Zo nu en dan, ofwel: Tijd en eeuwigheid (3)
Lukas 12 vers 16-17: “Hij nu sprak een gelijkenis tot hen en zei: Het land van een rijk mens bracht veel op; en hij overlegde bij zichzelf en zei: Wat zal ik doen? want ik heb niets waarin ik mijn vruchten kan verzamelen.” Is het dan een zonde als iemand met succes zijn akkerbouw of een bedrijf runt? Als God iemands arbeid zegent, zou die persoon zich dan niet moeten verheugen? Zeker; maar beschouw hier de morele ontwikkeling van een...
De Psalm van het zondoffer (1)
“Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten, bent U ver van mijn verlossing, van de woorden van mijn jammerklacht?” (Ps. 22:2). Vier psalmen die profetisch spreken over de dood van de Heer Jezus Christus, zien Zijn dood elk op een andere manier. Psalm 40 is de brandofferpsalm, die zich richt op Gods bedoelingen; Psalm 69 is de schuldofferpsalm, die de straf benadrukt; en Psalm 22 beschrijft het lijden van de Heer als het zondoffer. Hoewel er misschien niet...
Zo nu en dan, ofwel: Tijd en eeuwigheid (2)
Terwijl de Heer Jezus deze hemelse beginselen uitlegde, onderbrak een echt kind van de wereld hem met een vraag over een erfenis: Lukas 12 vers 13: “Iemand nu uit de menigte zei tot Hem: Meester, zeg mijn broer dat hij de erfenis met mij moet delen.” Hoe onbegrijpelijk weinig wist deze man van het ware karakter van de hemelse Mens die voor hem stond. Hij had geen flauw idee van het diepe geheimenis van Zijn wezen, noch van het doel...
Onze gelukkige hoop
“Want de genade van God, heilbrengend voor alle mensen, is verschenen1 en onderwijst ons, dat wij met verzaking van de goddeloosheid en de wereldse begeerten ingetogen, rechtvaardig en godvruchtig zouden leven in deze tegenwoordige eeuw, in de verwachting van de gelukkige hoop en verschijning van de heerlijkheid van onze grote God en Heiland, Jezus Christus” (Titus 2:11-13). In de tekst van vandaag beschrijft Paulus de wederkomst van Christus als een ‘gelukkige hoop’ voor elke volgeling van Jezus Christus. Deze hoop is...
Hemels Jeruzalem of Vaderhuis?
Bijbelgedeelten: Johannes 14 vers 1-3; Openbaring 21 vers 1-9 Vraag: Waar zullen wij christenen op een dag zijn: in het huis van de Vader (Joh. 14) of in het nieuwe Jeruzalem (Openb. 21)? Of zijn het slechts twee verschillende termen voor dezelfde zaak? Wanneer de Schrift twee heel verschillende termen kiest – een term die betrekking heeft op een huis en een andere op een stad – dan is het duidelijk, dat dit niet precies hetzelfde betekent. Het nieuwe Jeruzalem...
De dood met hoop tegemoet treden
“Want hetzij wij leven, wij leven voor de Heer; hetzij wij sterven, wij sterven voor de Heer; hetzij wij dan leven, hetzij wij sterven, wij zijn van de de Heer” (Rom. 14:8). De hoop die wij als volgelingen van Jezus Christus bezitten, zou invloed moeten hebben op elk aspect van ons leven, inclusief onze kijk op de dood. De apostel Paulus kon zeggen: “Want te leven is voor mij Christus en te sterven is winst” (Fil. 1:21). Hij kon dit...
Hoop die het perspectief verandert
“Hij vindt geen vreugde in de kracht van het paard, Hij schept geen behagen in de spierkracht van de man. De HEERE is goedgezind voor wie Hem vrezen en op Zijn goedertierenheid hopen” (Ps. 147:10–11). Psalm 147 is een lofpsalm aan onze God voor Zijn onfeilbare en onveranderlijke Woord, en voor Zijn voorzienigheid in het leven van de Zijnen. Het is een psalm die ons aan het volgende herinnert: ”Hij telt het aantal sterren, Hij noemt ze alle bij hun...
De hemelse hoop
“Laat uw hart niet ontroerd worden. U gelooft in God, gelooft ook in Mij. In het huis van Mijn Vader zijn vele woningen; als het niet zo was, zou Ik het u hebben gezegd. Ik ga heen om u plaats te bereiden. En als Ik ben heengegaan en u plaats heb bereid, kom Ik weer en zal u tot Mij nemen, opdat ook u zult zijn waar Ik ben” (Joh. 14:1–3). De hoop op een thuis in de hemel wacht...
Hanna: een gebroken vat door verdriet (2)
“Elkana, haar man, zei dan tegen haar: Hanna, waarom huil je, waarom eet je niet, en waarom is je hart verdrietig? Ben ik je niet meer waard dan tien zonen?” (1 Sam. 1:8). Niemand begreep hoe diep Hannahs bittere pijn ging of hoe gebroken ze zich voelde. Haar man probeerde haar te helpen door haar eraan te herinneren hoe goed haar situatie was, met de woorden: “Ben ik je niet meer waard dan tien zonen?” Misschien bedoelde hij het goed,...
Hanna: Een gebroken vat door verdriet (1)
“Hij geneest de gebrokenen van hart, Hij verbindt hen in hun leed” (Ps. 147:3). David herinnert ons aan “De HEERE is nabij de gebrokenen van hart, Hij verlost de verbrijzelden van geest” (Ps. 34:19). Hanna is een voorbeeld van iemand die verpletterd werd door diep verdriet; haar gebrokenheid wordt voor ons opgetekend in 1 Samuël 1. Hanna leefde in de tijd van de richters, toen de mensen Gods wetten niet volgden, maar ieder “een ieder deed wat juist was in...



