2 jaar geleden

Homoseksualiteit

Bijbelplaatsen: Leviticus 18:22; Leviticus 20:13; Genesis 19; Richteren 19; Romeinen 1:26-27; 1 Korinthe 1:9-11; 1 Timotheüs 1:9-10.

Wat zegt de Bijbel over homoseksualiteit? Laten we eens kijken naar een aantal punten dat in dit verband steeds weer naar voren wordt gebracht. Het gaat daarbij alleen om argumenten, die zich op de Bijbel baseren (willen), niet om andere overwegingen.

Argumenten die aangehaald worden om  homoseksualiteit te rechtvaardigen

  • God is liefde, en daarom is de liefde van God. De liefde tussen man en man en vrouw en vrouw.
    Antwoord: Liefde heeft regels nodig. Er zijn verschillende uitingen van liefde. De seksuele liefde heeft volgens de definitie van de Bijbel haar plaats in het huwelijk tussen man en vrouw.
  • Er zijn voorbeelden in de Bijbel van homoseksuele partnerschappen, zie David en Jonathan (bijzonder 2 Sam. 1).
    Antwoord: Het bijbels bericht rechtvaardigt deze mening niet, er was geen seksuele relatie tussen David en Jonathan. David was (herhaaldelijk) getrouwd en werd blijkbaar door het andere geslacht sterk aangetrokken.
  • In Christus is geen man en vrouw (Gal. 3:28).
    Antwoord: Dit gaat niet over ons sociale leven in deze wereld. Daar zijn waarschijnlijk nog verschillen. Bovendien  blijft een man een man en een vrouw een vrouw. Het gaat hier over de positie van een gelovige voor God. In dit opzicht zijn er geen verschillen tussen man en vrouw.
  • Christus heeft homoseksualiteit niet veroordeeld.
    Antwoord: De Heer Jezus heeft vele zonden niet expliciet veroordeeld, zoals bijvoorbeeld pedofilie en pornografie. Het argument gaat niet op.
  • De cultuur verandert en daarmee ook het seksuele gedrag.
    Antwoord: Het huwelijk tussen een man en een vrouw werd ingesteld voordat er culturen waren. En in het oude Griekenland – in de tijd toen het Nieuwe Testament werd geschreven – was homoseksualiteit niet ongewoon. En de apostel Paulus nam daartegen toch stelling, hoewel het cultureel gevestigd was.
  • De negatieve uitspraken van de Bijbel over homoseksualiteit kan niet worden toegepast op de huidige homoseksuele partnerschappen.
    Antwoord: Natuurlijk kunnen we niet aan de context voorbijgaan, maar we moeten hem ook niet boven de tekst stellen. Want anders kunnen bijna alle bijbelse verklaringen omver gestoten worden. Dat, wat over het huwelijk in de bijbel gezegd wordt, gebeurt vaak in een bepaalde historische context – maar de werkelijke verklaring moet staan blijven. De negatieve uitspraken van de Schrift met betrekking tot homoseksualiteit, kunnen we niet negeren.

Argumenten die aangevoerd worden om homoseksualiteit af te wijzen

  • “U mag niet slapen met een mannelijk persoon, zoals u met een vrouw slaapt. Dat is een gruwel” (Lev. 18:22).
    Opmerking: Zelfs als een christen aan de wet is gestorven (Rom. 6), dan hebben toch de morele voorschriften van de wet hun betekenis  niet verloren (zie Ef. 6:1-2).
  • “Wanneer een man met een andere man slaapt, zoals men met een vrouw slaapt, dan hebben zij beiden iets gruwelijks gedaan. Zij moeten zeker ter dood gebracht worden. Hun bloed rust op henzelf” (Lev. 20:13).
    Let op: In 1 Timotheüs 1 wordt in verband met deze zonde uitdrukkelijk naar de wet verwezen, waarvan we de geboden niet zomaar terzijde kunnen schuiven.
  • In Sodom en Gibea kwam ’s nachts een horde mannen, die de in de stad gekomen bezoekers “bekennen” wilde, dus geslachtsgemeenschap wilde (Gen. 19; Richt. 19).
    Opmerking: Het doen van deze mannen in Sodom en Gibea wordt direct of indirect veroordeeld (daarbij is het natuurlijk belangrijk om op te merken, dat het om afgedwongen homoseksuele handelingen gaat).
  • “Daarom heeft God hen overgegeven aan onterende hartstochten; want ook hun vrouwen hebben de natuurlijke omgang vervangen door de tegennatuurlijke; en evenzo hebben ook de mannen de natuurlijke omgang met de vrouw opgegeven en zijn in hun lust tegen elkaar ontbrand, zodat mannen met mannen schandelijkheid bedrijven en het verdiende loon voor hun afdwaling in zichzelf ontvangen” (Rom 1:26,27).
    Opmerking: Hier wordt een natuurlijke omgang vergeleken met een tegennatuurlijke omgang (geslachtsgemeenschap). De vraag of een partnerschap snel wisselt of door meer wederzijdse verantwoordelijkheid wordt gekenmerkt, wordt niet gesteld.
  • “Weet u niet, dat onrechtvaardigen Gods Koninkrijk niet zullen beërven? Dwaalt niet! Geen hoereerders, afgodendienaars, overspelers, schandjongens, zij die bij mannen liggen1, hebzuchtigen, dronkaards, lasteraars en rovers zullen het Koninkrijk van God beërven. En dit waren sommigen [van u]; maar u bent afgewassen, maar u bent geheiligd, maar u bent gerechtvaardigd door de naam van de Heer Jezus Christus en door de Geest van onze God” (1 Kor. 6:9-11).
    Opmerking: Hier vinden we zowel de passieve partner (verwijfd mens) alsook de actieve (schandjongens). Beide groepen worden onrechtvaardig verklaard, die niet het Koninkrijk Gods beërven zullen.
  • “… doordat hij dit weet dat [de] wet niet bestemd2 is voor een rechtvaardige, maar voor wettelozen en weerspannigen, voor goddelozen en zondaars, voor onheiligen en ongoddelijken, voor vadermoorders en moedermoorders, voor doodslagers, hoereerders, hen die bij mannen liggen, mensenrovers, leugenaars, meinedigen en al wat verder ingaat tegen de gezonde leer, volgens het evangelie van de heerlijkheid van de gelukkige God, dat mij is toevertrouwd” (1 Tim. 1:9-11).
    Opmerking: Merk op dat ook hier de “schandjongens” weer genoemd worden en in welke context dit wordt geplaatst.
  • God heeft in het begin een man en een vrouw geschapen en beiden tot één vlees samengevoegd. Dat wordt door de Heer Jezus Christus uitdrukkelijk bevestigd (Matth. 19). Een homoseksueel partnerschap heeft in dit “kader van de schepping” geen plaats. Het huwelijk tussen man en vrouw wordt op veel plaatsen in de Bijbel als iets vanzelfsprekends beschouwd (Ef. 5; Kol 3; 1 Petrus 3 etc.); alternatieven worden daarbij niet genoemd. Het totale getuigenis van de Schrift is duidelijk.

Gerrid Setzer, © Bibelstudium.de

NOTEN VERTALER:
1. Homoseksuelen dus.
2. Een juridische term voor het in werking doen treden, het van kracht doen zijn van een wet.

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol