5 jaar geleden

De schepping (les 4) – De uitbreiding

Om deze cursus op Frisse Wateren te vinden, moet u zoeken op de titel: “De Schepping”.

“En God zei: Laat er een gewelf zijn in het midden van het water, en laat dat scheiding maken tussen water en water! En God maakte dat gewelf en maakte scheiding tussen het water dat onder het gewelf is, en het water dat boven het gewelf is. En het was zo. En God noemde het gewelf hemel. Toen was het avond geweest en het was morgen geweest: de tweede dag” (Gen. 1:6-8).

Op de tweede dag spreekt God voor de tweede maal. En de tweede maal zegt Hij: “Laat er zijn”. Hij maakt een uitbreiding (een tussenruimte) in het midden van het water, zodat er nu onder water en water boven het uitspansel is.

Het Hebreeuwse woord voor uitbreiding (raqia) komt behalve in dit hoofdstuk nog in Psalm 19 vers 2, Psalm 150 vers 1, in Daniël 12 vers 3 en in Ezechiël 1 vers 22-26 in figuurlijke zin voor. Het woord is afgeleid van een werkwoord waarvan de fundamentele betekenis platmaken, breed slaan is. Het bevat het idee van de zeer dun en uitgebreid.

1. In welke beelden drukken Psalm 104 en Jesaja 40 deze eigenschap van uitbreiding uit?

a. Psalm 104 vers 2: …………………………………………………………………………………..

b. Jesaja 40 vers 22: …………………………………………………………………………………..

Deze uitbreiding is de hemel-lucht, de atmosfeer*, haar onderste laag, genaamd de troposfeer**, reikt op de evenaar slechts 18 km hoog [1]. Het is derhalve – vergeleken met de grootte van de aardbol – extreem dun, want 18 km is slechts 0,14% van de diameter van de aarde.

In deze laag vliegen de vogels en vandaag ook de vliegtuigen, en zij bevat de lucht die we nodig hebben om te ademen. De dampkring is een belangrijke voorwaarde voor het leven, dat geschapen moet worden. Je moet precies de juiste samenstelling, de vochtigheid en temperatuur hebben.

2. In de atmosfeer speelt zich de gehele thermiek (beweging van luchtmassa’s), de vorming van wolken en daarmee het weerpatroon af. Hoe wordt de permanente circulatie van het water in Job 36 vers 27-28 beschreven?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

3. Enorme krachten regelen de weersomstandigheden. Hoe klein zijn wij mensen in vergelijking daarmee! Noteer hoe het in Job 37 vers 11-13 geschilderd wordt:

……………………………………………………………………………………………………….……………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

4. De totale hoeveelheid water op onze planeet is ongeveer 1’397’000’000 km3. Hiervan is ongeveer 13.000 km3 in de atmosfeer opgeslagen, namelijk ongeveer 0,001% of honderd-duizendste. Bij deze relatie tussen water boven en onder de uitbreiding kan men nauwelijks van een scheiding van het water spreken. Maar de vraag is of deze relatie na de 2e dag van de schepping niet heel anders was  dan vandaag. Welke ingrijpende gebeurtenis heeft de gehele waterbalans van de aarde waarschijnlijk sterk veranderd?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

5. Welke uitdrukking gebruikt de Schrift in verband met de regen tijdens de zondvloed in Genesis 7 vers 11 en 8 vers 2?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

Deze benaming wordt in de Schrift nooit meer in verband met de regen genoemd. De watermassa boven het uitspansel was mogelijkerwijze veel groter dan vandaag. Toen ze in de vorm van regen naar beneden kwam, veroorzaakte zij samen met het openbreken van de fonteinen van de diepte de zondvloed.

6. Hoe werd de aarde voor de zondvloed bewaterd? (Gen. 2:5,6)?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

7. Welke uitspraak van God ontbreekt in deze tweede dag, en alleen op deze?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

Dit kan verband houden met het feit, dat dit de enige dag is waarop niets werkelijk nieuws ontstaat. De uitbreiding wordt alleen als dat gezien, wat het bestaande water scheidt. Dat zij de lucht inhoudt die we nodig hebben om te ademen, wordt hier niet genoemd. Bovendien is het werk van God aan de wateren nog niet klaar. We zullen dat in de volgende les zien.

8. Welke naam geeft God aan de uitbreiding?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

* Atmosfeer: de lucht om de aarde, of dampkring.

** De troposfeer is de onderste laag van de dampkring en bevat ongeveer 80% van de totale massa aan lucht. {WikiPedia}

NOOT:
1. Bij de polen is de hoogte nog slechts 8 km.

© Bibelkurs.com

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW