8 maanden geleden

Gebed – Hoe bidden wij (2)?

Psalm 119 vers 37

 

Bidt ijverig! God ontwierp gebed als een hulp voor ons vlees, niet als een dekmantel voor onze luiheid. Luie bedelaars zijn noch bij Gods deur noch bij de deur van mensen welkom. Wat dan, wilt u in gebed uw handen tot God opheffen en ze dan in uw broekzakken stoppen? Bidt u tegen een hartstocht? En zit u daar en kijkt toe of het vanzelf wel verdwijnt? Zal gebed ook het ene verlangen doden en het andere (namelijk je luiheid) laten leven? Denkt u, dat u de hele dag lichtvaardig kunt leven in genotzucht (1 Tim. 5:6) en de heerlijkheid van God in handen van uw begeerte kunt overgeven, en dan alles met een avondgebed weer goed kunt maken?

Beste Christen, moet u zich niet schamen als u ziet, hoe de hele wereld om u heen druk bezig als bijen in de tuin, de een in deze richting, de ander in die richting vliegt, alleen om een beetje van dat nare ellendige geld van deze wereld in hun bijenkorf te brengen, waaruit de dood hen vroeg of laat zal verdrijven en hen zal dwingen alles, wat ze met zoveel smart voor anderen verzameld hebben, achter te laten; en u verslaapt uw kostbare tijd, hoewel u er zeker van bent, dat u uw inkomen naar de andere wereld mee kunt nemen, om daar van de vruchten van uw korte arbeid in eeuwige heerlijkheid te genieten!

Bidt en waakt! Hij of zij die bidt, maar niet waakt, is als iemand die een veld met kostbare zaden inzaait en dan de poort open laat, zodat de varkens komen en alles omwoelen. … “Waakt en bidt”, zei Christus tegen Zijn discipelen. Hij wist, dat ze het werk niet konden doen, terwijl ze sliepen. Maar het is niet voldoende om het oog wakker te houden wanneer men het laat afdwalen: “Wend mijn ogen af, zodat zij niet zien wat nutteloos is; maak mij levend in Uw wegen” (Ps 119:37). Te bidden en dan niet te waken, wat er uit het gebed voortkomt, is een grote dwaasheid en geen kleine zonde. Wat is het anders dan de naam van God te misbruiken? En toch kloppen er zo velen op Gods deur en rennen dan weg de wereld in en denken niet meer aan hun gebeden.

Bidt aanhoudend! De uitdrukking “te allen tijde bidden” (Luk. 21:36) roept ons op om dagelijks en voortdurend te bidden; de uitdrukking “volhardt in het gebed” (verg. 1 Tim. 5:5) vermaant ons tegen ontmoedigingen stand te houden ​​bij elk gebed, die we voor de troon van de genade brengen en niet op te geven als het antwoord op zich laat wachten. Het eerste richt zich tegen het nalaten van regelmatig gebed, het laatste tegen de vermoeidheid in onze geest met betrekking tot bijzondere gebeden, die we doen.

 

William Gurnall; © www.bibelstudium.de

Online in het Duits sinds 02.11.2009.
Uit: “Extracts from the Writings of William Gurnall, selected from Hamilton Smith.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW