6 maanden geleden

Brieven aan een nieuwe bekeerling (5)

Bijbelgedeelte: 2 Korinthe 11 vers 13-14

Valse leraars

 

Beste gelovige vriend,

Laat je ook waarschuwen voor valse leraren en hun leerstellingen. Verwonder je er niet over, dat ze bestaan. Net als God heeft ook satan zijn dienaren en hij werkt door imitatie. De apostel zei over sommige van zijn dienaren: “Want zulke [mensen] zijn valse apostelen, bedrieglijke arbeiders, die zich voordoen als apostelen van Christus. En geen wonder, want de satan zelf doet zich voor als een engel van het licht” (2 Kor. 11:13-14). Het is daarom heel waarschijnlijk, dat je binnenkort zulke mensen zult tegenkomen die vreemde leringen brengen die heel aannemelijk klinken en bedekt zijn met een dun laagje waarheid.

Sta me een paar aanwijzingen toe:

Als ze naar je toekomen met leerstellingen die het eenvoudige evangelie, dat je hebt ontvangen, doorkruisen door de dood en opstanding van Jezus te lasteren, wijs ze dan af en mijd ze. Ze zijn vals (zie Gal. 1:6-8).

Als zij Jezus niet als hun Heer erkennen (1 Kor. 12:3), of dat Hij, een Goddelijk persoon, in het vlees kwam, dat wil zeggen Mens werd, als zij daarom, kortom, Zijn Godheid en Mensheid niet belijden (1 Joh. 4:3), dan zijn zij niet van God.

Als Christus niet het middelpunt van hun leer is, maar een of ander religieus idee, of als ze van je eisen dat je je onderwerpt aan de leer van een of andere vrouw of man die beweert een profeet te zijn, of aan een of andere nieuwe openbaring die iemand beweert te hebben ontvangen, dan kun je je er gerust van afkeren. Als ze op de proef worden gesteld, zullen ze leugenaars blijken te zijn (verg. Openb. 2:2).

Als de leraar zelf ongelovig is, luister dan niet naar hem. Hij kan misschien juiste dingen zeggen, maar een papegaai maakt soms heel toepasselijke opmerkingen. De Schrift is hier echter heel duidelijk over: “Maar [de] natuurlijke mens neemt niet aan wat van de Geest <van God> is, want het is hem dwaasheid, en hij kan het niet begrijpen omdat het geestelijk beoordeeld wordt” (1 Kor. 2:14). […]

En als iemand naar je toekomt met leringen die hij om te beginnen de Schrift moet verdraaien om die te ondersteunen, ofwel hij de betekenis van woorden te veel benadrukt, ofwel door voortdurend naar Griekse en Hebreeuwse grondteksten en vertalingen te verwijzen om zijn ideeën te ondersteunen, ofwel door teksten uit hun verband te rukken om er steeds nieuwe betekenissen aan te geven, dan moet je zijn leringen met de grootste argwaan bekijken. “… dat geen profetie van [de] Schrift een eigen uitlegging heeft” (2 Petr. 1:20). Merk ook op dat de Bijbel een eenheid is, zodat het ene deel in het andere past, niet alleen overeenstemmend, maar ook verklarend.

 

F.B. Hole; © www.bibelstudium.de

Online in het Duits sinds 09.02.2010.

Geplaatst in: ,
© Frisse Wateren, FW