Levenswoorden in het boek Handelingen (2)
In deze cursus hopen we iets te zien van onze Heere Jezus, in de dienst van apostelen en profeten, zoals die is opgeschreven in het boek Handelingen? Handelingen 2 is een buitengewoon rijk hoofdstuk in het Woord van God. We kunnen onmogelijk alles behandelen wat hier verteld wordt. In Handelingen 2 wordt de geboortedag van de Gemeente van Christus beschreven.
Levenswoorden in het boek Handelingen (3)
In Handelingen 3, 4 en 5 leggen Petrus en de apostelen getuigenis af van hun geloof in de Heere Jezus Christus. Zij spreken over de Knecht des Heeren, over de Vorst des levens en gebruiken nog vele andere van Zijn namen. Uiteindelijk verblijden zij zich dat zij voor de Naam smaad mogen lijden (5:41). In deze les zullen we nagaan hoe ze over Hem spreken, en welke namen zij voor Hem gebruiken. Die namen zijn wondermooi. Als God in ons leven bewerkt dat wij de rijkdommen van de namen van Zijn Zoon leren kennen, gaan wij Hem zeker meer liefhebben!
Levenswoorden in het boek Handelingen (4)
In Handelingen 6 wordt ons een nieuwe prediker voorgesteld: Stefanus. Zijn naam betekent "Krans" of "Kroon"? "Wees trouw tot de dood, en ik zal u de kroon des levens geven" (Openbaring 2:10). Deze beloning zal zeker aan Stéfanus worden gegeven! In Handelingen 7 mag Stéfanus, geleid door de Heilige Geest, levenswoorden spreken. Hij spreekt over Gods genadige hand in de geschiedenis van Israël. Hij moet er ook over spreken dat Israël keer op keer de door God gezonden dienstknechten verwierp, en Gods wet brak. In zijn prediking kent hij geen diplomatie. Hij hamert op het geweten, en toont aan dat Israël zodoende de Rechtvaardige, Christus zelf, verwierp. Hij vreest de dood niet. Uiteindelijk mag hij in zijn martelaarsdood op de Heere Jezus wijzen, en mag hij in zijn sterven zelfs op Hem lijken.
Levenswoorden in het boek Handelingen (5)
In Handelingen 8 sprak Filippus levenswoorden. Voor ons een geweldig voorbeeld. Hij zei als het ware, zoals de apostel Paulus dat uitdrukt: "Ik zal over niets anders spreken dan over Jezus Christus, en die gekruisigd!" (naar 1 Korinthe 2:2). Hoe zit dat met ons? Waarover spreken wij?
Levenswoorden in het boek Handelingen (6)
Je zou bijna denken: In een cursus over "Levenswoorden" moeten we Handelingen 9, de bekering van Saulus, misschien overslaan. Hier spreekt immers geen van de apostelen of profeten "Levenswoorden". O nee? Hier spreekt de Heere Zélf, in woord en daad, en het leidt tot de bekering van de grootste van de zondaren! Verder zijn natuurlijk ook de woorden van Ananias leerrijk en vertroostend, échte "Levenswoorden".
Levenswoorden in het boek Handelingen (7)
We vervolgen onze Bijbelcursus over het boek Handelingen bij hoofdstuk 9:32. Vanaf hier, en vervolgens in de hoofdstukken 10, 11 en 12, lezen we hoe de apostel Petrus door God wordt gebruikt om te getuigen van zijn Heere. Ook hij spreekt "Levenswoorden", en wel op een heel bijzondere wijze. In de hoofdstukken 10 en 11 gebruikt hij de sleutel van het koninkrijk der hemelen, om de heidenen toe te laten (Mattheüs 16:19). Om de geweldige betekenis van Handelingen 10 en 11 goed te begrijpen moeten we eerst duizenden jaren terug in de tijd. In Genesis 11 lezen we, dat kort na het oordeel van de zondvloed, de mens opnieuw tegen God in opstand kwam. Hij wilde een toren tot in de hemel bouwen. God moest ingrijpen.
Levenswoorden in het boek Handelingen (8)
In Handelingen 11:19 tot 12:25 zien we hoe het ware Christelijk geloof zich openbaart: In vervolging; in prediking; in vermaning en onderwijs; in medeleven en giften; in afhankelijkheid en verhoring; in eigen onmacht en in kracht van God; in blijdschap en in groei. We zien Gods hand in twee gemeenten: Antiochië en Jeruzalem. God bouwt en vertroost beiden, met Goddelijke wijsheid en liefde, echter op geheel verschillende wijze. Ook zien we Gods hand in het leven van twee mensen: Petrus, een gelovige, ogenschijnlijk kwetsbaar en hulpeloos; Herodes, weigerachtig om zich voor God te buigen, trots, machtig, meedogenloos.
Levenswoorden in het boek Handelingen (9)
In Handelingen 13 en 14 lezen wij over de 1e zendingsreis van Paulus (Cyprus en het huidige Turkije). In de geschiedenis van Petrus en Cornelius hebben we gezien dat de deur werd geopend om het evangelie naar de volken (de heidenen) te brengen. Nu moet dat ook daadwerkelijk gaan gebeuren. We kunnen ons goed voorstellen dat de eerste gemeenten dit niet zomaar, op eigen gezag en in eigen kracht gaan doen.
Levenswoorden in het boek Handelingen (10)
In Handelingen 15 lezen wij over het zogenoemde "Apostelconvent"?. We bedoelen daarmee: de apostelen te Jeruzalem komen samen, met de oudsten van de gemeente te Jeruzalem, om een belangrijke leerstellige vraag te beantwoorden. De apostelen hadden van de Heere Jezus gezag ontvangen om bindende uitspraken te doen in belangrijke vragen. Zo'n gewichtige vergadering kan nu, in die vorm, niet meer plaatsvinden ...
Levenswoorden in het boek Handelingen (11)
In Handelingen 15:36-18:22 vinden wij het verslag dat de Heilige Geest geeft van de tweede zendingsrels van Paulus. In deze les gaan we daar even wat dieper op in.
Levenswoorden in het boek Handelingen (12)
In Handelingen 18:23-21:17 vinden wij het verslag dat de Heilige Geest geeft van de derde zendingsreis van Paulus. We kunnen wel zeggen dat in deze derde reis vooral een herderlijke dienst wordt verricht.
Levenswoorden in het boek Handelingen (13)
We beëindigden de vorige cursus met de derde zendingsreis van Paulus. We vervolgen onze Bijbelcursus over het boek Handelingen nu bij hoofdstuk 21:19. Paulus is teruggekeerd van zijn derde zendingsreis en ontmoet Jakobus en de oudsten van de gemeente te Jeruzalem. Paulus gaat nu een, naar de mens gesproken, moeilijke tijd tegemoet. Vanaf deze plaats in het boek Handelingen, tot het einde van het boek, is één doorlopend verslag van wat hem overkomt aan verdrukking, beproeving en gevangenschap.
Levenswoorden in het boek Handelingen (14)
In deze les zullen we geen hoofdstukken of geschiedenissen uit het boek Handelingen nagaan. We zullen slechts één tekst behandelen: “... de Heere stond bij hem ... “ (Handelingen 23:11). Wat een heerlijke gedachte, wat een genade, dat de Heere ons zó opzoekt, zó dicht wil naderen, dat Hij bij ons is; ... aan onze zijde is.
Levenswoorden in het boek Handelingen (15)
In les 13 zagen we Paulus’ terugkeer in Jeruzalem en de haat en beschuldigingen van de Joden tegen hem. Tot twee keer toe zagen we hoe God uitgerekend het Romeinse leger gebruikt om Paulus te redden [eenmaal in de stad (21:33-33) en eenmaal in de Joodse raad (23:10)]. In les 14 zagen we dat de Heere niet alleen over hem waakt, maar dat Hij hem ook opzoekt, troost en bemoedigt. In les 15 vervolgen we de geschiedenis van Paulus’ verdrukking en gevangenschap.
Levenswoorden in het boek Handelingen (16)
In les 15 zagen we Paulus voor stadhouder Felix staan. Nu lezen we zijn getuigenis voor stadhouder Festus en voor koning Agrippa.. Wat was een stadhouder? Wij zouden zeggen: een gouverneur, dat is een vertegenwoordiger van een centraal gezag (Rome) in een onderworpen gebied (Palestina). Agrippa was koning. Hij stond aan het hoofd van het Joodse volk. Het belangrijkste verschil tussen de macht van de stadhouders en de koningen was dat de gouverneurs de (Romeinse) militaire macht hadden; de koningen hadden geen militaire macht. De Herodiaanse koningen hadden wel politieke en culturele invloed; ze waren echter volledig onderworpen aan de Romeinse keizer. Agrippa en Bernice komen misschien sympathiek over, maar we mogen ons niet laten misleiden. Zij zijn broer en zus, die met pracht en praal als paar optreden ....
Levenswoorden in het boek Handelingen (17)
In de vorige les zagen we dat Paulus getuigenis aflegde voor koning Agrippa. Agrippa komt tot de slotsom dat deze man vrijgelaten had kunnen worden, als hij zich niet op de keizer had beroepen (Handelingen 26:32). Dit beroep moest Paulus plegen, vanwege de haat van de Joden, en vanwege de onbetrouwbaarheid van stadhouder Festus. We lezen nu Handelingen 27, en zien wat Paulus overkomt op de zeereis naar Rome, op weg naar de keizer, op wie hij zich beriep.
Levenswoorden in het boek Handelingen (18)
Voordat we verder gaan met Handelingen 28, eerst nog even terug naar een onderwerp uit les 14, dat wat reacties opriep. Daar stond in de cursus (n.a.v. Handelingen 18:9-10): “Op deze wijze zal de Heere zich aan ons niet meer openbaren. Wij hebben Zijn Woord en Zijn Geest ontvangen, en daarom bedient Hij zich nu niet meer van “gezichten” (visioenen, openbaringen)”. Hierover de volgende toelichting ...