3 jaar geleden

Sodom en Gomorra: actueel?

Enkele gedachten over Sodom en Gomorra

Betekenis:

  • Sodom = Iemand afzonderen (voor onheilige doeleinden): tempelprostituees
  • Gomorra = slavernij

O.T.:
Gen. 10:19; 13:10,12-13; 14:2,8,10-12,17,21-22; 18:15-16,20,22,26; 19:1,4,24,28;
Deut. 29:23; 32:32.
Jes. 1:9-10; 3:9;13:19;
Jer. 23:14; 49:18; 50:40;
Klaagl. 4:6;
Ezech. 16:46,48-49,53,55-56;
Amos 4:11;
Zef. 2:9;

N.T.:
Matth. 10:15; 11:23-24;
Mark. 6:11;
Luk. 10:12; 17:29;
Rom. 9:29;
2 Petr. 2:6;
Jud. 1:7;
Openb. 11:8.

Sodom en Gomorra worden dus zowel in het Oude als het Nieuwe Testament genoemd. De betekenis van Sodom is behoorlijk negatief. Het duidt op ernstig onzedelijk gedrag en dit niet incidenteel, maar voortdurend. Zij waren ‘verslaafd’ aan de zonde. God Zelf stelt de bewoners van deze steden als voorbeeld voor hen die goddeloos leven (2 Petr. 2:6; Jud. 1:7).

Het oordeel over hen was onomkeerbaar. Zij werd vanwege haar zonden ondersteboven gekeerd. De inwoners bedreven deze zonden ook openlijk (Jes. 3:9).

Dit is precies wat er in onze dagen ook aan de hand is. We willen (en mogen) daarvoor geen zichtbaar bewijs tonen, dat zou zeker verontreinigend werken. We komen er helaas ‘ongewild’ al meer dan genoeg mee in aanraking in onze huidige wereld. Door de media, reclameboodschappen, internet enz. worden we immers openlijk geconfronteerd met “de begeerten van de mensen”. Deze begeerten hebben ook betrekking op de seksuele hype van onze tijd. Deze wereld vindt het maar vreemd dat u en ik – die het eigendom zijn van de Heer Jezus – ons niet samen met hen storten in dezelfde uitspattingen van liederlijkheid als zij. Nee, wij moeten ons ‘wapenen’ met gedachte dat wij in het vlees lijden moeten omdat wij hebben afgedaan met de zonde(n). De tijd die ons nu nog rest behoren we niet meer te leven volgens de begeerten van de mensen. Hoe dan wel? Dat laat de Schrift ons ook duidelijk zien, namelijk “naar de wil1 van God”.

Als christenen moeten we echter ook de herinnering van het Woord van God ter harte nemen. De tijd om te wandelen in “losbandigheden, begeerten, dronkenschappen, zwelgpartijen, drinkgelagen en misdadige afgoderijen” is voor ons voorbij. Dit namelijk is “de wil2 van de volken”. (1 Petr. 4:2-4). Het behoort bij het leven van hen die niet in God geloven en onze Heer Jezus Christus niet toebehoren, Die ons verloste van onze onvruchtbare (inhoudsloze) wandel door Zijn kostbaar bloed (1 Petr. 1:19). Het hoort absoluut niet bij hen die verlost zijn door de Heer Jezus Christus.

Het feit dat we door God – de uiteindelijke Auteur van de Bijbel – aangespoord worden om in overeenstemming met God in de Geest te wandelen, laat ons echter ook zien dat wij niet ‘immuun’ zijn voor deze verschrikkelijke zonden, die we ook in Sodom en Gomorra vinden. Het vlees is nog in ons en daarvoor moeten wij ons voor de zonde ‘dood’ rekenen, maar voor God levend in Christus Jezus (zie Rom. 6:5-14).

Doen we dat niet, dan glijden we in dezelfde liederlijkheid af. Daarmee bedroeven we de Heilige Geest, ja, God Zelf. En dat kan heel snel gaan, dat zien we immers om ons heen. Dit gaat dikwijls ook gepaard met ‘vuile woorden’. Ook dat zien en horen we om ons heen. Voor een kind van God echter geldt: “Laat geen vuil woord uit uw mond komen, maar veeleer één dat goed is tot opbouwing waar dat nodig is, opdat het genade geeft aan hen die horen” (verg. Ef. 4:30).

In de wereld

Allereerst is dit gedrag van toepassing op het terrein van de gemeente, dus onder hen die in Christus Jezus geloven en Hem toebehoren, dus onder de kinderen van God.

Helaas vergeten sommigen wel eens dat dit ook van toepassing is wanneer we met deze wereld te maken hebben vanwege werk, school of anderszins. Ook daar hebben we ons verre te houden van hen die ‘van de wereld’ zijn, omdat wij niet van de wereld zijn. Deze wereld haat ons daarom! Dit moet ons niet verbazen (zie Joh. 17:11-19). Omdat wij volgens de Heer Jezus “niet van de wereld zijn” maar wel “in de wereld zijn”, hebben we de verantwoordelijkheid om in overeenstemming met de wil van God, in gemeenschap met Hem te wandelen. Dit zal dan een getuigenis zijn in deze wereld voor de Heer Jezus.

Dat maakt dat we niet alleen geheel anders zijn dan deze wereld maar ook dat we geheel anders wandelen dan deze wereld. Deze wereld wandelt overeenkomstig de “tijdgeest van deze wereld, overeenkomstig de macht van de lucht, van de geest die nu werkt in de zonen van de ongehoorzaamheid”. Zij kan ook niet anders omdat zij “slaven van de zonde zijn”. Ook wij waren niet beter, absoluut niet. Het is de genade van God die ons daaruit bevrijd heeft. Vanwege Zijn grote liefde heeft Hij ons uit deze verschrikkelijke “geestelijke dood” levend gemaakt met Christus en zijn we nu door Zijn genade behouden (verg. Ef. 2:1-5).

Het is dus absoluut niet zo dat de christenen zich moeten aanpassen aan deze wereld, maar juist dat zij door een wandel met God laten zien dat God deze wereld liefheeft en op deze wijze getuigen van God zijn. Een wandel met God op zichzelf is dus een getuigenis in deze wereld. Deze wandel is een “wandel in het licht”, en daar kan de wereld niet tegen. Waarom niet? Omdat zij de duisternis lief heeft en daarom werken doet die in overeenstemming met de duisternis zijn, in overeenstemming met wat de vorst van de duisternis, satan, bedenkt.

Dit betekent ook dat het seksuele verval waarin de wereld van vandaag verkeert, voor christenen een ontoegankelijk terrein is, want een kind van God wil zich daarvan verre houden omdat het God onteert en in tegenspraak is met Zijn heiligheid. Daarover kan alleen maar oordeel komen. We zien ook dat God nu al de mensen in hun begeerten overgeeft aan onreinheid (o.a. homoseksualiteit) zoals we die ook in Sodom en Gomorra vinden (zie Rom. 1:18-32).

God veroordeelt dit duidelijk! Moeten wij als christenen ons dit niet meer aantrekken en duidelijk “in het licht” blijven?

Deze wereld kan niet anders dan dit goedpraten en dit proclameren. Dat gebeurt dan ook openlijk.

Onze gemeenschap met onze God en Vader zal ook ongetwijfeld grote schade lijden als we ons niet verre houden van de zonden van Sodom, in welke vorm of op welke wijze deze ook tot ons komen. We verliezen dan het contact met Hem en de vrede van God verdwijnt uit ons hart als wij niet in het licht wandelen (1 Joh. 1:5-6).

Sodom en Gomorra – Lot

Sodom en Gomorra worden vaak in één adem genoemd en stonden samen garant voor een structurele zondige wandel (Gen. 10:19; 13:10; 14:8,10,11; 18:20; Deut. 29:23; Jes. 13:19; Amos 4:11; Matth. 10:15; Mark. 6:11; 2 Petr. 2:6; Jud. 1:7).

De inwoners van deze beide steden stonden dus bekend als “zondaars tegen de Heer” (Gen. 13:13). Er werden in Sodom zelfs nog geen tien rechtvaardigen gevonden (Gen. 18:32).

Lot
Hoewel het voor Lot duidelijk moest zijn dat het niet goed ging met de bewoners van Sodom, ging Lot toch vlak bij hen wonen. Het begon dus met het toegeven aan zijn verlangen om zijn bezit te vermeerderen en daarom richtte hij zijn oog op de vruchtbare Jordaan-vlakte. Dit was het begin van de “wereldgelijkvormigheid” bij Lot. We lezen niet dat hij eerst de Heer gevraagd heeft. Hij zette vervolgens zijn tenten op tot bij Sodom. Door dit te doen stelde hij zich toegankelijk voor de inwoners van Sodom en kreeg onvermijdelijk een te hechte band met hen. Dat zien we dan ook snel gebeuren. Het heeft waarschijnlijk ook niet zo lang geduurd voordat hij zelfs in Sodom ging wonen (Gen. 13:10-12; 14:12). Hij nam dus afscheid van zijn tent. Hij vereenzelvigde zich met Sodom. We vinden hem zelfs in de poort van Sodom (Gen. 18:1). Iemand die in de poort zit behoort tot de ‘notabelen’, tot de ‘bestuurders’ van het volk. Hij neemt dan een belangrijke en verantwoordelijke positie in hun midden. Lot pleegt dus politiek terwijl hij hemelburger had moeten zijn. Een hemelburger echter woont – figuurlijk gezien – in ‘tenten’ en geeft daarmee aan dat hij geen burger is van deze wereld maar … van de hemel. Dat vinden we prachtig omschreven in het nieuwe testament door de apostel Paulus (Fil. 3:20-21).

Uiterlijk gezien was er geen verschil tussen Lot en Sodom. Innerlijk wel, zo leert ons het nieuwe testament, en gelukkig was dit zo (2 Petr. 2:6-10).

Lot liet zich helaas niet door de Heer onderwijzen in de weg van de wijsheid om zodoende te wandelen in de rechte sporen. Als hij dit wel gedaan had, was hij niet gestruikeld. Nee, hij koos ervoor om zich te begeven onder de goddelozen.

Afwijking
Wat had hij dan moeten doen? Wel, hij had de goddeloosheid van Sodom moeten verwerpen en aan haar voorbijgaan en van haar af moeten wijken. Lot praktiseerde deze bijbelse afwijking niet (verg. Spr. 4:11-15). Maar hoe zit dat met ons als christenen in onze tijd?

Laten wij ons soms ook niet intimideren door de zogenaamde schoonheid van deze wereld en haar genot? Durven wij vandaag nog wel “nee” te zeggen tegen deze wereld met alles wat daarin is? Wat onderscheidt ons eigenlijk nog van deze wereld als wij ons met haar vereenzelvigen? Praktiseren wij de bijbelse ‘afwijking’ nog, die alleen ons rust en vrede geeft in de gemeenschap met de Vader en de Zoon? Wandelen wij in het licht? (zie: 1 Joh. 1:3,5-10).

“Maar wat is er dan zo mis in deze wereld?”, vraagt u misschien. Daarvoor citeer ik u één vers: “Want al wat in de wereld is: de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven, is niet uit de Vader maar is uit de wereld” (1 Joh. 2:16). Dit moet voor ons voldoende zijn om te onderkennen dat wij de weg van Lot niet moeten gaan.

Goed en noodzakelijk is: “Heer Jezus, help mij U te volgen waar U ook heen gaat”. Verreweg het beste is: “Want te leven is voor mij Christus en te sterven winst” (Fil. 1:21).

Dat geeft een heerlijke innerlijke vreugde en geeft uiterlijke kracht om in deze wereld Hem te volgen en bij Hem te blijven.

Tot slot

Sodom en Gomorra ondergaan de straf van eeuwig vuur. Deze steden zijn het derde voorbeeld van bestraffing in de Judasbrief (Jud. 1:6-7). Niemand die Christus afwijst en Zijn verzoeningswerk zal de straf ontgaan die hierop volgen zal. Hij of zij staat niet geschreven in het ‘boek van het leven’ en wordt geworpen in de poel van vuur, de tweede dood (Openb. 20:11-15). Daarom: “laat u met God verzoenen” (2 Kor. 5:21) als dat nog niet gebeurd is. Nu kan het nog!!!

Sodom en Gomorra zijn dus wel zeer actueel en onderwijzend voor ons!

NOTEN:
1. ‘Wil’ hier is thelèma en drukt meer een verlangen óf voornemen uit.
2. ‘Wil’ hier is boulèma, dat een sterk wilsbesluit uitdrukt. Dit is een sterker woord dan thelèma.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol