvastig in de nood. Daarom zeggen zij: “Wie op de HEERE vertrouwen, zijn als de berg Sion, die niet wankelt, maar voor eeuwig blijft”.

Wie op God en Zijn Woord vertrouwt, diens levenshuis blijft bestaan. Lezen we wat de Heer Jezus daarover zegt: “Ieder dan die deze Mijn woorden hoort en ze doet, zal vergeleken worden met een wijs man, die zijn huis op de rots heeft gebouwd; en de slagregen viel en de waterstromen kwamen en de winden waaiden en beukten tegen dat huis; en het viel niet, want het was op de rots gegrondvest. En ieder die deze Mijn woorden hoort en ze niet doet, zal vergeleken worden met een dwaas man, die zijn huis op zand heeft gebouwd; en de slagregen viel en de waterstromen kwamen en de winden waaiden en sloegen tegen dat huis; en het viel, en zijn val was groot” (Matth. 7:24-27).

De wijze en de dwaze man bouwden een huis. Daarin onderscheidden zij zich niet van elkaar. Maar de een bouwde op de rots en de andere op het zand. Beiden hebben het Woord van God gehoord, dat wil zeggen de bijbel gelezen en de samenkomsten van de woordverkondiging bezocht. Het onderscheid ligt daarin, dat de een het woord van God opgevolgd heeft en de andere het niet opgevolgd heeft. Soms verbazen we ons erover, dat iemand vele jaren in de samenkomsten het Woord van God hoort, maar onder een levensstorm in het geloof instort. Dit is het resultaat wanneer we alleen hoorders van het Woord zijn. Dan bezitten we geen geloofsfundament, omdat we niet in vertrouwen op God, Zijn Woord in het leven in de praktijk gebracht hebben.

Dat willen we in het bijzonder aan jonge mensen meegeven: Bouw je levenshuis vol vertrouwen op deze Rots! Hoor en doe het Woord van God! Dat geeft stabiliteit. Denk eraan: In je leven zullen stormen komen. Dan zal je geloofsleven alleen bestaan, wanneer het op het Woord van God gefundeerd is.

De bescherming van God

In hun leven ervaren de trouwe joden, dat God hen in Jeruzalem beschermend omringt.

Deze ervaring doen ook wij op. Ieder die het Woord van God liefheeft en van harte wenst te doen, die omringt God met Zijn bescherming. Dat bevestigt David in Psalm 32 vers 7: “U omringt mij met vrolijke gezangen van bevrijding”. In Hooglied 2 vers 6 zegt de bruid van de bruidegom: “Laat Zijn linkerarm onder mijn hoofd zijn en Zijn rechter mij omhelzen”. Dat geldt ook voor de gemeenschappelijke weg van de verlosten. Wanneer een plaatselijke gemeente in vrede de gedachten van God wenst te verwerkelijken, beschermt God hen met een muur van Zijn genade.

God houdt toezicht op de beproeving

“Want de scepter van de goddeloosheid zal niet voorgoed rusten op wat het lot aan de rechtvaardigen toewees; opdat de rechtvaardigen hun handen niet uitstrekken naar onrecht”. God laat de moeilijkheden weliswaar toe maar houdt volledig toezicht op de beproeving. Hij zorgt ervoor, dat we niet boven vermogen verzocht worden (1 Kor. 10:13).

In Maleachi 3 vers 3 staat: “Hij zal zitten als iemand die zilver smelt en reinigt: Hij zal de Levieten reinigen en hen zuiveren als goud en zilver”. Dit heeft betrekking op het gelovige overblijfsel in de tijd van verdrukking. Maar het geldt ook voor ons. God zit bij het vuur van de beproeving en bewaakt het reinigingsproces. Hij weet precies hoelang het duren zal. Vaak zijn wij het met Zijn maat niet eens, omdat wij menen niet zoveel te kunnen verdragen.

In de fruitoogst moesten onze kinderen een aantal manden appels verzamelen, dat overeen kwam met de leeftijd van elk kind. Dat was de opdracht die ik hen als vader gegeven had, omdat ik de maat van hun arbeidsinzet kon inschatten. Maar de kinderen waren het met deze inschatting niet altijd eens. Meestal vonden zij het teveel. Zo kan het ook bij ons zijn.

Maar wij willen niet vergeten: Onze hemelse Vader vergist zich niet. We zeggen soms: Dat is te veel! Maar God kan elke situatie in ons leven volkomen inschatten. Daarom, laten we Hem vertrouwen. Hij zorgt ervoor, dat de beproeving lang genoeg is, opdat Hij Zijn doel met ons bereikt. Maar Hij is er ook op bedacht, dat ze niet te lang duurt, omdat we anders onder de druk van de moeilijkheden onrecht doen en zondigen zouden.

De rechtvaardigen ondervinden Gods goedheid

De oprechten van hart zijn de gelovige joden. Zij ondervinden Gods goedheid. Hen, die neigen tot kronkelwegen, zijn de overigen uit het volk die de antichrist volgen. Van hen staat er: “zal de HEERE doen verdwijnen, met hen die onrecht bedrijven”. Beide gebeurt aan het einde van de periode van verdrukking. Het overblijfsel zal in de zegen van het koninkrijk ingevoerd worden en de afvalligen zullen geoordeeld worden. Zo staat er ook van deze ongelovige joden in Psalm 16 vers 4: “Groot wordt het leed van hen die andere [goden] geschenken geven”.

Dat is ook voor ons zeer ernstig. Wie de Heer Jezus in geloof aangenomen heeft en van harte Hem wenst te volgen, die zal de goedheid van God ontvangen. Dat heeft God beloofd. Maar wie de redding in de Heer Jezus afwijst, zal in het oordeel komen. Dat is volkomen zeker. Wie nog niet met zijn zonden naar God omgekeerd is1, gaat nog op kronkelwegen. Deze eindigen in de hel, het eeuwig van God verlaten zijn. Ook als gelovigen lopen we gevaar op kronkelwegen te geraken. Laten we in het midden van het rechte pad gaan en noch naar links noch naar rechts afbuigen. De maatstaf daarvoor is het Woord van God, niet wijzelf. Daarop willen we onszelf steeds weer afstemmen, zodat we niet op de verkeerde koers geraken.

NOOT VERTALER:
1. Bekering.

 

Max Billeter, © Beröa Verlag

Geplaatst in: , ,
© Frisse Wateren, R. Mol