2 maanden geleden

Afhankelijkheid in het leven van Jezus (97)

De zalving van de Heilige

 

“… Uw heilige knecht Jezus, die U hebt gezalfd” (Hand. 4:27).

De getrouwe Getuige van God maakte meteen aan het begin van Zijn openbaar optreden duidelijk wat Zijn bediening inhield en wie Hem het gezag had gegeven om deze dienst uit te voeren. In de synagoge van Nazareth leest Hij uit het boek Jesaja de woorden: “De Geest van [de] Heer is op Mij, doordat Hij mij heeft gezalfd om aan armen het evangelie te verkondigen; Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen loslating te prediken en aan blinden [het] gezicht, om verbrokenen heen te zenden in vrijlating, om te prediken [het] aangename jaar van [de] Heer” (Luk. 4:18; verg. Jes. 61:1,2). Petrus bevestigt dit jaren later wanneer hij zegt: “[met] Jezus van Nazareth, hoe God Hem heeft gezalfd met [de] Heilige Geest en met kracht. Hij is [het land] doorgegaan, terwijl Hij goed deed en allen gezond maakte die door de duivel waren overweldigd, want God was met Hem” (Hand. 10:38). God heeft Zijn Zoon niet alleen verzegeld met de Geest vanwege Zijn persoonlijke voortreffelijkheid (verg. Joh. 6:27); Hij heeft door de zalving met de Geest Hem ook openlijk gemachtigd voor Zijn dienstwerk!

Johannes schrijft aan de kinderen van God: “U hebt [de] zalving vanwege de Heilige en u weet alles” (1 Joh. 2:20). Door de zalving met de Heilige Geest zijn wij fundamenteel in staat de gedachten van God te begrijpen (verg. 1 Joh. 2:27). De Geest van God, die ons in alle waarheid wil leiden, geeft ook jonge gelovigen het vermogen om de stem van de goede Herder te onderscheiden van de stem van een vreemde (verg. Joh. 10:4,5).

In de praktijk zullen wij echter dit geestelijke onderscheidingsvermogen alleen hebben als wij ook geestelijk leven. Paulus schrijft: “Maar wie geestelijk is, beoordeelt alle dingen” (1 Kor. 2:15). De Korinthiërs daarentegen gedroegen zich vleselijk omdat zij elkaar benijdden en met elkaar twistten. Daarom konden zij geen vooruitgang boeken in het begrijpen van de waarheid (verg. 1 Kor. 3:2,3).

God heeft in Zijn genade Zijn gemeente leraren gegeven die waardevolle uitleggingen van het Woord van God hebben geschreven. Het zou aanmatigend zijn te zeggen dat wij deze “hulp” vandaag niet nodig hebben. Tegelijkertijd bestaat er echter een groot gevaar dat dergelijke bijbelcommentaren ons afleiden van het zelfstandig denken over de Heilige Schrift – waardoor grote zegeningen verloren gaan. Een gewaardeerd bijbelcommentator schrijft hierover: <<Niets is zo schadelijk als die gemakzucht die de voorkeur geeft aan het stilstaan bij enkele gedachten (let wel: bedoeld zijn de gedachten van bijbelcommentatoren) in plaats van het Goddelijk Woord zelf te doorgronden, dat ontzegd wordt aan de ziel die de Heer niet ernstig zoekt met ijver, geestkracht en toewijding, namelijk de kennis die Hij alleen kan geven.”>>

Leeft u een geestelijk leven waarin de geest van Jezus zichtbaar is? Hoe vaak denkt u biddend na over het Woord van God? Leeft u in praktische gemeenschap met God en hebt u een oprecht verlangen om Zijn wil te doen? Als dit het geval is, dan zult u ook erkennen uit welke bron de leer komt (verg. Joh. 7:16).

 

Jan Philip Svetlik; © www.bibelstudium.de

Online in het Duits sinds 31.05.2018.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, FW