2 Koningen 6:1-3
De kinderen der profeten zeiden tot Elisa: Zie nu, de plaats, waar wij wonen voor uw aangezicht, is voor ons te eng. Laat ons toch tot aan de Jordaan gaan . . . En hij zeide: Ik zal gaan.
2 Koningen 5:13
Mijn vader, zo die profeet tot u een grote zaak gesproken had, zoudt gij ze niet gedaan hebben? Hoeveel te meer, nu hij tot u gezegd heeft: Was u, en gij zult rein zijn?