12 maanden geleden

Uit alles …

Psalm 34 vers 5-9,16-20:

5. Ik heb de HEERE gezocht en Hij heeft mij geantwoord, daleth
en mij gered uit al wat ik vrees.
6. Zij zagen naar Hem uit, ja, stroomden op Hem aan; he waw
en hun gezicht werd niet rood van schaamte.
7. Deze ellendige riep en de HEERE hoorde; zain
Hij verloste hem uit al zijn benauwdheden.
8. De engel van de HEERE legert zich cheth
rondom hen die Hem vrezen, en redt hen.
9. Proef en zie dat de HEERE goed is; teth
welzalig de man die tot Hem de toevlucht neemt.
16. De ogen van de HEERE rusten op de rechtvaardigen, ain
Zijn oren zijn gericht op hun hulpgeroep.
17. Het aangezicht van de HEERE is tegen hen die kwaad doen: pe
Hij zal hun nagedachtenis van de aarde uitroeien.
18. Zij roepen en de HEERE hoort, tsade
Hij redt hen uit al hun benauwdheden.
19. De HEERE is nabij de gebrokenen van hart, koph
Hij verlost de verbrijzelden van geest.
20. De rechtvaardige heeft veel ellende, resj
maar uit dat alles redt de HEERE hem”.

Uit alles …

Het is goed om naar de Heer Jezus te gaan met ALLES wat ons bezig houdt. Niet alleen onze zorgen en noden mogen we met Hem delen, ook onze vreugde en mooie gebeurtenissen in het leven.

Aan wie zeggen we eigenlijk deze dingen het eerst? Vaak onze naaste. Maar de Heer wil graag, dat wij ons hart in de eerste plaats voor Hem openen.

Hij laat ook niets onbeantwoord. In Psalm 34 vers 6 zien we een gevolg van het vertrouwen in Hem: wij zullen niet beschaamd worden. ‘Niemand schaamt zich die het van God verwacht’, zegt een lieddichter.

In het Nieuwe Testament citeert de Geest van God een opmerkelijke passage uit de profeet Jesaja drie keer: “Wie in Hem gelooft [of: op Hem vertrouwt] zal geenszins beschaamd worden” (Jes. 28:16; 1 Petr. 2:6; verg. Rom. 9:33; 10:11).

Ben jij in geloof al tot de Heiland gekomen, dat Hij in jouw plaats jouw zonden aan het kruis van Golgotha droeg en ook voor jou stierf? Dan ben je niet en zul je nooit teleurgesteld worden! Kun je van deze opluchting vertellen dat de Heer jou vergeven heeft, en van andere bevrijdingen in het leven, die Hij bewerkt heeft? Dan zal Hij je toch ook met problemen helpen. Want: “God is ons een toevlucht en kracht; Hij is in hoge mate een hulp gebleken in benauwdheden” (Ps. 46:2).

En de Heer Jezus Zelf zei: “In de wereld hebt u verdrukking [Luther angst], maar hebt goede moed [Luther vertrouwen], Ik heb de wereld overwonnen” (Joh. 16:33). Hij kan erover meepraten, omdat Hij de gevolgen van de zonde van dichtbij gezien heeft, toen Hij hier op aarde was – en Hij kan helpen. Jezus Christus heeft ons niet beloofd, dat alles op rolletjes loopt. Er kunnen dingen komen, die ons niet bevallen. Hij zegt in Mattheüs 6 vers 34: “Voor [elke] dag is zijn eigen kwaad genoeg”.

In onze Psalm vinden we uitreddingen uit de omstandigheden. Vier keer lezen we hier “uit al (les)”. Worden we dan altijd onmiddellijk bevrijd uit de problemen? Nee, dit wordt niet gezegd. Het gaat om tijdelijke uitreddingen, niet om onze eeuwige redding. Als het gaat om de eeuwige redding, dan wordt de zondaar die om redding roept, altijd direct verhoord. Bij tijdelijke reddingen moeten we soms wachten. Maar in die tijd wil de Heer ons rust en vrede geven, onze last dragen (Matth. 11:28; Fil. 4:7; Ps 68:20).

Psalm 34 vers 18 herinnert ons aan Exodus 2 vers 23-25: „Het gebeurde vele dagen daarna, toen de koning van Egypte gestorven was, dat de Israëlieten zuchtten en het uitschreeuwden vanwege de slavenarbeid. En hun hulpgeroep vanwege de slavenarbeid steeg omhoog tot God. Toen hoorde God hun gekerm, en God dacht aan Zijn verbond met Abraham, met Izak en met Jakob. En God zag naar de Israëlieten om en ontfermde Zich over hen [of zorgde voor hen]”. Hebben we niet een wonderbare God, die “voor ons zorgt” (1 Petr. 5:7)? “Ik zal u geenszins begeven en u geenszins verlaten” (Hebr. 13:5; verg. Deut. 31:6,8; Joz. 1:5).

Ben je innerlijk bedroefd? Moet je je misschien voor God vernederen? Dan mag je weten: De Heer is dicht bij je. “De Heer ondersteunt allen die vallen” (Ps. 145:14). En Hij “richt de gebogenen op, de HEERE heeft de rechtvaardigen lief” (Ps. 146:8) en vooral “Hij geneest de gebrokenen van hart, Hij verbindt hen in hun leed” (Ps. 147:3). Met Wie hebben wij te doen? Met Hem “die het aantal sterren telt, Hij noemt ze alle bij hun naam” (zie: Ps 147:4). Zou Hij die het hele universum in handen houdt, Zich ook niet om je kleine hart bekommeren? Hij heeft de gezindheid van berouw ook bij David na ernstige zonden niet over het hoofd gezien (Ps. 51:19).

Paulus getuigt aan het eind van zijn leven aan zijn geliefde zoon in het geloof Timotheüs, dat de Heer hem uit alles heeft gered: “maar jij hebt nauwkeurig nagevolgd mijn leer, mijn wijze van doen, mijn bedoeling, mijn geloof, mijn lankmoedigheid, mijn liefde, mijn volharding, mijn vervolgingen, mijn lijden, zoals mij zijn overkomen in Antiochië, in Iconium, in Lystra, zulke vervolgingen als ik heb verdragen, en UIT ALLE heeft de Heer mij gered” (2 Tim. 3:10,11). Dus het was niet alleen de leer die Paulus aan Timotheüs voorstelde, maar ook de moeilijkheden waarin hij zich vanwege het geloof bevond. Ook nadat hij door medearbeiders verlaten werd, stond toch de Heer hem bij, en sterkte hem toen hij zich moest verantwoorden (2 Tim 4:16,17).

Allen die met de Heer hun leven leiden, zullen ervaren dat de Heer goed voor hen is, net zoals David in onze psalm. “Het is de goedertierenheid van de HEERE dat wij niet omgekomen zijn” (Klaagl. 3:22). Ook Petrus, die enkele verzen van deze psalm, die over ons praktisch gedrag gaan, in het derde hoofdstuk van de eerste brief door de Geest van God citeert, kon zeggen: “Als u geproefd hebt dat de Heer goedertieren is” (1 Petr. 2:3).

Wacht, o mijn ziele,
wacht op de Heer.
Wat u ontviele,
Hij nimmermeer.
Wees onversaagd;
’t morgenlicht daagt.
Ziet gij reeds niet
’t hemels verschiet?
Dreigen de noden,
heeft niet uw God
hulpe geboden
in ’t hach’lijkst lot?

Geestelijke Liederen 109:1

Karsten Boerstoel, © www.bibelstudium.de

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol