16 jaar geleden

Alcohol

Alcohol, dat is een thema waarover de Bijbel beslist niet zwijgt. Daarbij is het een thema, dat tot op vandaag hoogst actueel is. Dat merken we iedere dag in onze omgeving en misschien uit eigen ervaring. Hoe kan een Christen nu verantwoordelijk met dit thema omgaan? Koning Lemuël (misschien een ander naam van koning Salomo), kreeg van zijn moeder hierover belangrijke hulp-aanwijzingen die ons tot op vandaag helpen, om in overeenstemming met God gebruik respectievelijk niet gebruik van alcohol te maken.

Alleen een gevaar voor koningen?

Alcohol, dat is een thema waarover de Bijbel beslist niet zwijgt. Daarbij is het een thema, dat tot op vandaag hoogst actueel is. Dat merken we iedere dag in onze omgeving en misschien uit eigen ervaring.

Hoe kan een Christen nu verantwoordelijk met dit thema omgaan? Koning Lemuël (misschien een ander naam van koning Salomo), kreeg van zijn moeder hierover belangrijke hulp-aanwijzingen die ons tot op vandaag helpen, om in overeenstemming met God gebruik respectievelijk niet gebruik van alcohol te maken.

… Het is niet betamelijk …

“Het komt de koningen niet toe, o Lemuël! het komt de koningen niet toe wijn te drinken, en de prinsen, sterke drank te begeren; opdat hij niet drinke, en het ingezette vergete, en de rechtszaak van alle verdrukten verandere” (Spreuken 31:4-5).

De eerste les is, dat het voor koningen en vorsten eenvoudigweg niet betamelijk is naar alcohol en sterke drank te vragen. Het is nu eenmaal ongepast voor hen! Dat is toch voor mij niet van toepassing, denk je misschien (opgelucht). Maar – zijn wij niet tot een koningschap gemaakt (Openbaring 1:6)? Zullen wij niet eenmaal met de Heer Jezus over de aarde heersen? En zou dat nu al niet invloed op ons leven moeten hebben? Wat zouden wij van een koningszoon zeggen die later eens het bedrijf van zijn vader overnemen zal en vandaag dronken door de straten zwalkt? Voor een kind van God is het nog veel minder passend, wanneer hij dronken is!

“… opdat hij niet drinke, en het ingezette vergete …”

Nu wordt ons verklaard waarom het voor koningen en vorsten niet betamelijk is, wijn en sterke drank te drinken. Ten eerste wijst dit vers ons op het eigenlijke gevaar: Het gaat er niet zozeer om het genot van alcohol compleet te veroordelen, maar het gaat daarom, dat te veel alcohol de zinnen beïnvloedt. Daarin ligt het grote gevaar van alcohol. Het volgende is natuurlijk, dat alcohol tot een verdovend middel worden kan, dat tot verslaving leidt – sneller dan wij vaak menen, want alcoholverslaving heeft verschillende trappen van verslaving.

Dan komen we nu tot de motivatie voor de waarschuwing voor alcohol. Door alcohol kunnen we vergeetachtig worden – vergeetachtig voor het “ingezette”. Dat betekent voor ons het geheel van de gedachten van God. Bestaat niet al zonder alcohol het gevaar, dat de gedachten van God in mijn leven niet de juiste plaats hebben? Het overmatig genot van alcohol zal alleen des te sneller ertoe leiden, dat wij de gedachten van God vergeten.

“… en de rechtszaak van alle verdrukten verandere …”

Het vergeten van de gedachten van God zal snel in ons gedrag gezien worden! Bij koningen en vorsten zal het ertoe leiden, dat zij hun opdracht om de gerechtsaangelegenheden van het volk te regelen, niet meer goed uit kunnen voeren. In mijn en jouw leven zal het zo’n uitwerking hebben, dat we ons niet meer zo gedragen zoals het passend is voor God – dat wij onze opdracht een getuigenis voor de Heer Jezus te zijn, niet meer vervullen kunnen. Wij zijn dan ook niet meer in staat recht en onrecht met de ogen van God te kunnen beoordelen.

Een soortgelijke motivatie vinden we in Leviticus 10:8-10, waar de priesers het genot van de alcohol verboden wordt. Bij de priesters bestaat het gevaar, dat zij geen onderscheid meer kunnen maken tussen heilig en onheilig. Het onvermogen het juiste onderscheidingsvermogen tussen dat, wat in overeenstemming is met het wezen van God – wat dus heilig is – en dat, wat het wezen van God tegenspreekt – wat dus onheilig is – is ook vandaag een gevaar voor elke Christen.

Alcohol – letterlijk of zinnebeeldig bedoeld?

Bijbelplaatsen als Efeze 5:18 maken ons duidelijk, dat we het onderwijs van het Oude Testament over het thema alcohol beslist letterlijk moeten nemen. Vele plaatsen in het Oude Testament tonen hoe concreet God ons de problemen in verbinding met alcohol voorstelt (vergelijk bijvoorbeeld Spreuken 23:29-35).

Daarbovenuit is alcohol in het Oude Testament toch ook een symbool voor “aardse vreugde”. Alcohol word in de Bijbel voor het eerst genoemd in de vorm van wijn (Genesis 9:20-21). Wijn is een vrucht van de aarde en behoort daarmee tot de zegen die God de mensen op deze aarde gegeven heeft. Daarom herkennen we daarin een symbool voor vreugde die God de mensen – ook aan de Christen – op aarde geven wilde (Richteren 9:13; Psalm 104:15). Deze vreugde mogen wij dankbaar uit de hand van God aannemen en naar Zijn bedoeling gebruiken! En toch – het is niet toevallig, dat juist bij het eerste voorkomen van wijn (en daarmee van alcohol) in de Bijbel over het treurige voorval van de beschonken Noach bericht moet worden1. Hoe snel gaan we onverantwoordelijk met dat om, wat God ons op deze aarde geschonken heeft!
De waarschuwing voor overmatig “alcoholgebruik” in verbinding met de symbolische betekenis van alcohol wil ons dus duidelijk maken: Wanneer we ons in aardse vreugden verliezen, zullen we het “ingezette” – de gedachten van God – uit het oog en uit onze zinnen verliezen. De gevolgen daarvan hebben we al gezien2.

Niet extreem worden

Zoals altijd, zo is de Bijbel ook bij het thema alcohol evenwichtig! Aan de ene kant worden wij indringend gewaarschuwd voor de gevaren van alcohol. Aan de andere kant roept Paulus zijn broeder en medearbeider Timotheüs op, vanwege zijn veelvuldige zwakheden een weinig wijn te gebruiken (1 Timotheüs 5:23). Onderkennen wij niet, dat wij – zonder extreem te worden – tot een God welgevallige omgang met het thema alcohol komen kunnen? Het is zeker niet overdreven, ook in het gebruik van alcohol – ook voor een glas wijn of een fles bier bij het eten – naar de wil van God te vragen! Wij moeten toch niet vergeten, dat we op geen enkele plaats in de Schrift een oproep tot genot van wijn of andere vormen van alcohol vinden. Dat maakt ons voorzichtig en helpt ons, om van het drinken van alcohol geheel af te zien, wanneer we ons zelf of anderen, met wie we te maken hebben, in gevaar brengen.

Misschien heb je tijdens het lezen van dit artikel gemerkt, dat je bij het drinken van alcoholische dranken al te ver gegaan bent. Denk er dan aan: Het is geen “onterend delict” en ook geen “kleinigheid” – het is zonde. Maar wanneer je dat inziet, dan is er ook genezing: “Die zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar die ze bekent en laat, zal barmhartigheid verkrijgen” (Spreuken 28:13). En: “ieder die de zonde doet, is een slaaf van de zonde … Als dan de Zoon u zal vrijmaken, zult u werkelijk vrij zijn” (Johannes 8:34,36). Met de hulp van God kan er vrijheid komen – ook bevrijding van de verslaving!

Betere vreugde

Komen we nu tot slot nog eens op Efeze 5 terug. Maakt ons deze plaats niet duidelijk, dat er voor een Christen veel betere vreugden zijn, dan die de alcohol voorspiegelt? In plaats van met de “wijngeest” vervuld te worden, mogen we de Geest van God ruimte in ons leven geven en van Hem vervuld worden. Dan zal een veel betere vreugde ons leven binnenkomen, want het verlangen van de Geest van God is het, de Heer Jezus voor ons belangrijk te maken.
Ook als we nog eens aan de symbolische betekenis van de wijn denken, dan is daarvoor hetzelfde van toepassing. Als wij ons niet verliezen willen in aardse vreugden, dan is ons leven daarom nog helemaal niet vreugdeloos. Integendeel – wie zich in de aardse vreugden stort, is uiteindelijk de verliezer. Een vergelijking tussen Abraham en Lot of tussen de beide Nazireeërs Simson en Johannes de Doper maakt dat duidelijk (vergelijk Lukas 1:44; Johannes 3:29).

Is er een betere vreugde, dan die, welke in verbinding met de Heer Jezus staat?

NOTEN:
1. Hier vinden we ook de veel voorkomende verbinding tussen alcohol en immoraliteit. Noach had zich bedronken en toen ontbloot. Dronkenschap voert ook vandaag dikwijls tot immoreel gedrag en zonde op seksueel gebied – denken we slechts aan Lot in Genesis 19:30-38!
2. In dit verband denken we eraan, dat de derde groep personen die geen alcohol tot zich mochten nemen, de Nazireeërs zijn. Zij hadden de wens, geheel voor God te leven en wilden daarom van aardse vreugden – wijn, sterke drank en die vrucht van de wijnstok – afzien (Numeri 6:1-21).
3. De weg naar vrijheid kan zeker ook een geneeskundige therapie inhouden, want er zijn trappen van verslaving (afhankelijkheid), waarbij enerzijds hulp van buitenaf en de totale onthouding van alcohol anderzijds nodig zijn, om vrij te worden. Daarbij kan de ondersteuning van een zielzorger helpen, de diepe oorzaken van het vallen in de verslaving van alcohol te ontdekken en op te ruimen.

Christian Rosenthal, © Folge mir nach

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW