2 jaar geleden

De schepping (les 2) – Woest en ledig

Om deze cursus op Frisse Wateren te vinden, moet u zoeken op de titel: “De Schepping”.

“De aarde nu was woest en leeg, en duisternis lag over de watervloed; en de Geest van God zweefde boven het water” (Gen. 1:2).

Nu wordt onze blik op de planeet aarde gericht. Het wordt in de eerste beginfase als woest en ledig (Hebreeuws: tohu wa Bohu) beschreven. Dit blijft echter niet zo.

1. Hoe heeft God de aarde volgens Jesaja 45 vers 18 niet geschapen?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

God heeft de aarde niet woest en ledig geschapen. We laten open of deze toestand door de val van satan werd veroorzaakt, of dat het de toestand van de aarde is, vóor God Zijn scheppingswerk voortzette.

2. Een feit is, dat de satan tegen God opstond en in zonde gevallen is. Dit geval van de duivel wordt in Jesaja 14 vers 12-15 en in Ezechiël 28 vers 11-19 in profetische beelden beschreven. Het gaat daarbij om voorspellingen over de ondergang van de koning van Babel, of de koning van Tyrus. Maar de profeten komen ook over de val van degene te spreken, die achter deze koningen stond.

Welke positie heeft Satan vóór zijn val? (Ezech. 28:14,15)

3. Waarom werd hij ten val gebracht? (Jes. 14:13,14)

……………………………………………………………………………………………………….……………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

Wij stellen vast dat de zonde al vóór de zondeval van de mens in Gods schepping is binnengedrongen. Wanneer zich dat voordeed en wat de gevolgen daarvan waren, daarover zwijgt Gods Woord.

4. Vervolgens wordt beschreven, dat duisternis de aarde bedekte. Wat lezen we over God in 1 Johannes 1 vers 5?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

5. Hoe worden anderzijds de satanische krachten in Efeze 6 vers 12 ook genoemd?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

6. Wie worden er in de afgrond geworpen om tot het laatste oordeel bewaard te worden (2 Petr. 2:4)?

……………………………………………………………………………………………………….……………….

Let wel: Afgrond hier komt van het woord “tartarus” en is daarom een andere plaats dan wat we bijvoorbeeld vinden in Openbaring 20 vers 3, waar (en op 6 andere plaatsen in Openbaring) sprake is van “abyssus”.

7. En deze duisternis bedekt de afgrond (in de HSV vertaald met het woord ‘watervloed’). Met “diepte” (oerwateren) wordt een ruisende, diepe watermassa (watervloed) bedoeld, die vaak in de Bijbel de uitdrukking van Gods oordeel is. De volgende voorbeelden illustreren dit. Zoek de aangegeven verzen en geef de trefwoorden weer, om welk oordeel het gaat.

a. Genesis 6 vers 17: …………………………………………………………………………………..

……………………………………………………………………………………………………….……………….

b. Exodus 14 vers 27-28:……………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………….……………….

c. Jona 2 vers 5: …………………………………………………………………………………………..

……………………………………………………………………………………………………….……………….

d. Psalm 69 vers 3 en 15-16:……………………………………………………………………..

……………………………………………………………………………………………………….……………….

8. Tenslotte wordt er gezegd, dat de Geest van God boven het water zweefde. Hier wordt al gesproken over het handelen door de Geest van God. Altijd is de Geest van God werkzaam, wanneer een verfrissend  en herstellend werk gedaan moet worden.

Wat doet de Geest van God (Gods adem) in:

a. Psalm 104 vers 30? ………………………………………………………………………………..

……………………………………………………………………………………………………….……………….

b. Psalm 104 vers 30? ………………………………………………………………………………..

……………………………………………………………………………………………………….……………….

c. Ezechiël 37 vers 1-14? …………………………………………………………………………….

……………………………………………………………………………………………………….……………….

d. Johannes 3 vers 6 en 8? …………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………….……………….

© Bibelkurs.com

Geplaatst in:
© Frisse Wateren, R. Mol