8 maanden geleden

Enkele vragen over de Heilige Geest

Wat betekent het om verzegeld te zijn door de Heilige Geest?

Een zegel is een teken van identificatie en eigendom. Verzegeling door de Geest betekent niet dat de Geest een merkteken op ons plaatst, maar veeleer dat Hijzelf het zegel is dat woont in het hart van allen die geloven. Dit wordt duidelijk onderwezen in Efeze 1 vers 13-14: “In Wie ook u, toen u het woord van de waarheid, het evangelie van uw behoudenis hebt gehoord — in Wie u ook, toen u geloofd hebt, verzegeld bent met de Heilige Geest van de belofte, die [het] onderpand is van onze erfenis tot1 [de] verlossing van de verkregen bezitting, tot lof van Zijn heerlijkheid.”

Nogmaals, in 2 Korinthe 1 vers 22, lezen we: “… is God, Die ons ook verzegeld en ons en het onderpand van de Geest in onze harten gegeven heeft.” Hier leren we opnieuw dat de Geest het onderpand of waarborg is als wonende in onze harten; het Goddelijk zegel dat we bij God horen.

Kunnen we de Heilige Geest bedroeven?

Ons schriftwoord uit de vorige alinea verzekert ons, dat wij verzegeld zijn “tot de verlossing van de verkregen bezitting,” dat wil zeggen tot aan de komst van onze Heer om Zijn erfenis in bezit te nemen. En weer lezen we in Johannes 14 vers 16: “En Ik zal de Vader vragen2 en Hij zal u een andere Trooster geven, opdat Hij bij u blijft tot in eeuwigheid.” Zodra de Geest Zijn intrek neemt in het hart van een gelovige, is Hij daar om er ook te blijven. Wij kunnen in het licht van deze beide Schriftgedeelten moeilijk denken, dat Hij ooit bedroefd zou kunnen worden.

Toch kunnen wij Hem bedroeven, en daarom worden wij vermaand dit niet te doen. “En bedroeft de Heilige Geest van God niet, met Wie u verzegeld bent tot [de] dag van [de] verlossing” (Ef. 4:30). Wanneer we dit vers in zijn verband zien met de verzen 25-32, blijkt dat we de Geest kunnen bedroeven door te liegen, een onbeheerste drift te hebben, toe te geven aan de verleidingen van de duivel, te stelen, vuile taal te spreken, bitterheid, gramschap, toorn, geschreeuw en lastering. Hij woont in onze harten om ons voor al deze dingen te behoeden. Wij kunnen tegen de Geest liegen, zoals wij lezen in Handelingen 5 vers 3-9. Wij kunnen de Geest uitblussen zoals in 1 Thessalonicenzen 5 vers 19, en wij kunnen de Geest bedroeven zoals in de passage die wij hebben geciteerd – maar Hij blijft voor altijd in het hart van de gelovige.

Wat betekent het om in de Geest te wandelen?

Voor een antwoord op deze vraag verwijzen we naar Romeinen 8 vers 1-4: “Zo is er dan nu geen veroordeling meer voor hen die in Christus Jezus zijn; want de wet van de Geest van het leven in Christus Jezus heeft mij vrijgemaakt van de wet van de zonde en de dood. Want wat voor de wet onmogelijk was, doordat zij door het vlees krachteloos was — God heeft, doordat Hij Zijn eigen Zoon in een [gedaante] gelijk aan [het] vlees van [de] zonde en voor [de] zonde heeft gezonden, de zonde in het vlees veroordeeld, opdat de rechtvaardige eis van de wet vervuld wordt in ons, die niet naar [het] vlees wandelen, maar naar [de] Geest.”

“Geen veroordeling” is de vrucht van het werk van Christus, vers 1. “Leven” is de vrucht van het werk van de Geest, vers 2. “Veroordeelde zonde” is een vrucht van het werk van God, vers 3. “Wandelen” is de vrucht van de gelovigen, vers 4. De volgorde is hier: wat Christus heeft gedaan, dan wat de Geest heeft gedaan, dan wat God heeft gedaan, en dan wat wij doen. Onze wandel volgt de werking van elk goddelijk Persoon om ons geschikt te maken voor de christelijke weg door deze wereld.

In vers 4 wordt ons gezegd dat wandelen naar de Geest ons in staat zal stellen de rechtvaardige eisen van de wet te vervullen. Deze werden door een wetgeleerde opgesomd en door onze Heer aanvaard als zijnde liefde tot God enerzijds en liefde tot de naaste anderzijds. Zie Lukas 10 vers 25-28. Het betekent, dat wij God eerst geven wat recht is in Zijn ogen en dat wij onze medemens doen wat recht is jegens hem. Dit is wandelen door, of in, de Geest.

Vele bijzonderheden zouden uit andere delen van de Schrift kunnen worden gehaald, maar altijd doen wat juist is, zowel naar God als naar de mens toe, is het bewijs van een gelovige die door de Geest wandelt.

Wat betekent het om geleid te worden door de Geest

Geleid worden door de Geest wordt ook in dit hoofdstuk genoemd: “Want allen die door [de] Geest van God geleid worden, die zijn zonen van God” (Rom. 8:14). Het woord “geleid worden” kent vele toepassingen, maar de hoofdgedachte die er doorheen loopt is “zorgen voor.” De Geest zorgt voor ons door ons op het rechte spoor te brengen, en het hebben van zo’n gids maakt duidelijk dat wij “zonen van God” zijn.

Zolang hij minderjarig is, staat een prins onder de hoede van een mentor, die weet hoe de prins zich moet gedragen in overeenstemming met zijn positie in het leven. Hij moet zich te allen tijde gedragen als de zoon van de koning. Op dezelfde manier woont de Geest in onze harten en instrueert ons over het gedrag dat ons past omdat wij “zonen van God” zijn. Wij hebben de levende stem van de Geest in onze harten, die ons steeds tracht te gidsen, te leiden of te onderrichten, omdat wij “zonen van God” zijn. Zo worden wij geleid door de Geest.

Wat betekent het om vervuld te worden met de Geest?

Vervuld zijn met de Geest staat voor ons beschreven in Efeze 5 vers 18-21. “En wordt niet dronken van wijn, waarin losbandigheid is, maar wordt vervuld met [de] Geest, en spreekt tot elkaar in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, zingend en jubelend in uw hart3 tot de Heer, en dankt te allen tijde voor alles de God en Vader in [de] naam van onze Heer Jezus Christus, en weest elkaar onderdanig in [de] vrees van Christus.”

Iemand die vervuld is van wijn, doet dingen die hij niet zou doen als hij nuchter was; onder de macht van de wijn vertoont hij een ander karakter. Zo vertoont een man die vervuld wordt van de Geest een ander karakter, heel anders dan wat hem eens kenmerkte vóórdat hij de Geest bezat.

Wanneer hij vervuld is met de Geest zal hij spreken over de dingen van God in de taal van de Schrift. “Spreekt tot elkaar in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, zingend en jubelend in uw hart tot de Heer” (vs. 19). Hij zal met vreugde de christelijke weg bewandelen. Hij zal altijd dankbaar zijn als ontvanger van de genade en barmhartigheid van God, “te allen tijde dankzeggend” (vs. 20). Hij zal onderdanig zijn en niet zijn wil willen opleggen, “elkaar onderdanig in [de] vrees van Christus” (vs. 21). Dit zijn enkele van de kenmerken van een gelovige die vervuld is met de Geest.

 

NOTEN:
1. Of ‘tot op’; dit laatste kan men ook laten terugslaan op ‘verzegeld.’
2. Er worden hier twee woorden voor bidden en vragen gebruikt. Het ’smekende’ bidden (aiteo) is het woord dat altijd voor de discipelen tegenover de Vader gebruikt wordt (Joh. 15:16; 16:23,24,26); gaat het om Christus tegenover de Vader, dan wordt altijd het vertrouwelijke ‘vragen’ (erotao) gebruikt (14:16; 16:26; 17:9,15,20), behalve uit onbegrip door Martha (11:22, aiteo);voor de discipelen tegenover Christus worden beide woorden gebruikt (14:13,14; 15:7 resp. 4:31; 9:2; 16:5,19,23,30).
3. Of ‘van harte.’

 

George Davison; © The Christian Explorer

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW