8 maanden geleden

Afhankelijkheid in het leven van Jezus (10)

God wil graag de echtheid in ons leven zien

“Zie, U vindt vreugde in waarheid in het binnenste, …” (Ps. 51:6).

De evangelist Lukas laat ons vooral de menselijke kant van de Heer Jezus zien. In geen ander evangelie wordt zo vaak genoemd, dat Hij bidt, zoals in Lukas. Veertien maal wordt Hij daar voorgesteld als de biddende Mens, waardoor de Heilige Geest in dit evangelie Jezus’ volkomen afhankelijkheid betuigt (Luk. 3:21; 5:16; 6:12; 9:16,18,28; 10:21; 11:1; 22:17,32,40-46; 23:34,46; 24:30). Tot hoofdstuk 11 lezen we erover hoe Jezus Zelf het gebed praktiseert. Daarna begint Hij aan Zijn discipelen de principes van gebed uit te leggen. Lukas maakt herhaaldelijk duidelijk dat in het leven van Jezus het doen voor het leren komt: “… wat Jezus is begonnen zowel te doen als te leren” (Hand. 1:1).

Onze Heer heeft nooit iets geleerd, zonder het niet ook Zelf voor te leven. Bij Hem was geen verschil tussen leer en praktijk. Hij was helemaal wat Hij ook tot de mensen sprak (Joh. 8:251). Zijn gedachten gingen niet verder dan Zijn mond (Ps. 17:3). Hij diende niet alleen met woorden maar in daad en waarheid. Zijn leven is het beste voorbeeld van wat het betekent, dat de mens altijd bidden en niet verslappen moet (Luk. 18:1). Voordat Hij het Woord van God in Nazareth in de synagoge aan de mensen voorstelt, past Hij het eerst in de woestijn, als Hij door de satan wordt verzocht, op Zichzelf toe. Het is daarom geen wonder, dat we van Hem lezen dat Hij met gezag predikte, in tegenstelling tot de huichelachtige schriftgeleerden (Matth. 7:28,29).

God wil echtheid in ons leven zien! Hij zoekt mensen die in het leven laten zien wat ze prediken of naar buiten brengen. Als het leven niet achter datgene staat, wat men naar buiten toe voordoet, hebben de woorden of het getuigenis kracht noch moreel gezag. Als we bijvoorbeeld als christenen belijden dat we vreemdelingen en pelgrims zijn en tegelijkertijd onze harten aan aardse bezittingen hangen, is ons getuigenis niet erg geloofwaardig.

In hoeverre is de komst van de Heer Jezus om ons op te nemen2 voor ons een waarheid die we niet alleen belijden, maar die voor ons leeft en die ons leven maatgevend beïnvloedt? Hoeveel is er zichtbaar van datgene, wat we in ons eigen leven belijden of prediken?

NOOT:
1. Wat Hij sprak, was de openbaring van Zijn Persoon.
2. Zie 1 Thessalonika 4:13-18.

Online in het Duits sinds 31.01.2017.

Jan Philip Svetlik, © www.bibelstudium.de

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol